'EU mist een ideologisch gevecht'

Geen wonder dat de opkomst laag zal zijn, zeggen filosofen Michael Sandel en Chantal Mouffe. Verkiezingen komen neer op een keuze tussen Coca-Cola en Pepsi. Voor wie ontevreden is, is er geen alternatief.

Goed, de stembussen zijn geopend. Wie sturen we namens ons naar het Europarlement? De opkomst zal vandaag naar verwachting niet veel hoger zijn dan de 36,8 procent bij de vorige verkiezingen. Tweede verwachting: Wilders cum suis zullen flinke winst boeken. Die voorspelling was de afgelopen maanden althans vaak te horen. Het valt nog te bezien of deze profetie bewaarheid wordt - cijfers van het Kieskompas en Ipsos suggereren dat de uitslag wel eens veel meer pro-Europa kan zijn dan gevreesd - maar wat opvalt, is precies dat: die vrees. Als de afgelopen maanden werd gesteld dat het vooral de populistische partijen zijn die garen spinnen bij deze verkiezingen, dan was dat zelden vleiend bedoeld.

Want ja, overal steken ze de kop op, die vermaledijde populisten. En ze brengen, aldus de Duitse 'topkandidaat' Martin Schulz tijdens een verkiezingsdebat in Maastricht, niets dan 'haat, xenofobie en antisemitisme'. Om te voorkomen dat zij in Brussel een voet tussen de deur krijgen, wilde hij 'de democratische meerderheid mobiliseren'.

Technocraten

Zulke uitspraken schieten de Belgische politiek filosofe Chantal Mouffe in het verkeerde keelgat. Ze is hoogleraar aan de Londense universiteit van Westminster. De paniek waarmee mensen als Schulz de opmars van het populisme gadeslaan vindt ze onterecht.

In haar boek 'Over het politieke' (2005) waarschuwde Mouffe voor de Brusselse neiging om het politieke debat te vervangen door een regime van technocraten die de Europese koers uitstippelen. Daar is nog niet veel in veranderd, constateert ze. Populisten protesteren daartegen. In plaats van ze af te doen als de xenofobe onderbuik van Europa, kun je er ook een roep om meer democratie in beluisteren, aldus Mouffe.

Op zich is die technocratische houding overigens begrijpelijk. Grote ideologische clashes leveren zelden veel op. En in het parlement gaat het vaak om zeer concrete kwesties. Pragmatisme, zou je kunnen zeggen, is de brandstof waar Brussel op loopt. En op korte termijn sorteert die manier van werken zeker effect: getting things done. Maar op de lange termijn, waarschuwt Mouffe, hol je er wel het bestaansrecht van de EU mee uit.

En dus is ze eigenlijk wel blij met de opkomst van het populisme. "Populisme is afgeleid van het Latijnse 'populus', en dat betekent 'volk'", legt ze uit. "En dat is precies waar het in politiek om draait: het creëren van een volk, een collectieve wil. Momenteel ontbreekt het hieraan. Tijdens anti-Europese demonstraties hoorde je dan ook vaak: we do have a vote, but don't have a voice!"

Het probleem, zegt Mouffe, is dat de EU doet alsof ze boven de politiek staat. "Er zijn dan wel verkiezingen, maar de meeste beslissingen worden niet genomen door het Europees Parlement. De echte macht ligt bij experts en quango's (quasi-autonome non-gouvernementele organisaties, red.). Aan wie leggen die verantwoording af? Wie vertegenwoordigen ze? In wezen is de EU ondemocratisch. Brussel behandelt ons als consumenten, niet als burgers. Dat was geen probleem toen de economie goed draaide, maar nu is het crisis en keert men zich tegen de EU."

Het goede leven

Ook de Amerikaanse filosoof Michael Sandel maakt zich zorgen om het democratische gehalte van de EU. De populaire Harvard-professor, bekend van zijn boeken over rechtvaardigheid en zijn 'What Money Can't Buy' uit 2012, heeft een even simpele als heldere oproep aan Brusselse politici: ga fundamentele debatten met het electoraat niet uit de weg, ook al lijken ze nergens toe te leiden. Economie is niet het enige wat een gemeenschap bindt. Wie democratie daartoe nivelleert, miskent de aard van politiek: een gesprek tussen burgers, soms zelfs een hevige botsing, over wat het goede leven inhoudt en wat het gemeenschappelijke goed is, de 'common good'.

"Overal waar ik kom, in Amerika, Europa, Zuid-Amerika, Azië en Australië, zie ik een wijdverspreide frustratie over de democratie, de manier waarop democratische instituties functioneren", zegt Sandel. "Die frustratie vind ik legitiem. Ze komt voort uit een besef dat het publieke debat is uitgehold. Partijen debatteren nauwelijks over de dingen die er echt toe doen. Er is een ideologische vermoeidheid die mij zorgen baart."

Die frustratie herkent Chantal Mouffe als het om de EU gaat. "Het lastige is dat je Europa in zijn huidige vorm nauwelijks aan de kaak kunt stellen. Er is geen debat. Want wie kritiek levert, wordt meteen anti-Europees genoemd. Dit zorgt ervoor dat steeds meer mensen de EU dan maar helemaal afwijzen."

Wat te doen? Wie ontevreden is over Europa moet volgens Mouffe de keuze hebben uit alternatieve modellen. Want waaruit heeft de Europese kiezer nu eigenlijk de keuze? "Alle benaderingen lijken op elkaar. Verkiezingen komen neer op een keuze tussen Coca-Cola en Pepsi. Dit is het probleem van de EU. Bij gebrek aan alternatieve visies kunnen we enkel voor de huidige unie zijn of overwegen die te verlaten. In plaats daarvan moeten we haar politiseren. Dus: een echt linkse visie op EU en een rechtse visie. Er is niet één opvatting van Europa, er moet ruimte zijn voor meerdere opvattingen. Er moet meer politieke discussie zijn over het Europa dat we nodig hebben."

Conflict is goed

Dit klinkt allemaal heel urgent - maar ook tamelijk abstract. Waar moet die discussie die Mouffe en Sandel willen precies om draaien? Sandel doet een poging specifieker te zijn. De belangrijkste vragen van Europa, zegt hij, draaien om grenzen. "Hoe de grenzen af te bakenen van de Europese gemeenschap? En hoe de verhouding tussen de verschillende gemeenschappen - sommige nationaal, sommige het nationale overstijgend - te articuleren?"

Debat over deze vragen heeft onvermijdelijk een ethische dimensie, zegt Sandel. Daar moet je niet bang voor zijn. En ja, deze vragen leveren ook onvermijdelijk conflict op. Maar ook dat hoort er bij, aldus Sandel en Mouffe. Sterker nog, conflict is goed.

"De EU kan wel een dosis 'agonisme' gebruiken", meent Mouffe, die daarover in 2013 het boek 'Agonistics' schreef. "Een politiek van strijd, van grote visies die botsen. Een dominante benadering van politiek ziet consensus als het hoogst haalbare in de politiek. Wie een afwijkend geluid laat horen, wordt met argwaan bejegend. Zo verloochent men wat ik de agonistische dimensie van politiek noem. Die gaat er juist vanuit dat conflicten inherent zijn aan politiek, ze moet aan de confrontatie onderdak bieden. Door die te negeren, creëer je slechts een schijnharmonie, die uiteindelijk leidt tot grotere ontevredenheid."

Wie gaat ervoor zorgen dat deze 'agonistische politiek' er komt? Politici? Dat zou mooi zijn, aldus Sandel, maar erg waarschijnlijk lijkt hem dat niet. Voor een 'moreel robuust debat' vestigt hij zijn hoop op instituties uit het maatschappelijk midden. En op het onderwijs. "Op middelbare scholen en vooral universiteiten moet jongeren geleerd worden hoe je een moreel zinvol publiek debat voert. Over waarden en identiteit. Over grote vragen. Dat vergt training, dat moet je leren."

Maar wat héb je nu concreet aan zo'n moreel geladen debat? Valt zo'n gemeenschappelijk project wel zo gemakkelijk te definiëren? Wat is dat Europese common good dan? Verval je met het pleidooi van Mouffe en Sandel niet onvermijdelijk in vaag gebakkelei over allerlei grote abstracties die niet veel met de werkelijkheid uitstaande hebben?

Misschien, zegt Sandel. "Er is geen garantie dat het lukt, die discussie. Er is ook geen standaard protocol voor hoe die gevoerd moet worden." En ja, zo'n debat riskeert uit te monden in een ideologische loopgravenoorlog zonder dat je een stap dichter bij elkaar komt. Maar zelfs dan, vindt hij, is het te verkiezen boven het huidige pragmatisme. "Het levert in ieder geval één heel belangrijk resultaat: een meer solide burgerschap. Dat kan gaandeweg een manier zijn om de politieke gemeenschap te verdiepen en solidariteit te kweken."

Oftewel: strijd schept gemeenschap? Een merkwaardige paradox, erkent Sandel. "Het gaat erom dat je de ander serieus leert nemen en leert begrijpen waaróm je zo van mening verschilt. Democratie is de kunst van het luisteren."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden