Opinie

Europa moet gewoon meepraten over racisme

De VN-conferentie over racisme in Durban was geen podium van anti-semitisme en anti-koloniale wraak. Ga volgend jaar naar Genève.

Europa zou weg moeten blijven bij een vervolgconferentie van de Verenigde Naties over het racisme, volgend jaar in Genève. Dat vindt Pascal Bruckner, schrijver en filosoof te Parijs (Trouw Letter & Geest, afgelopen zaterdag). Hij concludeert dat het anti-racisme binnen de Verenigde Naties verworden is tot de ideologie van totalitaire regimes. Zijn aanbeveling is een zwaktebod en een slecht advies, vooral in dit jaar nu wij stilstaan bij de zestigste verjaardag van de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens.

Bruckner schetst een volstrekt eenzijdig beeld van de in 2001 in het Zuid-Afrikaanse Durban gehouden eerdere conferentie over racisme. Zijn kritiek, in de Nederlandse vertaling gegarneerd met krachttermen als ’bloeddorstige stemming’, ’uitbarsting van haat’, ’podium van anti-koloniale wraak’, ’arena met schreeuwende mensen’, uit zich in zijn inkleuring van enige betreurenswaardige incidenten die Israël en het zionisme betroffen. Die zouden de toonzetting van de conferentie hebben bepaald. Deze incidenten hadden echter niet plaats op de officiële conferentie maar in parallelle bijeenkomsten. De belangrijkste organisatoren hebben zich er uitdrukkelijk van gedistantieerd.

Geen aandacht krijgt het feit dat op deze parallelle bijeenkomsten zich vele groeperingen uitdrukkelijk manifesteerden die eeuwenlang geen stem hadden en het slachtoffer waren – en nog steeds zijn – van diepgewortelde raciale en etnische discriminatie, zoals de inheemse volkeren in Noord- en Zuid-Amerika, de dalits in India, de roma en sinti in Europa.

Ten onrechte wordt ook de indruk gewekt dat in Durban het zionisme werd veroordeeld als een hedendaagse vorm van nazisme en apartheid. Afgezien van enige stemmen die in die richting gingen, valt in de Slotverklaring en het Actie-programma van Durban niets van dien aard te lezen. Wel spreken deze teksten ernstige bezorgdheid uit over de toename van anti-semitisme en islamofobie in verschillende delen van de wereld. En de conferentie vestigde er de nadruk op dat de Holocaust nooit moet worden vergeten.

Het is helaas een ervaringsfeit dat heel vaak de rechten en het lot van slachtoffers buiten beschouwing blijven. Zo niet in de slotdocumenten van Durban. Ik weet niet waarop Bruckner doelt wanneer hij schrijft dat „goede bedoelingen al snel in rook opgingen in een sfeer waarbij slachtoffers zichzelf boven de anderen plaatsen”. Mag het niet eindelijk eens zo zijn dat het perspectief van de slachtoffers wordt erkend? Durban besteedde uitdrukkelijk aandacht aan inheemse volkeren, vluchtelingen en asielzoekers, slachtoffers van mensenhandel, van raciaal en seksueel geweld, vrouwen en kinderen en andere slachtoffers van meervoudige discriminatie.

De kwestie van herstel van historisch onrecht verbonden met het kolonialisme en de slavernij was op het traject naar Durban toe en op de conferentie zelf een omstreden zaak. Het Westen dat beducht is voor claims om herstelbetalingen, bevond zich daarbij in het defensief. De slottekst is op dit punt niet het laatste woord maar wel een stap vooruit. Er wordt daarin gesproken van het in herinnering houden van misdrijven en wandaden in het verleden gepleegd, van ondubbelzinnige veroordeling van racistische tragedies, en het vertellen van de waarheid als essentiële elementen voor internationale verzoening en het scheppen van samenlevingen die gebaseerd zijn op rechtvaardigheid, gelijkheid en solidariteit.

De speciale VN-rapporteur inzake hedendaagse vormen van racisme, Doudou Diène, zou zijn pijlen vooral richten op het Westen en de Verenigde Staten, en zich onthouden van elke vorm van kritiek op autoritaire regimes in Azië, Afrika en Latijns-Amerika. Kennelijk heeft Bruckner niet kennis genomen van Diène’s kritische rapporten over het toenemende racisme en anti-semitisme in Rusland (tot grote woede van de Russische regering), het diepgewortelde racisme in Brazilië en het etnische geweld in Ivoorkust.

Het slotdocument van Durban is met consensus aanvaard, ook door de landen van de Europese Unie. De Europeanen hebben een actieve en positieve rol gespeeld onder Belgisch voorzitterschap in de persoon van de toenmalige energieke minister van buitenlandse zaken, Louis Michel. Ook de toenmalige Hoge Commissaris van de VN voor de rechten van de mens, Mary Robinson, heeft zich zeer ingespannen om de complexe en politieke materie van rassendiscriminatie in Durban in goede banen te leiden. Het consensusdocument van Durban is op zich geen panacee maar het is wel een tekst waarop voortgebouwd moet worden.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden