Europa kan gebaat zijn bij groter Japans leger

Japan als militaire macht behoeft speelruimte, maar geen vrij spel, betogen Maaike Okano-Heijmans en Kees Homan.

Sinds Shinzo Abe eind 2012 aantrad als premier van Japan, is de discussie over de inzet van de Japanse Zelfverdedigingsmacht (ZVM) in stormachtig vaarwater beland. Dit betreft in het bijzonder de uitoefening van het recht op collectieve zelfverdediging, dat Japan sinds de Tweede Wereldoorlog verwerpt.

Abe wil meer militaire bewegingsvrijheid om bondgenoten - lees: de VS - in geval van conflict bij te staan en ten behoeve van VN-vredesmissies. Het is maar de vraag of de huidige stappen van Abe wel positief bijdragen aan mondiale en regionale stabiliteit, zoals hijzelf betoogt. Reden dus voor Nederland en Europa om stelling te nemen. Europese belangen rechtvaardigen een keus voor verandering, maar dan wel op een transparante en bedachtzame wijze. Meer speelruimte dus, maar geen vrij spel voor Japan als 'normale' militaire macht.

Vredesclausule

Want discussie over militair activisme van Japan ligt gevoelig, zowel in eigen land als in Oost-Azië. Op basis van de befaamde 'vredesclausule' uit de Grondwet - Artikel 9 - ziet het Japanse volk af van oorlog als soeverein recht van de natie en de dreiging of het gebruik van geweld, anders dan voor zelfverdediging. Japan beperkt bovendien zijn militaire vermogen tot wat minimaal noodzakelijk is. Daarnaast verwerpt het de uitoefening van het recht op collectieve zelfverdediging. Deze Grondwet dateert uit 1947, toen Japan net een verwoestende oorlog had gevoerd in eigen regio en het ideaal van het creëren van VN-strijdkrachten nog domineerde.

Ruim zestig jaar later zijn de kaarten echter anders geschud. Terecht wordt van het rijke Japan een actieve rol verwacht in regionale en mondiale veiligheid. Het land kreeg weinig waardering voor zijn 'chequeboek'-diplomatie van de Golfoorlog van 1991, ondanks een financiële bijdrage van 13 miljard dollar. Mede als gevolg hiervan nam het parlement in 1992 een wet aan die beperkte deelname aan VN-operaties mogelijk maakt. Maar de inzet van Japanse strijdkrachten blijft mondjesmaat.

Abe is vastbesloten de positie van Japan als eersterangs mogendheid in Azië en de wereld te handhaven. Samenwerking met bondgenoten en partners is hierbij een vereiste, evenals een sterke economie en een heldere nationale veiligheidsstrategie. Stappen daartoe zette Abe al.

Ook voor ons in Europa is stabiliteit en rechtsstatelijkheid in Oost-Azië en daarbuiten een groot goed, alleen al vanwege onze handelsbelangen. We zijn erbij gebaat dat Japan - een strategische partner waarmee we waarden als democratie en mensenrechten delen - kan optreden bij een regionaal of mondiaal conflict. Wel moet rekening worden gehouden met protest van buurlanden, vooral China en Zuid-Korea. Zij zien de stappen van de nationalistische Abe als re-militarisering, die juist bijdraagt aan regionale instabiliteit. Dit bezwaar is voor een belangrijk deel te verwerpen als politiek opportunisme, maar moet niettemin serieus worden genomen waar het reageert op bagatellisering van Japans oorlogsverleden door Abe en andere rechts-nationalistische personen.

De collectieve zelfverdediging is een universeel recht, dus ook voor Japan. Maar de zorg van buurlanden is deels gegrond, en de terughoudendheid van een significant deel van het Japanse volk onmiskenbaar. Steun uit Europa behoeft daarom bedachtzame besluitvorming en positieve stappen van Abe in de relatie met buurlanden.

Europa heeft een paar troeven om Abe hiertoe te bewegen. De Japanse premier wil bijvoorbeeld niet alleen met de VS maar ook met Europa de banden aanhalen. Zo versterkte hij zowel het partnerschap met de Navo als met de EU, naast overeenkomsten met de Franse president Hollande en de Britse premier Cameron voor samenwerking op het gebied van militair materieel en uitrusting.

Haastige spoed

Hoewel Abe in eerste instantie aanstuurde op herziening van de grondwet, lijkt hij nu genoegen te nemen met herinterpretatie ervan. Een grondwetsherziening vereist een tweederde politieke meerderheid en goedkeuring in een volksreferendum. Herinterpretatie kan veel sneller. Ook Amerikaanse politieke leiders sturen aan op snelle verandering. Maar deze haastige spoed is gevaarlijk politiek spel.

Indien Japan zijn ambitie wil realiseren een 'Proactive Contributor to Peace' te zijn, zal het meer verantwoordelijkheid moeten dragen voor de regionale en mondiale vrede en veiligheid. Discussie hierover in Japan is een goede zaak. Maar Europese steun vereist in elk geval ook een rechte rug later, als China en Zuid-Korea uit politiek opportunisme bezwaar aantekenen tegen veranderingen in Japans defensiebeleid. Laat toezegging tot steun aan Japan als volwassen militaire speler daarom een instrument zijn om Abe te bewegen tot verbetering van de relatie met deze buurlanden.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden