Europa leert samenwerken

De wonden worden gelikt na de oorlog. De wereld probeert zich te herstellen. Samenwerking is het motto, op politiek, cultureel, economisch en militair gebied. Verenigde Naties, Unesco, een raamwerk voor de toekomstige EG en de Navo zijn het antwoord.

De belangrijkste vraag in Europa is: wat gaat er met Duitsland gebeuren? Nooit meer mag het te groot en te machtig worden. Van oostelijke en westelijke zijde wordt het land met argwaan bekeken. Het wordt verdeeld in twee invloedsferen. In het Oosten ontstaat de Duitse Democratische Republiek, in het Westen slaagt bondskanselier Konrad Adenauer erin de westerse wereld weer wat vertrouwen in de Bondsrepubliek te geven.

Een angstige blik is gericht naar het Oosten, waar Stalin versterkt uit de oorlog te voorschijn is gekomen. De Amerikanen vrezen een te grote Russische invloed op het verzwakte Europa en besluiten forse ontwikkelingshulp te geven aan de West-Europese landen in de vorm van het Marshallplan. Doel is de oorlogsschade te herstellen en de economieën weer op orde te krijgen. De bedoeling is ook dat de Amerikaanse export zijn vruchten plukt van de hulp. Achterliggende gedachte is dat een sterk West-Europa beter in staat zal zijn zich te weren tegen het 'rode gevaar' uit het Oosten.

Voorwaarde voor de hulp is dat West-Europese landen politiek en economisch gaan samenwerken. De Amerikanen dichten de Britten aanvankelijk een leidende rol toe. Maar Londen voelt daar weinig voor en laat Parijs het voortouw nemen in de Europese samenwerking. België, Nederland en Luxemburg komen in 1944 al tot overeenstemming en gaan samenwerken in de Benelux. De Organisatie voor Europese Economische Samenwerking (OEES, 1948) en de Raad van Europa (1949) komen tot stand en vormen de opmaat voor de Europese Gemeenschap van Kolen en Staal (1951) en in een veel later later stadium de EEG, de EG en de EU.

Noord-Amerika (VS en Canada) en West-Europa besluiten militair te gaan samenwerken en tekenen in 1949 het Noord-Atlantisch Verdrag. In een later stadium mag ook de Bondsrepubliek Duitsland toetreden. Doel is de collectieve verdediging van de lidstaten, mocht een hunner worden aangevallen. De Navo moet de veiligheid garanderen van de westerse landen tegen het communistische gevaar. De Sovjet-Unie heeft enorm aan invloed gewonnen in Oost-Europa en komt met eigen antwoorden op de westerse samenwerking. In Moskou wordt de Comecon (1949) opgericht, de Raad voor wederzijdse economische bijstand, het antwoord van Oost-Europa op het Marshallplan. De Navo krijgt later het Warschaupact als tegenhanger.

Internationaal richten 51 landen in 1945 in San Francisco de opvolger van de Volkerenbond, de Verenigde Naties op met als doel internationale vrede en veiligheid en vriendschappelijke betrekkingen tussen de volkeren. Met een Veiligheidsraad moet de VN snel kunnen reageren, is de redenering. Maar met de vijf permanente leden (VS, Sovjet-Unie, Groot-Brittannië en China) blijkt het moeilijk overeenstemming te krijgen. De tegenstelling Oost-West, de Koude Oorlog, heeft een verlammende werking op de organisatie. Keer op keer zal een van de leden het vetorecht gebruiken om de zaak te frustreren.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden