Eventing moet uit diep dal komen

door Fred Troost

De 36ste editie van de Military van Boekelo gaf weinig reden tot juichen over het Nederlandse eventing. Maar het komt goed, weet de bondscoach heel zeker.

Martin Lips is een positief mens, een goedlachse optimist. Dat het resultaat van de Nederlandse eventingploeg – zesde – in Boekelo niet imponeerde, zei hem niet veel. ,,Iedere ruiter rijdt hier eerst voor zichzelf, voor het Nederlands kampioenschap.’’ Begripvol zag hij toe hoe van de zes gestarte combinaties de helft niet door de uithoudingsproef kwam.

Wie de cross wel uitreed, illustreerde onbewust zijn woorden. Nynke Sminia na haar rit: ,,Ik weet niet wat mijn tijd is, ik weet niet hoeveelste ik ben; ik ben allang blij dat ik hem uitgereden heb.’’

De staat van het Nederlandse eventing werd er dit weekend in Boekelo niet duidelijker door, maar bleef verborgen achter absenties, excuses en licht-overspannen vreugde als weer een onderdeel heelhuids afgelegd was.

Van de ploeg die op het WK in Aken achtste werd, deed niemand in Boekelo mee. Jan van Beek heeft zijn arm gebroken, het paard van Chantal Megchelenbrink kreeg rust en Werner Geven is terug naar Amerika. Lips omzeilde de vraag of hij op Geven, Amerikaan met Nederlands paspoort, in de toekomst nog eens een beroep zal doen. Zijn twijfels vinden hun grond in Gevens tegenvallende WK-prestatie. ,,Er zijn meer rijders net een Nederlands paspoort die elders wonen. Sommigen roep ik op, anderen melden zichzelf. Dat zijn meestal niet de ruiters waar we het van moeten hebben.’’

Dit maal presenteerde zich ene Andrew Heffernan bij hem, een Engelse jongeman met een Nederlandse moeder en dito paspoort. Hij haalde het eind van de cross-country niet en bewees daarmee Lips’ scepsis.

,,Als er een WK is, lopen de beste paarden niet in Boekelo’’, meent Lips. ,,Dat beperkte hier mijn mogelijkheden. De meeste afwezigen hebben maar één of twee toppaarden en konden daarom niet aan de start komen. Dat is jammer.’’

Bij absentie van alle rijders uit het A-kader – ook meervoudig nationaal kampioen Alice Naber wier paard nog revaliderend is ontbrak – won Madelein Brugman (op Sundancer) de Nederlandse titel. Een pijnlijke vaststelling voor de bondscoach: Brugman was niet opgenomen in het Nederlands team.

Toch heeft de bondscoach in het afgelopen jaar kwaliteitsgroei geconstateerd. ,,Op het WK werd de ploeg achtste. We zitten heel dicht tegen een kwalificatie voor de Olympische Spelen aan; daarvoor moeten we bij de beste vijf Europese landen rijden.’’ Olympische deelname in 2008 zou voor het eerst sinds 1992 zijn.

,,Ik ben pas een jaar bezig’’, verontschuldigt Lips zich. ,,Voor ik begon, was er niks; men deed maar wat. Nu is er een centrale training, een planmatige aanpak, er ligt een jeugdplan en we ontwikkelen talenten.’’

Het steekt hem dat eventing er in Nederland maar een beetje bijhangt. ,,In Engeland is eventing belangrijker dan dressuur of springen. Ik zou willen dat een paar goede springruiters voor eventing zouden kiezen. Dat gaat gebeuren, zeker weten. Ik ben al met een paar springruiters in gesprek en die voelen er veel voor.’’

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden