Esmee Visser: Als ik niet op het podium kom, lig ik een dag in mijn bed

Esmee Visser, dit seizoen nog ongeslagen op de 5 kilometer. Beeld , BSR Agency

Er is een grote kans dat Esmee Visser dit interview nooit gaat lezen. Simpelweg omdat ze alles waar haar naam of haar schaatsafstand bij staat niet opent. Ze is perfectionistisch, dus ze haalt er vooral dingen uit die ze niet goed vindt van zichzelf.

Dat soort gedachten zijn niet fijn om te hebben als schaatser, helemaal niet als er een wereldkampioenschap moet worden gereden. Een WK waar de 23-jarige favoriet is op de 5 kilometer, die zaterdagmiddag in Inzell wordt gereden. Waar ze als olympisch kampioen alleen maar kan verliezen, helemaal omdat ze nog ongeslagen is dit seizoen op de langste afstand.  

Je maakt een heel bijzondere carrière mee. Uit het niets olympisch kampioen, nu in een ploeg bij Ireen Wüst. Is het meegevallen nadat je olympisch kampioen werd?

“Nee, het was wel pittig. Het reizen. De wedstrijden. Het is een heel ander niveau. En ik wil altijd goed zijn omdat er meer mensen naar mij kijken. Ik wil goed overkomen.”

Doe je het ‘voor de mensen’?

“Nou, ik wil aan verwachtingen voldoen. Ik wil zelf het podium halen. Maar als iemand van buitenaf zegt dat ik bijvoorbeeld slecht start, word ik extra geconfronteerd en word ik extra boos op mezelf. Als het goed gaat en ik hoor dat, ben ik weer extra blij met mezelf.

“Ik probeer me wel af te sluiten. Maar als je iets over jezelf leest, voel je wel een extra paar ogen op je gericht. Net zoals dit WK. Ook al lees ik het nu niet, ik voel die ogen wel.”

Je bent dit jaar overgestapt naar de ploeg van Ireen Wüst. Samen met Lotte van Beek lijken jullie de drie musketiers van het schaatsen. Hoe is die sfeer?

“Het gaat heel goed, het voelt heel vertrouwd. Van tevoren had ik niet verwacht dat ik zo’n goede band zou kunnen hebben. Ik heb toch verhalen gehoord hoe het in de schaats­wereld gaat. Ik merkte tijdens de Spelen al dat in de schaatswereld de normen en waarden anders zijn dan wat ik ben gewend. Dat je wel egoïstisch moet zijn. Dat dat ook nodig is om het zo ver te schoppen.”

Er zijn ook sommige oud-teamgenoten die met Ireen hebben samengewerkt die niet heel leuke dingen over haar zeggen. Dat zijn vooroordelen die je misschien hebt. Ik ben heel blij dat ik de keuze heb gemaakt en voel me nu echt bevoorrecht dat ik bij haar in het team mag zitten en van haar mag leren. Ik had geen betere teamgenoot kunnen wensen.”

Kan je aangeven wat je precies leert?

“Zij vertelt over haar ervaringen. Er kwam en komt best veel op mij af sinds ik ineens olympisch kampioen werd. Zij heeft dat ook meegemaakt, ook fouten gemaakt en ze probeert mij daarvoor te behoeden. Hoe je moet omgaan met mensen die op jouw prestatie gaan reageren, bijvoorbeeld. Hoe je je daarvoor ook moet afsluiten.”

Gaat dat over negatieve reacties?

“Ook, of het feit dat mensen hogere verwachtingen van mij hebben. Dat vind ik niet zo fijn. Ik wil de underdog zijn.”

Maar dat kan niet meer als olympisch kampioen.

“Nee, dat zegt Ireen ook wel. Maar ze zegt ook dat ik veel kan negeren. Ze relativeert alles voor mij.”

En toch weer niet. Want zij zegt dat jij in de 5 kilometer woont, en als er iemand moet winnen jij dat bent.

“Dat vind ik ook leuk aan Ireen: dat ze wel vertrouwen in mij heeft. Dat zij echt talent in mij ziet.”

Heeft zij meer vertrouwen in jou dan jij in jezelf?

“Ja, misschien wel. Maar dat is meer omdat ik een twijfelaar ben. Het kan de ene dag goed zijn en de andere dag denk ik dat ik niet meer kan schaatsen.”

Vorige week werd je vierde op de 3 kilometer in Hamar. Dat was eigenlijk niet in lijn met je prestaties eerder dit seizoen. Was dat zo’n moment dat je dacht dat je niet meer kon schaatsen?

“Het was een baalmomentje. Ik schaatste niet slecht, maar ik heb hogere verwachtingen van mezelf gekregen. Ik wil gewoon op het podium staan. En als dat niet lukt, dan ben ik chagrijnig. Dat heb ik ook voor dit WK. Als ik niet op het podium kom, lig ik wel een dag in mijn bed.”

En als je tweede wordt?

“Dat vind ik moeilijk. Ik verwacht nu dat ik in de top-3 hoor. Maar ik vind het niet vanzelfsprekend dat ik win.”

Lees ook:

Esmee Visser, de nieuwe koningin van de 5 kilometer

Van vijfde op het Nederlands kampioenschap in oktober tot olympisch goud in februari. Esmee Visser (22) legde de weg naar de top in reuzenstappen af. Ze is als een bitcoin toen die nog in waarde steeg, grapte haar uitgelaten coach Remmelt Eldering gisteren.Een lijn bijna verticaal omhoog.

Lees ook:

Hoe spring-in-’t-veld Esmee Visser ineens een wereldster werd

Columniste Marijn de Vries over hoe Esmee Visser na de Olympische Spelen echt volwassen werd

De onklopbare geklopt: Nao Kodaira verliest voor het eerst in bijna drie jaar

Liefst 819 dagen lang was de Japanse Nao Kodaira niet te verslaan geweest op de 500 meter. Gisteren stopte die reeks. De onttroning kwam op een belangrijk moment. In het Duitse Inzell was de Oostenrijkse ‘thuisrijder’ Vanessa Herzog net iets sneller tijdens het wereldkampioenschap.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden