Interview

Eva Jinek kan ook zonder de juiste make-up goed presenteren

Eva Jinek. Beeld Ringel Goslinga

Eva Jinek won dit jaar een Zilveren Televizier-Ster, schoof voor het uitblinkersdiner aan bij het koninklijk paar en werd door Harper’s Bazaar verkozen tot ‘Vrouw van het Jaar’. Is Nederland eindelijk aan haar gewend?

En het gebeurt weer. Precies zoals eerder dit jaar, toen ze bij ‘De Wereld Draait Door’ aanschoof om over de tweede reeks van haar programma ‘De Verenigde Staten van Eva’ te praten: haar gezicht verstrakt, de blik in haar ogen gaat van vrolijk naar ernstig. Ze vertelt over de derdewereldtoestanden die ze aantrof in het land waar ze geboren werd. Over een plaats in West Virginia waar eens per jaar, drie dagen lang, honderden mensen naartoe komen om gratis door een dokter, een tand- of een oogarts te worden geholpen.

“Die aflevering heeft er zó ingehakt... Tijdens de montage, toen ik de voice-over moest inspreken, zat ik bijna wéér te huilen. Ik draaide in Amerika tijdens mijn talkshow-shift dus was er op zaterdagochtend heen gevlogen. De jongens van mijn ploeg kwamen me ophalen. Ze waren tijdens de drie uur durende rit naar de locatie doodstil, er werd nauwelijks gesproken. Ik dacht dat ze ruzie hadden gehad of zo. ‘Wat is er aan de hand, jongens?’ ‘Nee, niks, je moet zelf maar even kijken.’ Nou, ik heb het gezien... Hele gezinnen, slapend in hun auto - om er de volgende morgen op tijd bij te kunnen zijn. Ouderen met open wonden, kinderen met verrotte gebitten. Mensen die van binnen helemaal kapot waren. Uitgeblust, totally numb. Amerikanen zijn normaal gesproken heel out-going, ze willen meteen alles van je weten, maar deze mensen liepen daar als zombies rond en het leek hen helemaal niets meer te interesseren dat wij daar met een cameraploeg waren. Ik kreeg het gevoel dat ze nog maar één stap verwijderd waren van zichzelf in het openbaar ontlasten. En in die treurige, grauwe massa zag je - lichtgevend haast - de artsen: beeldschone mensen, vaak Pakistani’s of Iraniërs, die non-stop bezig waren om de ellende van die arme Amerikanen een beetje te verlichten.”

Werkt het relativerend om zo’n toestand onder ogen te komen?

“Tuurlijk. Ik weet wel dat je leed niet met leed moet vergelijken, maar als je in een land leeft waar voor veel mensen de manier waarop Zwarte Piet verschijnt een grote zorg is, dan heb je het als land toch wel verdomde goed. Niet dat ik daar nou een uitgesproken mening over heb maar -”

Hoezo niet?

“Ik hoef niet overal iets van te vinden. Natuurlijk ben ik wel eens verbijsterd of verwonderd, maar dan wil ik vervolgens gewoon weten hoe het zit. Dat is iets anders dan: overal mijn zegje over doen. Dat vind ik sowieso een vervelend Nederlands trekje. Iedereen heeft steeds maar weer een mening over van alles en nog wat. Het is echt stuitend om te horen hoe zelfverzekerd mensen stellingen poneren over onderwerpen waar ze helemaal geen verstand van hebben. Als je mij vraagt of ik begrijp waarom mensen op Trump hebben gestemd, kan ik daar - op basis van mijn ervaring - wel iets zinnigs over zeggen. Als je wil weten wat er zo belangrijk is aan een vrouwenquotum, zal ik me daar, als feministe, zeker over uitspreken.”

En als je iets moet zeggen over de vluchtelingencrisis?

“Ik ben het kind van vluchtelingen. Ik weet hoe het voor hen is geweest om alles achter te moeten laten, dus ja: ik voel bij voorbaat al een zekere sympathie en het maakt me ziedend als die groep wordt weggezet als een stelletje profiteurs. Tegelijkertijd kan ik ook niet gaan roepen dat we alle grenzen maar open moeten gooien. Lastig onderwerp. Zeker ook aan de talkshow-tafel.”

Mag je die woede laten zien of moet je je inhouden?

“Ik moet me inhouden omdat het niet alleen maar over mij mag gaan, maar ik wíl mezelf ook afschermen. Het is helemaal niet goed als iedereen alles van me weet. Als ik jou zou gaan vertellen waar ik gisteravond was, met wie, wat ik vanochtend als ontbijt heb gegeten of welke kleur onderbroek ik nu draag, hangt die informatie in je achterhoofd op het moment dat je naar ‘Jinek’ kijkt. Zoiets leidt af. Het belast mijn rol als talkshow-host.”

Hoe kan die roze onderbroek jouw rol als talkshow-host nou belasten?

“Omdat jij dan - terwijl ik, bijvoorbeeld, met een politicus praat over de afschaffing van de dividendbelasting - naar mij zit te kijken en denkt: ja, maar ze heeft wel een roze onderbroek aan. Irritant, eigenlijk! Waarom roze? En zou ze elke dag een andere kleur dragen?”

Eh...

“Nou goed, misschien denk jíj dat soort dingen niet Arjan Visser, maar wat ik bedoel te zeggen is: hoe meer ik invul wat ik vind, wat ik doe, waar ik al dan niet van houd, hoe meer de kijker dáárop gefocust zal zijn.”

Is het feit dat jij zo ‘jezelf’ bent niet juist het geheim van je succes?

“Jawel, maar ‘jezelf zijn’ betekent vooral: niet toneelspelen. Niet doen alsof je iets heel erg interessant vindt, terwijl het je eigenlijk niks kan schelen. Niet spelen dat je boos bent als dat niet zo is. Mensen voelen het namelijk onmiddellijk als je onoprecht bent.”

Dit is een goed jaar voor jou geweest: je won prijzen, je werd een verademing genoemd, de beste in je vak. Hoe kon dat zo gebeuren?

“Als ik met een beetje afstand naar mezelf kijk, zie ik dat er twee dingen zijn gebeurd: in mij en buiten mij. Buiten mij: mensen moeten altijd wennen aan iets nieuws, aan een meisje met een vreemde achternaam en een Amerikaans accent, ‘die van het Journaal’, dat ‘ijskonijn’, ga zo maar door. Kennelijk is dat proces van gewenning achter de rug. Ik hoor nooit - in ieder geval niet in mijn gezicht - meer iets over mijn uiterlijk of hoe ik praat; het gaat altijd over het onderwerp of over mijn gasten. En wat mezelf betreft: het lijkt misschien wel alsof dit succes er nu in één keer is, maar ik heb wel tien jaar ervaring opgedaan en ik weet inmiddels dat ik op mezelf kan rekenen. Als het lastig wordt, durf ik te zeggen dat ik er niet uitkom, een grap te maken of een vraag gewoon nog eens te stellen. Ik ben nooit reddeloos verloren. Daardoor ben ik ook zelfverzekerder geworden.”

Gaan werk en privé hier hand in hand? Ik bedoel: als het persoonlijk goed met je gaat, zie ik dat dan ook terug op televisie?

“Nou... Ik herinner me dat ik één van de moeilijkste interviews uit mijn carrière heb gedaan nadat ik een nacht had wakker gelegen omdat mijn relatie was uitgegaan. Ik weet zeker dat de kijkers daar helemaal niets van hebben gemerkt. Ik zou het geen drie maanden lang volhouden - vroeg of laat zul je gaan zien dat het niet goed met me gaat - maar ik ben professioneel genoeg om die zaken in de meeste gevallen te scheiden.”

Ik vraag dat ook omdat Dexter van der Voorn, jouw geliefde, producent is van ‘De Verenigde Staten van Eva’. Zou het niet zo kunnen zijn dat je daarin excelleert omdat jullie het samen zo goed hebben?

“Natuurlijk ben ik gelukkig dat ik Dex ben tegengekomen, maar nee... wat er gebeurde toen we vorig jaar met die reeks begonnen, was dat ik voor het eerst van mijn leven buiten de studio ging werken. Ik leerde hoe ik op een andere manier mensen moest benaderen. En ik heb ook een enorme bak ijdelheid de deur uit moeten doen want er is natuurlijk geen geld voor make-up en er wordt bij de opnames niet gewacht tot ik mooi ben uitgelicht. Het was een beetje alsof ik naakt voor de camera stond of... nee, het is zoiets als altijd mascara dragen en dan ineens zonder mascara die ene leuke man tegenkomen bij de bakker.”

Is het nou heel dom als ik zeg dat ik nauwelijks verschil zag?

"Als je nauwelijks verschil ziet tussen mijn totaal bewerkte en mijn onbewerkte zelf dan doet mijn hart nu wel even een sprongetje van vreugde. Al denk ik ook meteen: een vrouwelijke interviewer had dit beter begrepen.”

Maar je doet nu net alsof je als een of andere ouwe zwerfster door het beeld heen sjokte.

“Jongen! Het is een mega-verschil. Vijf weken draaien, veertien uur per dag, om vijf uur ’s ochtends opstaan... Maar goed, wat ik dus wilde zeggen is dat ik het heb omarmd. Ik heb niet één keer gedacht: is dit wel mijn goede hoek? Zie ik er mooi uit zo? Ik heb het helemaal laten zitten. Ik moest er gewoon zijn. Kijken, luisteren, praten. Het is fantastisch om een dagelijkse talkshow te doen, maar deze reeks ging helemaal over mijn generatie, over de hoop en de verwachtingen van de mensen uit mijn vaderland. ‘De Verenigde Staten van Eva’ is het belangrijkste wat ik ooit heb gemaakt.”

Wat vind je, in bredere zin, van het afgelopen jaar?

“Het was een moeilijk jaar. Ik ben een super-optimistisch mens, maar ik herinner me nog goed dat ik op een zeker moment dacht: ik zie even geen oplossing meer. De opkomst van extreem-rechts, het klimaat, terrorisme... De eerste driekwart van mijn leven leek er helemaal geen terroristische dreiging te bestaan, maar als Dex nu voorstelt om naar een Duitse kerstmarkt te gaan, is het eerste wat ik denk: zou het daar veilig zijn?”

Dus je gaat persoonlijk vooruit, maar de wereld gaat ten onder.

“Ik ben in the bigger picture totaal onbelangrijk en wat ik maak kun je niet eens in de kattenbak leggen - het is niets, allemaal niksigheid - maar ik kan wel, in mijn eigen kring, de wereld een beetje beter maken. Ik probeer een goede dochter, een goede partner, een goede vriendin, een goede collega te zijn. Het lukt niet altijd zoals ik het zou willen, maar ik ben in ieder geval niet achteloos. Je zou ook slecht kunnen doen. En dat doe ik niet.”

Ook niet een héél klein beetje?

“Bedoel je slecht of stout?”

Ik vermoed dat jij nu stout bedoelt.

“Ja, ik kan wel eens stout zijn. Te veel drinken, feesten, alles waarvan je weet: dit is héél onverstandig, maar wel ontzettend leuk. Dat is niet zo heel erg, toch? Ik zal nooit iemand willens en wetens onderuit halen. Los van het feit dat ik me ook helemaal niet wil misdragen, geloof ik er heilig in dat je het allemaal terugkrijgt. Karma. It’s coming to get you. En andersom werkt het dus ook: wie goed doet, goed ontmoet.”

Eva Jinek

Eva Jinek werd op 13 juli 1978 geboren in Tulsa, Oklahoma. Haar ouders, Tsjechische vluchtelingen, besloten naar Nederland te verhuizen omdat ze geloofden dat hun kinderen, Jan en Eva, hier een betere toekomst hadden.

Ze begon in 2004 bij de buitenlandredactie van het ‘NOS Journaal’. In 2008 verscheen ze voor het eerst als presentatrice op televisie. Van 2011 tot 2013 maakte ze voor WNL het programma ‘Eva Jinek op Zondag’. In 2013 ging ze voor de KRO-NCRV programma’s maken. De wekelijkse talkshow ‘Jinek’ werd een hit en ook de documentairereeks ‘De Verenigde Staten van Eva’ behaalde hoge kijkcijfers en lovende kritieken.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden