Existentieel twijfelende varkens verbeeld

Het varken was in de schilderkunst lange tijd een anoniem boerderijdier dat ergens aan de rand van het doek rondscharrelde. Maar op de tentoonstelling 'Varken in Vorm' zien we juist close-up-portretten van varkenskoppen, met gevoel voor psychologie geschilderd.

Pietje zit er psychisch duidelijk even helemaal doorheen. Wat wil je ook, met zo'n beroep. Pietje is een dekbeer, een varken dat de hele dag door zeugen moet bevruchten.

En als je dan na zo'n drukke werkdag weer eenzaam in je stal ligt, met alleen een hoopje stro om je gezelschap te houden, dan gaat het toch malen in je hoofd. Pietje's ogen zijn althans niet de ogen van een machovarken, ze lijken eerder door twijfel verteerd te worden. Zijn kop ziet er uitgemergeld uit. Is hij moe? Levensmoe zelfs? Komt die eenzaamheid extra hard aan na een dag lang bevruchten? Snakt hij dan niet eens naar échte liefde? Is het het allemaal waard?

Of worden varkens helemaal niet verscheurd door zulke existentiële vragen?

Nee, natuurlijk niet, zult u nu geneigd zijn te roepen. Maar u bent waarschijnlijk ook nog niet op de tentoonstelling 'Varken in Vorm' geweest. Museum Møhlmann in Appingedam vroeg 38 Nederlandse kunstenaars om een bijdrage te leveren aan een overzicht van het 'hedendaagse varkensstuk'. En dat leverde opvallend veel persoonlijke, intieme, haast psychologische portretten van varkens op. Zoals die dekbeer van zojuist, op een schilderij van Luit Timmer.

Vergelijk dat eens met de varkens zoals ze eeuwenlang afgebeeld werden. Bijvoorbeeld in de Gouden Eeuw. Als er destijds een boerenhofje of een straatbeeld geschilderd werd, scharrelde er vaak ook wel ergens een varken rond. Een varken hoorde er nou eenmaal bij. Veel gezinnen hadden er eentje rondlopen, dat ze vetmestten en vervolgens slachtten om de winter door te komen.

Af en toe was het varken zelf ook het hoofdonderwerp. In Museum Møhlmann is bijvoorbeeld een mooi prentje van Rembrandt te zien, 'De Zeug'. Maar dat zijn dan toch eerder studies in compositie en anatomie dan psychologische portretten.

Inmiddels is er natuurlijk het een en ander veranderd. Inmiddels hebben we onze varkens opgeborgen in megastallen, en daarmee uit ons dagelijks leven en ons blikveld gebannen. Een interessant idee dus, om kunstenaars nu de opdracht te geven om het varken te verbeelden. Hoe maken ze het onzichtbaar geworden varken weer zichtbaar?

Sommige schilders herinneren ons eraan dat we nog steeds omgeven worden door varkens. Maar dan wel dode varkens, industriële eindproducten. Zo schildert Ruth van Royen een schilderkwast, die gemaakt is van varkensharen. Mooi is ook haar schilderij 'R.I.P. - Rookworst In Plastic'. En er zijn nog een paar schilders die het varken bijvoorbeeld in de vorm van een stuk spek schilderen.

Maar voordat het varken spek, kwast of rookworst wordt? Wat gebeurt er dan? Kennelijk hebben we het varken zo goed weggestopt, dat maar weinig kunstenaars zich daar iets bij kunnen of willen voorstellen. Op slechts een paar schilderijen zien we het varken afgebeeld met zijn moderne stigma: het gele oormerk. In de meeste werken zijn de bio-industrie, of zelfs maar de biologische varkensboerderij, opvallend afwezig.

In plaats daarvan trekt een hele stoet vermenselijkte varkens aan ons voorbij. Vaak is niet eens het hele varken afgebeeld, maar is de varkenskop in close-up geschilderd, waardoor je haast gedwongen wordt om die psychologisch te interpreteren. 'Varken 2' van Theo Onnes blikt peinzend de zaal in. 'Baarchje' van Hinke Posthuma ziet er ietwat teleurgesteld uit, alsof ze haar zin niet gekregen heeft.

Tja, hoe moeten we dat duiden? Wie zijn eigen varken over een paar maanden, misschien wel met eigen handen, gaat slachten, is waarschijnlijk ook niet zo geneigd om allerlei menselijke emoties op het beest te projecteren. En zo was het natuurlijk tot niet zo heel lang geleden. Maar wie gekweld wordt door een mild, onbehaaglijk schuldgevoel over hoe de hedendaagse samenleving de industriële vleesproductie georganiseerd heeft, gaat zijn gemengde gevoelens misschien ook wel projecteren op zijn beeld van het varken.

Hoewel? De vermenselijking van het varken bereikt een hoogtepunt bij het drieluik 'Geert, Mark en Maxime', van Siegfried Wolhek. Daar kun je lang over doorpsychologiseren, maar de luidkeels knorrende Geert, de opgeruimde Mark en de duister loerende Maxime zijn vooral heel geestig.

Natuurlijk, hier zijn we bijna in het domein van de sprookjes en de fabels beland, en in die wereld is een pratend, menselijk varken niets nieuws. Maar zulke varkens waren symbolisch: in 'Animal Farm' van George Orwell worden de leiders van de boerderij voorgesteld als varkens, en dan snapt iedereen gelijk welke kritische boodschap de schrijver ons wil meegeven.

Veel varkens op 'Varken in Vorm' staan niet symbool voor iets, maar lijken een binnenwereld te bezitten, waar je naar kunt gissen. En ze lijken dat clichébeeld van het varken dat we bij Orwell nog wel aantreffen, van een vies, onrein beest, juist te willen ontkrachten.

Zoals bij een van de mooiste werken op de tentoonstelling, het melancholische varken van Ton van Steenbergen, dat ons, toeschouwers, een beetje op het gemoed probeert te werken. Ze kijkt ons aan en lijkt ons te vragen: waarom slachten jullie mij eigenlijk? Of stellen varkens helemaal niet zulke existentiële vragen? Nou, vooruit, misschien toch wel niet, misschien hebben wij mensen gewoon wel een varken nodig om die vraag aan onszelf te stellen.

'Varken in Vorm' is nog tot 1 juli te bezichtigen in Museum Møhlmann in Appingedam.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden