Eurotransplant: vaak verzuimen ziekenhuizen om organen te vragen

LEIDEN - Toen prof. dr. J. J. van Rood vijfentwintig jaar geleden in zijn auto van Leiden op weg was naar Den Haag, passeerde hij een vrachtwagen van de firma Eurotransport. De naam van Eurotransplant, de organisatie die nu, zoveel jaren later, bemiddeld heeft bij het transplanteren van 38 000 menselijke organen, hoornvliezen en stukken weefsel was geboren.

Eurotransplant werkt in Nederland, Belgie, Duitsland en Luxemburg en Oostenrijk. “Wanneer ergens iemand tegen een boom is geknald en hersendood of stervende een ziekenhuis wordt binnengebracht, is hij altijd nog in staat iemand een nieuw leven te bezorgen”, zegt prof. Van Rood. Hij is oprichter en thans voorzitter van het bestuur van Eurotransplant dat zijn zetel heeft in het Academisch ziekenhuis in Leiden.

Als het goed is, vraagt de ziekenhuisstaf aan de familieleden van de overledene of zij toestemmen in het uitnemen van organen ten behoeve van mensen die verlegen zitten om een nier, een lever, een hart of een hoornvlies. Een delicate onderneming. Zodra de overledene door de toestemming van de familie orgaandonor is geworden, seint men de gegevens naar Leiden, waar men alles weet van de mensen op de wachtlijsten in de vijf landen.

In veel gevallen verzuimt het ziekenhuispersoneel echter om de organen te vragen. Europtransplant heeft daarom een cursus voor artsen en verpleegsters opgezet, waar zij leren hoe zij het beste met nabestaanden kunnen omgaan op zo'n moeilijk moment. De cursus is in 1991 in Nederland begonnen en leverde na het eerste jaar reeds een stijging van het aantal aangeboden organen van vijf procent op. Dit jaar lijkt zelfs een stijging van tien procent haalbaar. Wanneer nu nog meer mensen gaan inzien dat het beschikbaar stellen van organen een ethische handeling van de bovenste plank is, wordt de behoefte aan donororganen niet meer de belangrijkste reden om te streven naar wetgeving.

Die behoefte deed zich vooral gevoelen na halverwege de jaren tachtig, toen een middel op de markt kwam dat de afstotingsreactie door het lichaam doeltreffend kon onderdrukken. Transplantatie nam als verschijnsel toen grote omvang aan.

In enkele landen, zoals Belgie, is men krachtens de wetten die toen zijn ontstaan, orgaandonor tenzij men zich tevoren heeft laten registreren. De Belgische artsen overleggen niettemin met de nabestaanden van iemand die niet in het register staat. In Nederland en Duitsland wordt nog gewerkt aan een wetgevening.

Prof. dr. G. Kootstra, die lid geweest is van de Nederlandse adviescommissie, vertelde gisteren dat Eurotransplant het liefste had gezien dat in Nederland een soortgelijke regel zou zijn gekomen als in Belgie. Toen daar echter geen mogelijkheid voor bleek te zijn, heeft prof. Van Rood nog voorgesteld ieder een donorcodicil te laten meevoeren, waarop zou staan of men donor wilde zijn, dat niet wilde zijn of dat het ziekenhuis het maar aan de familie moest voorleggen. Kootstra vond dat een wel erg ingewikkelde oplossing. “Wat moet er gebeuren wanneer ik in mijn zwembroek word aangetroffen, hersendood maar zonder donorcard?” Kootstra kan zich redelijk vinden in de nu voorgestelde regeling, waarbij toestemming moet worden gevraagd aan de nabestaanden. Het wetsontwerp biedt echter geen oplossing voor de orgaanverdeling. In Duitsland wordt de beslissing over wie het eerst in aanmerking komt voor een beschikbaar gekomen orgaan door de artsen, aan de hand van medische normen beslist.

Daar geldt dat de ziekste patient het eerste recht heeft, vervolgens wie het langst op de wachtlijst staat en tenslotte wordt gekeken naar een zo perfect mogelijke aansluiting van de weefseleigenschappen van donor en ontvanger. Een 'good match' is een belangrijke oorzaak voor het slagen van een orgaandonatie. Hoe meer gelijkenis de weefsels vertonen, hoe minder medicijnen nodig zijn.

Vandaag houdt Eurotransplant ter gelegenheid van zijn jubileum een een-daags congres over die afstotingsproblematiek.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden