Europese vakanties tussen wolven en bruine beren

Het gaat goed met de wilde dieren van Europa, zo blijkt uit nieuwe cijfers. De bruine beer, lynx en zeearend hebben hun plek teruggevonden. De organisatie Rewilding Europe ziet kansen voor het natuurtoerisme.

TEKST ANJEL PUNTE

De bruine beer, lynx en zeearend vinden hun plek terug in Europa. Uit deze week gepubliceerde cijfers blijkt dat de populaties gemiddeld elke vijftien jaar verdubbelen. Dit biedt het Europese wildtoerisme volgens de organisatie Rewilding Europe goede kansen.

Onderzoekers van Zoological Society of London, BirdLife International en de European Bird Census Council maken in een rapport de balans op van 37 soorten die na 1950 zijn begonnen met hun terugkeer naar Europa. 18 zoogdieren en 19 vogels, waaronder de bruine beer, grijze wolf, pelikaan en Europa's grootste bizon, de wisent.

In 1970 vlogen er rond de 2500 zeearenden in Europa rond. Nu zijn dat er bijna tienduizend. Ook de wisent doet het, dankzij de opgekomen natuurbeschermingsmaatregelen, opvallend goed. Vanaf de jaren zestig groeide het aantal van tientallen tot bijna 3000 stuks. De wisent was vroeger een geliefde prooi voor jagers. Het terugbrengen van de grootste grazer is gelukt door uitgebreide re-integratieprogramma's en een duidelijk natuurbeschermingsbeleid. Het dier is vooral in Wit Rusland en Polen te vinden.

Een kleiner beestje, de bever, heeft het voortplanten op Europees grondgebeid de laatste jaren als geen ander onder de knie gekregen. Jagers waren dol op het vlees en de pels van deze Euraziatische soort. Als gevolg hiervan leefden er begin vorige eeuw in vijf geïsoleerde gebieden nog maar 1200 bevers. Met een jachtverbod en wederom scherpe regelgeving wonen verspreid over heel Europa nu zo'n 340 duizend bevers.

De beer heeft het niet zo op mensen en verschanst zich het liefst in de bergen en bossen. In geïsoleerde gebieden, verspreid over vrijwel heel Europa, zijn er zo'n 17.000 te vinden. De wolf daarentegen is de moeilijkste niet als het gaat om het uitkiezen van een leefgebied. Gaandeweg vestigt deze soort zich steeds verder richting het westen van Europa. Het totale aantal schommelt inmiddels rond de 12.000.

Zijn de aantallen wolven en beren voor Europese begrippen hoog te noemen, op wereldschaal stelt het niet zo veel voor. Het gaat in beide gevallen om zo'n 7 procent van de totale wereldpopulatie. Wat betreft de acceptatie van de grijze wolf en de bruine beer is er nog wat werk aan de winkel, vinden de onderzoekers. De kloof tussen de verdreven roofdieren en de mens is nog niet gedicht.

Op safari
De komst van dit grote wild versterkt niet alleen de band tussen mens en natuur. Het kan ook, met name in tijden van economische crisis, een lichtpuntje in de begroting opleveren. Onderzoek van de George Washington Universiteit laat zien dat de wereldwijde vraag naar avontuurlijke vakanties jaarlijks met zo'n 65 procent toeneemt. Activiteiten als een safaritour en het spotten van grote beesten zijn daar een belangrijke onderdeel van.

Volgens de organisatie Rewilding Europe, waaraan onder meer het Wereld Natuur Fonds deelneemt, is Europa de perfecte plek voor deze groeiende groep natuurliefhebbers. Misschien nog wel meer dan ongerepte landen als Canada. Zij hebben alleen maar natuur, Europa heeft natuur én eeuwenoude cultuur. En wat is er mooier dan dat je als je als toerist op een uurtje rijden van Rome echte wolven kunt zien?

Het duurde even voordat dit kwartje in Europa viel. Maar toen de organisatie in 2009 de boer op ging met een concreet plan om natuur weer om te dopen tot wildernis, meldden zich al vrij snel twintig Europese regio's aan. Ondertussen zijn vijf van deze gebieden, van elk minimaal honderdduizend hectare en met de potentie om binnen tien jaar te transformeren tot echte wildernis, geselecteerd. Het doel is om in 2020 in totaal een miljoen hectare terug te brengen tot wilde natuur. Ter vergelijking, Nederland heeft een landoppervlak van zo'n 3,4 miljoen hectare. De organisatie zorgt voor de nodige kennis en een startbedrag. Daarna moeten de safari's en overnachtingen genoeg opbrengen om het natuurbeheer te betalen.

De vraag naar een initiatief als Rewilding Europa heeft alles te maken met de landvlucht van de afgelopen jaren. Steeds meer Europeanen ruilen het platteland in voor de stad, waardoor landbouwgronden hun economische functie verliezen. Het Insitute for European Environment Policy (IEEP) schat in dat er over een kleine twintig jaar dertig miljoen hectare verlaten landbouwgrond zal zijn. Deze vaak dunbevolkte gebieden leveren geen geld meer op. Door de gebieden aantrekkelijk te maken voor avonturiers kan dat tij gauw worden gekeerd.

Met het terugbrengen van het grote wild in beschermde gebieden moet de ecologie zich volgens Rewilding Europe volledig kunnen herstellen. Dat betekent uiteindelijk niet alleen een gebied dat geld opbrengt, maar ook natuur die veel minder menselijk ingrijpen vergt.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden