Europees leger / Eerst maar eens samenwerken

Nederland en Italië ontbraken dinsdag op de mini-defensietop in Brussel, waar vier van de zes oprichters van de Europese Unie het pad hebben geëffend voor meer defensiesamenwerking. Moet Europa een eigen leger krijgen? De overgrote meerderheid van de Europese lidstaten heeft nog grote twijfels.

Militairen voeren taken uit. Zo simpel is dat. Wie met soldaten op de Balkan spreekt over de internationale vredesmissies die zij daar uitvoeren, krijgt te horen dat het aan hen niet zal liggen. Zij zijn immers professionele militairen, opgeleid en betaald om te vechten en -meer nog tegenwoordig- om dreigende conflicten te voorkomen.

Op diezelfde Balkan is een paar weken geleden de eerste EU-vredesmissie gestart, in Macedonië. Door de oorlog tegen Irak kreeg die primeur nauwelijks aandacht. Het is dan ook niet meer dan een eerste, maar wel symbolische stap naar grotere militaire verantwoordelijkheid van de Europese Unie. Lichtbewapende Europese militairen bewaken de vrede in Macedonië, maar de Navo coördineert -voor het geval er echt iets gebeurt. Een eigen leger heeft Europa niet.

Om verder te kunnen gaan op de ingeslagen weg, moeten de Europese lidstaten eerst bepalen welke rol zij voor Europa zien weggelegd op het gebied van de buitenlandse politiek en veiligheid. Met daaraan gekoppeld de vraag wat voor militair apparaat daar bijhoort.

Die discussie wordt onder andere gevoerd binnen de Europese Conventie, waar de blauwdruk van een nieuw Europees verdrag wordt voorbereid. Maar nog zonder veel resultaat. Er is zelfs nog geen evaluatie gemaakt van de oorlog tegen Irak en de verdeeldheid die de Europese landen andermaal tentoonspreidden. Die oorlog heeft diepe wonden geslagen, binnen de landen van de Europese Unie onderling en in de relatie met de Verenigde Staten.

Wellicht omdat de EU die kater nog niet te boven is, was het defensie-initiatief van België, Frankrijk, Duitsland en Luxemburg deze week voor vele bondgenoten niet meer dan ijverige poging van die landen om zich te profileren. Zij willen dat er een Europese veiligheids- en defensie-unie komt, de 'EVDU'. De landen denken daarbij aan de oprichting van een snelle Europese militaire interventiemacht en van een gezamenlijk Europees militair hoofdkwartier.

De eerste reacties waren vooral negatief. Toch is de kans groot dat de vier landen wel degelijk een nieuwe discussie op gang brengen. En dat er sneller resultaten worden geboekt, naarmate de groep gelijkgezinden groter wordt.

Eigenlijk is de Europese defensie al onderwerp van gesprek sinds de jaren '50. In de zomer van 1950 lanceerde Winston Churchill in de raadgevende vergadering van de Raad van Europa het idee van een Europees leger onder een Europese minister van defensie. De Fransen kwamen prompt met een eigen plan voor zo'n strijdmacht, samengesteld uit kleine nationale eenheden.

De Franse Assemblée verwierp uiteindelijk de voorstellen voor een Europese defensiegemeenschap. Het parlement wilde niet dat Frankrijk zijn eigen bevoegdheden op defensiegebied uit handen zou geven aan een supranationale structuur. Frankrijk koos liever voor samenwerking tussen de Europese regeringen bij het buitenlands- en veiligheidsbeleid. Dat is precies de situatie zoals we die nu nog kennen in de Europese Unie.

België, Luxemburg, Duitsland en Frankrijk hebben deze week voorgesteld dat Europa voor het eerst wél eigen bevoegdheden krijgt. Maar ook hun plan voor een veiligheids- en defensie-unie EVDU zal uiteindelijk minder supranationaal zijn, dan de afkorting suggereert. Geen enkele Europese lidstaat lijkt geneigd om zonder meer bevoegdheden over te dragen aan 'Brussel'.

Want stel je maar eens voor dat een meerderheid van de Europese ministers van buitenlandse zaken op enig moment zou kunnen beslissen over de inzet van Nederlandse troepen naar een oorlogsgebied, zonder dat het Nederlandse kabinet en Tweede Kamer er aan te pas komen.

Europese defensie zal voorlopig een zaak blijven van landen die onderling samenwerken. Alleen moet het dan wat die samenwerking betreft een stuk beter en efficiënter verlopen dan nu het geval is. Er wordt natuurlijk al veel samen gedaan. Er is het Eurokorps, een Frans-Duits legerkorps, een Nederlands-Duitse brigade en er zijn nog tal van andere multinationale samenwerkingsvormen. Sommige Europese landen bundelen hun krachten bij de aankoop en het gebruik van militair materieel.

Maar als je alles optelt, is dat blijkbaar nog niet voldoende om zelfstandig als Europese Unie, zonder steun van de Amerikanen, een conflict à la Kosovo tot een goed einde te brengen. Europa kan tot op heden slechts kleinere vredesmissie behappen, en dan ook nog onder supervisie van de Navo. Zoals nu in Macedonië gebeurt.

De Duitse defensiedeskundige prof. Werner Weidenfeld van het Duitse 'Clingendael' in Munchen is echter van oordeel dat Europa niet te bescheiden mag zijn. 'Irak' dwingt volgens hem de EU om te handelen. ,,Alleen een verdedigingsunie kan de Europeanen de machtsbasis verschaffen om gemeenschappelijke belangen in de wereldpolitiek effectief te behartigen'', luidt zijn stelling.

Voorwaarde is dan wel dat meer landen meedoen dan de vier die deze week hun plannen in Brussel presenteerden, al ziet Weidenfeld ook de voordelen van zo'n kern-Europa. ,,Het is beter om in kleine kring met beslissende stappen verder te komen, dan in grote kring op kleine stappen te wachten'', zegt hij. Dat laatste blijkt het probleem van de Unie. Iedereen wil wel iets, maar niet te veel en liefst zonder dat het geld kost of ten koste gaat van de goede relaties met de Navo en de Amerikanen.

Ook Catriona Mace van het ISIS, een Brusselse denktank over veiligheidsvraagstukken, hoopt op actie. Zij is niet onder de indruk van de resultaten van de defensietop van afgelopen week. Ook zij verwijst naar de oorlog tegen Irak en hoe die kwestie Europa in het hart heeft geraakt. ,,Irak zal een enorme invloed hebben op de zaken die zich in het kader van de Europese defensie en het buitenlands beleid nu gaan ontwikkelen. Maar dat zal, zoals steeds in de Unie, met kleine stappen gaan. De vredesmissie in Macedonië is een begin, wellicht neemt de EU volgend jaar Sfor in Bosnië over van de Navo. Dan praat je al over 12000 militairen, een operatie van enige omvang dus.''

Mace vindt het allemaal nog te vroeg om nu te denken aan een eigen Europese generale staf, zoals de vier landen hebben voorgesteld. ,,Je kan wel hopen dat bijvoorbeeld de EU in de toekomst autonoom kan optreden en zich niet beperkt tot eenvoudige vredesmissies. Maar in huidige internationale verhoudingen zie ik dat de komende tien jaar nog niet gebeuren. De Britten voelen niets voor een geïntegreerde Europese defensie.''

Een geloofwaardige defensie begint met het opwaarderen van je eigen strijdkrachten. Navo secretaris-generaal Lord Robertson heeft de afgelopen jaren de Europese bondgenoten voortdurend aangespoord om meer investeren in militaire middelen, zonder dat dit enig effect had.

Ook de Duitse viersterren generaal Rainer Schuwirth, hoofd van het huidige, beperkte militaire apparaat van de EU, vindt dat de Europese lidstaten voorrang moet geven aan versterking van haar militaire capaciteiten. Europa heeft tijdens de Koude Oorlog nagelaten te investeren. De Amerikanen deden dat al die jaren wél, zei Schuwirth vorig jaar op een colloquium in Brussel. Gemiddeld wordt in Europa per jaar 100000 dollar geïnvesteerd per soldaat, in de VS is dat 170000 dollar. Eigenlijk is er volgens Schuwirth geen technologische kloof met de VS. De kennis is in Europa volop aanwezig. Het is een kwestie van politieke keuzes maken.

Luchttransport blijft het zwakke onderdeel van de Europese landen, zeggen militairen. Juist daarover hebben de vier landen deze week trouwens voorstellen gedaan: zij willen dat er snel een Europees commando voor luchttransport komt.

Javier Solana, de buitenlandcoordinator van de EU, en oud Navo-baas, vindt al dat gepraat over de militaire structuren van de EU overbodig, zolang er geen inspanning wordt gedaan om te investeren in materieel, in schepen, vliegtuigen, transportmiddelen en inlichtingen.

Solana is echter vol vertrouwen dat uiteindelijk het wel goed komt, zei hij deze week in een radio-interview naar aanleiding van de defensietop in Brussel. Maar Europa heeft volgens hem nu eenmaal meer tijd nodig dan een groot en coherent land als de VS. ,,Zelfs al beginnen we vandaag met het verhogen van onze defensie-uitgaven, dan zal het effect daarvan pas op de lange duur merkbaar zijn. Maar hoe sneller we starten, hoe sneller we uiteraard resultaat boeken.''

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden