Ex-patiënt staat met lege handen

Mensen die tijdens een ziekenhuisbehandeling schade lijden, kunnen die verhalen bij de verzekeraar van het ziekenhuis. Behalve als dat ziekenhuis failliet gaat. Dan moeten ze achter aansluiten in de rij met schuldeisers, blijkt nu.

Charles Dannenberg had al zijn hele leven last van brandend maagzuur na het eten. Omdat de klachten steeds erger werden, stuurt zijn huisarts hem naar de internist voor onderzoek. Daar blijkt Dannenberg een middenrifbreuk te hebben. Gelukkig is de aandoening goed te opereren. Tijdens de ingreep wordt de breuk hersteld, waardoor het middenrif strak komt te staan. De chirurg probeert het vlies op te rekken, maar dan gaat het mis. Er ontstaat een buikholteontsteking, die overgaat in een darmperforatie die te laat wordt ontdekt.

Hoewel Dannenberg redelijk herstelt van de operatie houdt hij er psychische problemen aan over. Ook is hij snel moe. Hij besluit daarom zijn schade te verhalen op het ziekenhuis. De instelling heeft voor dit soort gevallen tenslotte een aansprakelijkheidsverzekering.

Tegen de tijd dat Dannenberg zijn claim indient, is het ziekenhuis echter failliet. De schadeverzekeraar van het voormalige ziekenhuis weigert de claim in behandeling te nemen. Volgens de polisvoorwaarden verviel de verzekering op het moment dat het ziekenhuis bankroet ging. Dannenberg staat nu met lege handen.

Lang was dit een fictieve situatie, omdat ziekenhuizen in Nederland niet failliet konden gaan. Tegenwoordig staat de overheid noodlijdende ziekenhuizen echter niet meer bij. Er is marktwerking in de zorg en dus moet een ziekenhuis om kunnen vallen.

Vorig jaar leidde dit tot het eerste bankroet in ziekenhuisland. Het Ruwaard van Putten Ziekenhuis (RPZ) bleek niet langer levensvatbaar.

Ook het RPZ had een zogenaamde 'claims- made-polis'. Dat betekent dat alle eventuele claims ingediend moesten worden binnen de verzekerde periode. Claims die daarna worden ingediend, zal de verzekeraar niet in behandeling nemen. Die verzekerde periode liep tot 1 juli, toen het failliete RPZ werd overgenomen door drie omringende ziekenhuizen. Volgens curator Henri Bentfort van Valkenburg van het RPZ dreigen elf patiënten nu het slachtoffer te worden van de situatie.

Allen dienden een claim in na 1 juli 2013. Die claim had wel betrekking op zorg die door het Ruwaard was geleverd. Alle oud-patiënten kregen van de betreffende schadeverzekeraar, Medirisk, nul op het rekest. Dannenberg is overigens niet een van hen; hij is een fictief personage. De curator mag niet zeggen wie de patiënten zijn die het betreft. Trouw sprak wel de advocaat van één van hen, maar uit vrees dat publiciteit de zaak van zijn cliënte schaadt, laat ook hij niets los.

Bentfort: "In het uiterste geval zou dat betekenen dat deze patiënten moeten proberen hun schade te verhalen op de boedel. De patiënten krijgen daarbij alleen geen voorrang op andere schuldeisers." De curator is bij wet verplicht om vorderingen van bijvoorbeeld banken als eerste te behandelen. Pas daarna komen alle andere schuldeisers.

Omdat patiënten dan heel lang moeten wachten en ze bovendien maar weinig kans maken op een schadevergoeding uit de boedel, daagt Bentfort de schadeverzekeraar van het RPZ nu voor de rechter. In de eerste plaats omdat hij vindt dat Medirisk de claims in behandeling moet nemen. Ten tweede omdat de curator vindt dat patiënten zich altijd rechtstreeks tot de verzekeraar moeten kunnen wenden, ook in geval van een faillissement.

De zaak zou later van grote betekenis kunnen blijken. Omdat ziekenhuizen in het verleden niet failliet konden gaan, hebben ze allemaal dezelfde soort polis afgesloten als het Ruwaard van Putten destijds. Dat betekent dat alle Nederlandse ziekenhuispatiënten eventuele schade niet kunnen verhalen als hun ziekenhuis failliet gaat. En die kans is reëel, nu meerdere ziekenhuizen in het land financieel zwak staan.

Niet alleen patiënten die in de periode kort voor een faillissement behandeld worden, lopen risico. Medische schade blijkt soms pas maanden of jaren na de behandeling. "Normaal gesproken heb je tot wel zeven jaar na dato recht om een claim in te dienen. Dat recht wordt voor patiënten van het voormalige RPZ nu wel heel ernstig ingeperkt," zegt adjunct-directeur Marcel Remijn van Spijkenisse Medisch Centrum, zoals de opvolger van het RPZ heet. De nieuwe kliniek steunt de curator dan ook in diens zaak.

Afspraken maken
De Nederlandse Patiënten en Consumenten Federatie (NPCF) wil dat ziekenhuizen en hun schadeverzekeraars samen afspraken maken. "De patiënt mag hiervan nooit de dupe zijn," zegt directeur Wilna Wind.

Een oplossing zou kunnen zijn dat ziekenhuizen een andersoortige polis afsluiten. Eentje die ook de schade vergoedt als de instelling failliet is. In de jaren '90 bestonden dat soort polissen nog, zo zegt de woordvoerder van Medirisk. Er werd vanaf gestapt omdat het lastig was de premie te bepalen. Dat kwam doordat patiënten nog jaren na dato een claim kunnen indienen. Zo kon de verzekeraar niet inschatten hoeveel schade zou moeten worden uitgekeerd.

Het betekent dat een dergelijke verzekering dus duurder is voor de ziekenhuizen. Maar hoeveel duurder dat zou zijn, kan Medirisk niet zeggen. Het RPZ betaalde in het jaar van het faillissement een premie van ongeveer anderhalve ton per jaar. Op een totale omzet van een kleine zeventig miljoen euro.

Het RPZ is na het faillissement overgenomen door een drietal ziekenhuizen uit de omgeving. Feitelijk zetten die het ziekenhuis in Spijkenisse voort, maar dan met een iets ander zorgaanbod. De NPCF vindt daarom dat de nieuwe kliniek de 'morele verplichting' heeft om eventuele klachten van patiënten over te nemen. Betrokkenen zeggen dat daarover gesproken is, maar dat Medirisk die mogelijkheid uiteindelijk niet bood.

De curator betwist of dat rechtmatig is. "Het RPZ had de premie voor het hele jaar vooruit betaald. Er is geen enkel financieel belang om de claims te weigeren. Te meer daar het SMC gewoon hetzelfde ziekenhuis is."

Kamerlid Henk van Gerven (SP) vindt de ontstane situatie schandalig. "Medirisk moet gewoon uitkeren. Ze zijn uit op het minimaliseren van de schadelast," vermoedt hij.

De SP-fractie werkt al langere tijd aan een wetsvoorstel voor een medisch letselschadefonds. Dat fonds zou de claims in behandeling moeten nemen en eventuele schade moeten vergoeden. Van Gerven denkt dat een degelijk fonds een goede oplossing zou zijn in geval in de toekomst ziekenhuizen ten onder gaan - wat van de SP overigens niet mag gebeuren.

Naast Van Gerven hebben ook zijn collega's Hanke Bruins Slot (CDA) en Lea Bouwmeester (PvdA) maar weinig vertrouwen in het oplossend vermogen van de zorgsector.

Beiden gaan minister Edith Schippers vragen om een oplossing te vinden voor het probleem. Bruins Slot: "Zij moet ervoor zorgen dat als een ziekenhuis failliet gaat, patiënten nog wel voldoende rechtsbescherming hebben." Ze laat het graag aan de specialisten van het ministerie over om oplossingen uit te werken.

Bouwmeester vindt dat het in eerste instantie aan de ziekenhuizen en verzekeraars is om te zorgen voor betere polisvoorwaarden. Mocht dat niet lukken, dan wil ze patiënten in geval van een bankroet voorrang geven op andere schuldeisers. Op die manier kunnen patiënten in elk geval de schade verhalen.

Specialisten plukken
Als de schade niet verhaald kan worden op de verzekering van het ziekenhuis, dan is de verzekering van de specialisten misschien een alternatief. Zo redeneren althans een aantal letselschadeadvocaten. Eén van hen staat ook daadwerkelijk een patiënte van het RPZ bij die te laat een claim indiende. Maar of dit een kansrijke weg is, wordt betwist. Zo vallen specialisten in de meeste ziekenhuizen allemaal onder de schadeverzekering van het ziekenhuis, of ze nu in loondienst werken of vrij gevestigd zijn. Ook in het RPZ was dit het geval. De specialisten hebben dus geen eigen verzekering voor hun werkzaamheden in het ziekenhuis. Dan zouden de specialisten privé moeten worden geplukt.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden