EU moet in Noord-Korea eigen geluid laten horen

Europa hoeft niet met spierballen te rollen. Een handreiking kost de EU minder gezichtsverlies dan de Verenigde Staten.

In de verhouding tussen Noord-Korea en zijn vijanden zien we een klassiek escalatieproces. Stoere taal aan de ene kant wordt beantwoord met stevige uitspraken van de andere kant. En wanneer men geen superlatieven meer kan vinden, grijpt men naar fysiek spierballenvertoon: het verspreiden van foto's van oorlogsvoorbereidingen door Kim Jong-un en zijn generaals, grootschalige oefeningen van Amerikaanse en Zuid-Koreaanse troepen aan de grens, Noord-Koreaanse kernproeven, en het instellen via de VN van steeds scherpere sancties.

De betrokkenen tonen zich onmachtig om zich te onttrekken aan deze dwingende escalatiedynamiek. Geen van beide kanten wil als soft te boek komen te staan. Dit zou immers kunnen worden geïnterpreteerd als een beloning van het vijandige gedrag van de andere partij. Het is echter zeer de vraag of Noord-Korea verzwakt wordt door dreiging en het steeds verder opvoeren van de druk. Vooralsnog lijkt het er eerder op dat deze druk het regime van Kim Jong-un versterkt.

Het Noord-Koreaanse bewind legitimeert zichzelf traditioneel juist in hoge mate onder verwijzing naar buitenlandse vijandigheid. Binnenlandse retoriek en propaganda benadrukken steevast de slachtofferrol en de noodzaak om zich te wapenen tegen kwade bedoelingen van buiten. Ook het meten met twee maten door de VN - waarom mag Noord-Korea geen kernbom en andere landen wel? - speelt in deze retoriek een centrale rol. Hoewel de Noord-Koreanen zuchten onder hun regime, staat een groot deel van hen hierdoor vermoedelijk al even vijandig tegenover het Westen als hun leiders.

Intussen zitten de VS en Zuid-Korea enerzijds, en Noord-Korea anderzijds, klem in een soort van prisoner's dilemma. Geen van beide zijden wil oorlog, maar geen van beiden durft als eerste met de ogen te knipperen. Deze situatie kan desastreuze gevolgen hebben. Oorlog zou wellicht een einde maken aan het dictatoriale Noord-Koreaanse regime, maar alleen tegen zeer hoge menselijke kosten.

Nodig is een derde partij die zich onttrekt aan deze duale dynamiek. De EU zou een leidende rol kunnen spelen in de zoektocht naar een middle ground. De EU is beter in het gebruik van soft power via diplomatie. Ook kost het doen van een handreiking aan Noord-Korea de EU minder gezichtsverlies dan het de VS zou doen.

Dat een handreiking nodig is, is wel duidelijk. Kim Jong-un voelt zich in een hoek gezet, en een kat in het nauw maakt rare sprongen. Intussen lijdt de bevolking onder de sancties. Vermoedelijk kan een toenadering het beste via humanitaire en economische kanalen - politieke of militaire gebaren liggen nu eenmaal te gevoelig. Via hulp aan de Koreaanse bevolking en het herstarten (en op termijn uitbreiden) van de economische samenwerking tussen Noord- en Zuid-Korea, kan de Noord-Koreaanse bevolking worden ondersteund en op termijn wellicht zelfs op andere gedachten gebracht over de noodzaak tot instandhouding van het regime.

De EU heeft veel ervaring met dit model van vrede-via-economische-samenwerking. De Europese samenwerking is zo begonnen. In de jaren zeventig en tachtig droeg dit bij aan democratische transities in Zuid-Europa. Zo'n Europese rol is echter alleen mogelijk wanneer de EU, Nederland incluis, zich meer distantieert van het Amerikaanse standpunt. Europa hoeft niet met zijn spierballen te rollen. De Europese kracht ligt elders. Het is tijd voor een eigen geluid.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden