Europa moet uit de kramp

Europa gaat halfslachtig om met Oost-Europeanen die graag in het Westen willen werken. Een doordachte uitwisseling van arbeidskrachten zou heel Europa economisch sterk maken. Amerika kan als voorbeeld dienen. Deel 1 van een serie over arbeidsmigratie.

Aarzelend hebben Europese landen zich nu gestort in de jacht op de knappe koppen in de wereld. Deze nieuwe gastarbeiders, liever aangeduid als kennismigranten, moeten het oude, snel vergrijzende continent van nieuw hoog gekwalificeerd bloed voorzien. Immers, de regeringsleiders hebben zich in Lissabon ten doel gesteld dat de Europese Unie de belangrijkste kenniseconomie ter wereld moet zijn in 2010, de Verenigde Staten achter zich latend.

Binnen en buiten de grenzen van de Europese Unie wordt naarstig gezocht, maar nog met een beperkt succes. Neem Duitsland bijvoorbeeld. Dat introduceerde een green card voor hoog technologische specialisten uit Azië. Het project haalde niet de gewenste 20.000 ict’ers binnen, mede door allerlei beperkingen. Het grootste bezwaar was dat de green card slechts voor maximaal vijf jaar gold. Nederland probeert het met een loket voor kenniswerkers en denkt aan een puntensysteem om gekwalificeerde arbeidskrachten binnen te halen. Het innovatieplatform van premier Balkenende meent dat er op de middellan-ge termijn een tekort is aan 120.000 kenniswerkers. Van een Europese aanpak wil het niets weten. ,,De belangen in de EU-lidstaten lopen te veel uiteen. Zoveel mogelijk in eigen hand houden", luidt het advies van het Centraal Planbureau in een discussienota.

Ondertussen blijven veel grenzen in het Westen dicht voor Oost-Europese werknemers die dachten na de toetreding van hun landen tot de EU vrij baan te krijgen in het zoeken van werk in partnerlanden als Duitsland. De Duitse christen-democrate Barbara John, die van oud-president Richard von Weizsücker jaren geleden opdracht kreeg om een migratiebeleid op te zetten in de deelstaat Berlijn, betreurt dat haar land de uitbreiding van de EU naar het oosten niet heeft aangegrepen om ’een kleine pijpleiding’ te creëren die gekwalificeerde arbeidskrachten uit het buitenland zou aanvoeren. ,,Een verkeerde politiek en fout idee van arbeidsmarktbescherming. "

Duitsland heeft volgens haar daarmee tot 2011 de kans verspeeld om die mensen binnen te halen die het nodig heeft. ,,Nu zijn deze mensen elders hun diaspora aan het opzetten en is de kans verloren omdat we niet vanaf het begin hierop hebben ingezet. Elders zijn ze wel welkom. Juist uit Oost-Europa, waar er nog een culturele nabijheid is en mensen de Duitse taal leren, lagen er prachtige kansen. Dat is toch wat anders dan kennismigranten halen uit Azië." Maar John is in Duitse christen-democratische kringen een dissidente.

Het speelt bijna overal op het Europese continent, deze reserves. ,,Er ontstaat een dynamiek waarin landen met het meest restrictieve beleid de maatstaf worden", signaleerde de Nederlandse hoogleraar Priemus al. Dat belemmert ontwikkelingen zoals regionale specialisaties die de EU meer concurrerend zou kunnen maken op de wereldmarkt. De Europese Commissie heeft al met lede ogen aan moeten zien dat ondanks indringende adviezen en positieve ervaringen in Ierland, het Verenigd Koninkrijk en Zweden, waar inmiddels honderdduizenden Oost-Europeanen de gaten op de arbeidsmarkt vullen, niet alle Europese binnengrenzen opengaan voor werknemers uit de jongste lidstaten. Nederland aarzelt nog.

Uit onderzoeken blijkt dat de stemming ook in traditioneel open landen als Nederland is omgeslagen, zegt Hubert Krieger, verbonden aan een denktank in Dublin, die een studie afrondt naar mobiliteit binnen de Europese Unie voor de Europese Commissie. Die houding bevordert de bewegingen over de grenzen niet, terwijl door meer mobiliteit, ook tussen regio’s, de Europese economie beter opgewassen is tegen de snelle technologische veranderingen en uitdagingen van de globalisering. Tekorten aan vakbekwame arbeidskrachten, werkloosheid en andere problemen op de arbeidsmarkt kunnen dan worden voorkomen. Het zuiden van Engeland, Denemarken, Zweden, Zuid-Duitsland, Catalonië, het midden van Portugal en Nederland zouden er volop van profiteren, menen de onderzoekers van de Europese stichting ter verbetering van Werk- en Levensomstandigheden.

In het gemak waarmee werknemers verhuizen, zelfs als de Oost-Europeanen worden meegerekend, gaapt er nog een geweldige kloof tussen het grote voorbeeld de VS en Europa. Ongeveer 1,5 procent van de huidige beroepsbevolking in de EU is in een ander EU-land geboren, zo’n vier procent van de Europeanen heeft in een ander EU-land gewoond. In de VS woont bijna een derde van de burgers in een staat waar ze niet zijn geboren. Worden de verhuizingen tussen verschillende regio’s (voor een Fransman is verhuizen van Normandië naar Zuid-Frankrijk net zo’n grote sprong als voor een Amerikaan die van Maine naar Florida trekt) meegeteld, dan is het beeld iets gunstiger. Sommige Scandinavische landen steken dan qua mobiliteit zelfs de Amerikanen de loef af. Daar heeft 40 procent van de beroepsbevolking in een andere regio of ander EU-land gewoond. Daar tegenover staat echter de honkvaste Zuid-Europeaan.

Toch is ook daar beweging te bespeuren, maar onvoorbereid en anders dan gewenst. Want waren de landen aan de Middellandse Zee bij uitstek emigratielanden, door de jarenlange leveranties van gastarbeiders aan het Noorden, sinds de val van de Muur zijn ze in heel korte tijd immigratielanden geworden. Deze omslag is ze niet in de koude kleren gaan zitten. Zo zoekt Griekenland nog steeds naar een immigratiebeleid dat is afgestemd op de grote stroom Albanezen en Bulgaren die in het rijkere buurland een beter leven zoeken. Jarenlang hield Athene grootschalige veegacties, waarbij de illegale migranten massaal werden opgepakt en de grens werden overgezet. Het was een kat-en-muisspel, want velen kwamen weer even snel terug als ze naar huis waren gestuurd.

,,Met zoveel buitengrenzen langs de kust, op eilanden en in de bergen is het een illusie te denken dat je deze migranten buiten de deur kunt houden" , zegt migratiedeskundige Panos Hatziprokopiou, die deze maand in Amsterdam een boek uitbrengt over de integratie van Balkan-migranten in Griekenland. De Griekse politiek koos uiteindelijk voor ’regularisering’ van de illegalen die vele jaren in het zwarte circuit ondergedoken zaten. Winst is dat migrantenkinderen nu gewoon naar school gaan, er medische zorg is (hoewel die er informeel meestal wel was) en misbruik afneemt. Maar van een integratiebeleid is geen sprake, laat staan van een soort inburgering.

Feit is dat Griekenland heeft geprofiteerd en nog steeds profiteert van de werkkracht van de Albanezen en Bulgaren (vaak vrouwen) die klussen opknappen die de Grieken zelf niet meer willen doen. Ze vulden de gaten op het leeggelopen platteland om de kersen, de druiven, de walnoten en de olijven te oogsten. Hun arbeid is goedkoop, niet eens een derde van wat de Grieken zelf zouden moeten verdienen, en houdt bedrijven in stand die anders het loodje hadden gelegd. Nog steeds is het zwarte circuit van illegaal werkende migranten er groot, net als in andere Zuid-Europese landen. Daar wordt een prijs voor betaald, want met de illegalen komen ook mensenhandel en criminaliteit binnen. Niet langer kun je in Griekenland je portemonnee op tafel laten liggen. Mensen worden uitgebuit zoals de Polen die als slaven op het Italiaanse platteland moesten werken.

Niet alleen het Zuiden, ook een stad als Berlijn heeft daar mee te kampen. ’De stad van het zwart werk’ kopte vorige maand het dagblad Der Tagesspiegel. Zonder de illegaal werkende Polen zouden minder Duitse vrouwen kunnen werken door gebrek aan schoonmakers, kinderopvang en verzorgers van ouderen, erkent iedere Berlijner. Hetzelfde geldt voor een stad als Brussel, waar eveneens, al voor toetreding tot de EU, veel Polen illegaal werken soms onder dwang van maffiose netwerken.

De Poolse Sozialrat, een koepel van Poolse organisaties in Duitsland, ervaart dat menige landgenoot slachtoffer is van – vaak Poolse – oplichters en criminelen. Die profiteren van mensen op zoek naar huisvesting en een baantje in het zwarte circuit, omdat ze niet legaal kunnen werken en wonen in Duitsland. Oprichter Witold Kaminski kent ook bedrijven die – legaal – Polen in dienst hebben genomen, maar ze willen er volgens hem geen ruchtbaarheid aan geven uit angst om contracten mis te lopen. Kaminski is boos om die ontkenning. ,,Nog steeds is er die gekke discussie of Duitsland wel een immigratieland is, terwijl er alleen al een miljoen Polen zijn."

,,Het is de schizofrenie van deze politiek dat we doen alsof die Polen er niet zijn, maar ze steunen massaal onze economie", zegt de Duitse econoom en arbeidsmarktdeskundige Günther Schmid. Hij is een uitgesproken voorstander van arbeidsmigratie. Die kan niet alleen een aantal vergrijzingsproblemen oplossen, maar werkt ook positief door haar culturele en sociale beïnvloeding. Hij wijst op regio’s zoals Baden-Württemberg. Van oudsher hebben ze een groot aantal migranten en ze behoren tot de welvarendste van Duitsland. Bij het toelaten van arbeidsmigranten zul je altijd verliezers hebben, erkent de econoom, die moet je opnieuw trainen. ,,Maar het zal de economie schwung geven, met name voor de lage middenklasse. Die profiteert van het scheppen van allerlei diensten voor de lokale economie."

Dat is al zichtbaar in Groot-Brittannië, Ierland en Zweden, waar jonge Polen, Litouwers, Letten en andere Oost-Europeanen de lokale economieën een oppepper hebben gegeven. In het Verenigd Koninkrijk hebben de nieuwkomers al meer dan een half miljard aan het bruto binnenlands product (bbp) bijgedragen. Maar anders dan de gastarbeiders vestigen ze zich lang niet allemaal in hun werkland. Met name tienduizenden Polen pendelen heen en weer. Doordeweeks werken ze keihard in het buitenland om het maximaal haalbare loon te verdienen, in de weekeindes gaan ze naar huis. Prijsvechters als Ryan Air verdienen er goed aan. Die vliegt vanuit Ierland naar allerlei Poolse plaatsen waar een Ier nog nooit van heeft gehoord. Dankzij de verdiensten in het buitenland is dat Poolse huis steeds groter geworden en voorzien van de nieuwste apparatuur, maar dit soort pendelmigratie heeft wel enorme sociale kosten, voor het familieleven en de plaatselijke gemeenschap.

Onderzoekster Krystyna Iglicka, verbonden aan het onafhankelijke instituut voor internationale betrekkingen in Warschau, beschrijft de schaduwzijde. ,,Het is een heel moeilijke situatie, want onze jongeren zijn helemaal gericht op het buitenland." Eigenlijk is er nog geen concept hoe hiermee om te gaan, stelt Hubert Krieger. ,,We weten ook niet precies hoeveel Polen en anderen op deze manier in- en uitvliegen." In de gastlanden zullen ze echter niet gauw klagen. ,,Voor sommige samenlevingen zal dat gependel een opluchting zijn, want ze hebben geen kosten en problemen om hen te integreren, nog niet althans."

Volgens de econoom moet Europa echter oppassen niet weer als een struisvogel de kop in het zand te steken. ,,Een van de wijze lessen die we kunnen trekken uit de vroegere arbeidsmigratie die we in Duitsland en de Benelux kenden in de jaren vijftig en zestig, is dat je onmiddellijk stappen moet zetten om mensen te integreren. Toen was de idee dat je deze ’gastarbeiders’ na tien, twintig jaar werken wel naar huis kon sturen. Tamelijk naïef werd er gedacht. Maar we hebben het gezien, ze blijven." Inmiddels hebben veel werknemers en ondernemers in de EU een migrantenachtergrond, constateert Krieger. ,,Het is een simpel feit. Maar om ideologische redenen sluiten we nog altijd liever onze ogen daarvoor. Die blijven dicht voor een structurele aanpak van problemen. De angst regeert en daarom is er nog steeds sprake van een soort hype zoals rond de toelating van Oost-Europese werknemers."

Volgens Krieger zijn er veel belangrijkere dingen aan de hand waarover Europa zich zou moeten buigen. ,,Wat doen we met al die mensen die in wankele bootjes uit Afrika naar Spanje en de Canarische Eilanden komen? Hoe managen we dat? Er is een fundamentele verandering nodig in ons ontwikkelingsbeleid. We kunnen natuurlijk niet de hele wereld op onze schouders hebben, maar we zouden op zijn minst een soort antwoord hierop moeten vinden. Natuurlijk is het moeilijk een balans te vinden. Maar ik denk dat de Amerikanen daar veel beter in zijn dan wij. Die hebben toch een soort pragmatische houding."

Deze serie is totstandgekomen met steun van het Max Planck Instituut in Keulen en het Wirtschaftszentrum für Sozialforschung in Berlijn.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden