Eurovisie: OG3NE moet het vanavond opnemen tegen knielaarzen en jodelaars

De Netherlandse inzending OG3NE kan, zonder misplaatst chauvinisme, zo ongeveer het beste zingen van alle deelnemers. Beeld REUTERS

Vanavond is het zover, en zien we of OG3NE erin slaagt een Nederlandse finaleplek veilig te stellen op het Eurovisie Songfestival. Het optimisme stijgt in het Nederlandse kamp te Kiev, en dat is niet geheel onterecht.

De drie zusje uit het Brabantse Fijnaart hebben om te beginnen uitstekende zangkwaliteiten, maar ook de wat tegenvallende concurrentie stemt optimistisch. Muziekverslaggever Joris Belgers zag de generale repetities in Kiev, en vond er het zijne van.  

Servië: Tijana Bogićević – ‘In Too Deep’

Ook Servië ging langs de flappentap om wat hitgevoelige Zweedse liedbouwers in te huren, wat duidelijk te horen is in deze stampende avondopener. Laat u niet bedriegen door die etnisch verantwoorde Balkanstrijkers, dit nummer is volbloed Scandipop. Prima nummer. Tijana knalt er lekker in, in haar doorschijnende bruidsjapon onder de glitterregen. Ah, kijk, we kunnen meteen het eerste Eurovisie-cliché van de avond afvinken: moderne dans door man met ontbloot bovenlichaam. Check. De watervisuals maken het eigenlijk te makkelijk om te roepen ‘Tijana verzuipt in haar eigen stemgeluid’, maar we doen het toch.

Oostenrijk: Nathan Trent – ‘Running on Air’

Hey, Jason Mraz doet ook mee! O nee, toch niet. Origineel is dit relaxt groovende niemendalletje allerminst, maar verder is met dit nummer weinig mis. Opbeurend refreintje, dat geijkte woohoohooo-millennialwoopje erbij, niks meer aan doen. Alleen is de blauwogige Nathan Trent het type ideale schoonzoon waar je niks tegen kúnt hebben, en dat precies daarom het bloed onder je nagels vandaan sleurt. Poepoe, wat is deze jongen gelukkig zeg. Helemaal in de wolken, de hele wereld mag het weten, dat werk. Als een blije Disney-puppy slingert hij over zijn halve maan, en we weten dat dit soort types altijd worden opgevangen door een stevig wolkendek. Bah.

FYROM (Macedonië): Jana Burčeska – ‘Dance Alone’

Hey, wéér die Joacim Persson in de producerscredits. De beste man houdt een aardig zakcentje over aan dit songfestival. Maar hij is het waard, want het is opnieuw een uiterst pakkend, dansbaar nummer. Jana danst het liefst alleen, daar in Skopje, maar hier op dat enorme podium ziet het er allemaal nogal ongelukkig uit. U snapt, diepgangtechnisch is het even nietszeggend als dat waternummer van zoëven, maar het refrein blijft wel hangen. Bovendien zijn die knielaarzen prima bliksemafleiders voor het feit dat ze eigenlijk helemaal niet zo goed kan zingen.

Malta: Claudia Faniello – ‘Breathlessly’

Het Eurovisie Songfestival slaagt er vanavond bijzonder goed in om de kijkers op het verkeerde been te zetten, na de drie fruitige voorgaande nummers. Diep van binnen wist u natuurlijk ook dat dit niet lang zo kon blijven doorgaan. En ja hoor, natuurlijk is er ook deze avond plek voor een wanstaltige powerballad, poedelend in een klotsende emmer vettige schmaltz. Dit nummer had niet misstaan op de soundtrack van Titanic. In 1997, inderdaad. Aanzwellende strijkers, synchroon met windmachine. Maar, laten we aardig blijven, ze zingt wel erg sterk.

Roemenië: Ilinca ft. Alex Florea – ‘Yodel It!’

De cultural appropriation-alarmbellen mogen af tijdens de Roemeense bijdrage. Tenminste, jodelen is nou niet bepaald intrinsiek onderdeel van Roemeense cultuur. Rappen evenmin. Ilinca en Alex doen het allebei. Ondertussen rijden ze op met zilverfolie bedekte kanonnen over het podium. Dit is wat het Eurovisie Songfestival zo leuk maakt: het is beeldschoon in al zijn afgrijselijkheid. Marsdrummetje eronder, jodelen met overslaande kopstem, we horen zelfs jodel-adlibs. Berg uw glaswerk en ander breekbaar servies goed op. Het wekt volstrekt geen verbazing dat de Roemenen door de wedkantoren tot de favorieten worden gerekend.

Nederland: OG3NE – ‘Lights & Shadows’

Nee, dit is geen misplaatst chauvinisme, maar Lisa, Shelley en Amy Vol zijn zo ongeveer de beste zangeressen van dit Eurovisie Songfestival. Ze zijn volledig op elkaar ingespeeld, zowel qua stem als met hun perfect synchrone dansbewegingen. Dit is bovendien een van de weinige nummers dat live beter uit de verf komt dan op de opname. Zeker na het einde van ‘Lights & Shadows’ voelde je dat er ‘wat’ gebeurde in de zaal, tijdens de repetities en de juryronde gisteravond.

Hongarije: Joci Pápai – ‘Origo’

Ook de Hongaar Joci Pápai doet aan jodelen, maar dan op z’n Hongaars. De man mixt zigeunermuziek met hedendaagse pop, trommelt op een melkbus, en gooit er een jankend klezmerviooltje tegenaan. Op een gegeven moment gaat de in traditionele kledij gestoken, zelfbenoemde samoerai een stukje rappen, en dan wordt het pas echt raar. Het is onmogelijk dit nummer los te zien van het opkomend nationalisme onder Orbán in Hongarije. Ze zullen er aan de oevers van de Donau ongetwijfeld van smullen, maar veel punten pak je hier niet mee.

Denemarken: Anja – ‘Where I Am’

Het is nergens voor nodig, maar Anja schreeuwt nogal veel tijdens dit verder frisse, hedendaagse popnummer. Van het type guilty pleasure voor bij de voorjaarsschoonmaak. Haast ongemerkt is het ook één van de beste liedjes van de avond. Het is een strak afgehecht oorwurmpje, met alleen nogal wat riskante uithalen in het refrein. Jammer dat er showtechnisch volledig wordt vertrouwd op de rode jurk van Anja. Ze legt er haar ziel en zaligheid in, dat wel, zeker wanneer ze op haar knieën gaat en er een gouden regen losbarst op de achtergrond. Moet genoeg zijn voor een finaleplek.

Ierland: Brendan Murray – ‘Dying to Try’

Dit Ierse nummer is wederom van Zweedse makelij, maar deze natte dweil op muziek die de iele Brendan Murphy ten gehore brengt is veruit de minste Scandinavische productie. U denkt, wat een slijmbal, en daar heeft u volkomen gelijk in. Brendan Murphy heeft een nogal vrouwelijke zangstem, waar hij natuurlijk niets aan kan doen, maar wat behoorlijk vervreemdend werkt. Zeker omdat hij de kijkers toezingt vanaf een luchtballon. Die maar niet wil opstijgen. Het liedje ook niet.

San Marino: Valentina Monetta & Jimmie Wilson – ‘Spirit of the Night’

Goed verhaal: Ralph Siegel schreef in 1982 het winnende nummer ‘Ein Bisschen Frieden’, en doet dit jaar voor de 25ste keer als songschrijver mee aan het Eurovisie Songfestival. Zijn heimat Duitsland was alleen al enige tijd klaar met hem, dus heeft hij de laatste jaren San Marino bereid gevonden zijn nummers op het songfestival ten gehore te brengen. Wellicht heeft dat ermee te maken dat de Eurovisiegigant de verblijfskosten van de San Marinese delegatie uit eigen zak betaalt, zo bevestigde hij aan het Algemeen Dagblad.

Tja. Dat verklaart wel een beetje het bedroevende niveau van deze inzending. Het is een beetje het muzikale equivalent van een bouquetroman. Die herhaling van ‘Spirit in the Night’ irriteert al na twee keer, maar dan blijkt dat het het hele nummer zo doorgaat. En higher, en higher, en higher…De twee casinozangers maken er in elk geval een kleurrijk dansfeestje van. Ook wat waard.

Kroatië: Jacques Houdek – ‘My Friend’

Niemand minder dan Albert Einstein schreef mee aan de Kroatische inzending van dit jaar – de fysicus staat bloedserieus vermeld in de Kroatische credits. Het nummer opent met de tenenkrommende tegeltjeswijsheid dat je elk moment in het leven moet zien als een wonder. Maar zo kan Einstein het toch niet bedoeld hebben? Houdek trapt meer open deuren in, in dit nummer met een sterk alleen-op-de-wereld-gevoel. Maar dan blijkt hij plots twee gezichten hebben, letterlijk: de popzanger zingt ook opera! Geinige gimmick, maar ondertussen daalt het niveau deze avond in zorgwekkend tempo.

Noorwegen: JOWST – ‘Grab the Moment’

Het zoveelste dansbare Scandinavische oorwurmpje dit songfestival, en langzaam begint het grote manco van dit soort nummers duidelijk te worden. Het is allemaal nogal inwisselbaar. Want waar heb je het morgen over bij de koffiemachine? Over die gekke opera-Kroaat natuurlijk, en niet over deze duffe electro-hipster die zo lijkt weggelopen uit zijn koffiebar te Oslo.

Zwitserland: Timebelle – ‘Apollo’

Productietechnisch zit dit electropopnummer sterk in elkaar, maar de muziek wordt compleet verpest door een art director die zo nodig een overdosis LSD moest nemen voordat hij achter zijn tekentafel ging zitten bedenken hoe hij de Zwitserse inzending dit jaar zou opleuken. Kauwgumroze en kanariegeel? Matcht niet, jongens. Matcht absoluut niet. Tegen de tijd dat u dit allemaal heeft zitten overpeinzen zijn we alweer bij het eind van het nummer, en dat komt goed uit, want dan volgt een aantal lange uithalen die zangeres Miruna Mănescu tijdens de repetities volledig uit de rails liet lopen.

Wit-Rusland: Naviband – ‘Story of my Life’

Volgens mij is het best gezellig, daar in Wit-Rusland. Tenminste, als we mogen afgaan op het hyperenthousiaste duo Naviband. Ze zingen dit opgetogen folkpopnummertje a la Mumford & Sons terwijl ze op hun kruising tussen roeiboot en ruimteschip over de daken van Minsk vliegen. Kanten kledij, trots op vaderland, en maar lachen. Geen idee waarom, maar uiteindelijk komt de zon op en zullen alle bloemen bloeien.

Bulgarije: Kristian Kostov – ‘Beautiful Mess’

De enige potentiële Songfestivalwinnaar van de avond. Allereerst door het nummer: een knoeperd van een hit. Een echte tranentrekker, maar niet eentje van de valse emotie. Zo’n nummer dat Justin Bieber er goed bij had kunnen hebben. Ten tweede om de gestileerde vormgeving. Het monteren van graphics over de camerabeelden is slim afgekeken van de Zweden (net als het nummer, trouwens) maar zo’n live videoclip wérkt. Ten derde omdat de 17-jarige Kristian Kostov het ontzettend welgemeend overbrengt. Als hij die hoge noten haalt, kan hij zeker een aantal douze points bijschrijven. Funfact: ei-gen-lijk is Kristian Kostov een Rus. Geboren en getogen. Dat zou wat zijn.

Litouwen: Fusedmarc – ‘Rain of Revolution’

Werkelijk alles klinkt gejat aan dit nummer. Het klinkt als de openingstune van Donkey Kong op de Nintendo, maar het is ook een soort eerbetoon aan Prince. Ofzoiets. Dat refrein vlamt wel lekker, met die ingeblikte blazers, maar verder is dit zo’n nummer dat je tegelijkertijd al duizend keer hebt gehoord, maar na vanavond nooit meer zult horen.

Estland: Koit Toome & Laura – ‘Verona’

Die Esten houden van duo’s en zwart-witte kleurenschema’s, sinds ze dat twee jaar terug zo handig afkeken van The Common Linnets. Ze gooien er weer een podiumflirt tegenaan, door zwoel via de camera naar elkaar te kijken. Waarom is het zo moeilijk om origineel te zijn in Estland? Want hoort u dat gitaartje? Precies, Nile Rodgers. Hoort u die beat? Precies, elke willekeurige discohit uit de jaren tachtig. En waarom heeft Laura trouwens geen achternaam, en Koit wel? Vragen, vragen, vragen.

Israël: IMRI – ‘I Feel Alive’

IMRI, of, gewoon Imri, stond al op het podium tijdens de vorige twee Israëlische inzendingen, en deze gepromoveerde achtergronddanser mag het nu zelf proberen. Hij heeft in ieder geval de beste bovenarmen van de avond, en hij zou gek zijn die te verstoppen. Het nummer zelf is flink afgekeken van ongeveer elk dancepopnummer dat vorig jaar meedeed, en werkt dus als een tiet. Dit is zo’n nummer dat op de afterparty zaterdagnacht de Euroclub te Kiev ongetwijfeld in een compleet gekkenhuis zal veranderen, en alleen daarom al naar de finale gaat.

Joris Belgers is vanavond uiteraard aanwezig tijdens de finale. Volg zijn verslag op Twitter.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden