Erasmus beïnvloedde niet alleen ons denken, maar ook onze woordenschat

Gisteren was het op de kop af vijfenhalve eeuw geleden: 28 oktober 1466 geldt als mogelijke, zo niet waarschijnlijke geboortedatum van Erasmus. Toch werd de 550ste geboortedag van de bekendste Rotterdammer aller tijden (hij noemde zichzelf naar zijn geboorteplaats Desiderius Erasmus Roterodamus), de misschien wel grootste denker des vaderlands én de nummer 5 op de lijst van grootste Nederlanders afgelopen week niet erg uitbundig herdacht in de media.

Erasmus was behalve als theoloog, filosoof en schrijver ook actief als lexicograaf. Zo publiceerde hij onder de titel Adagia een grote verzameling spreekwoorden en uitdrukkingen die hij bij het lezen van geschriften uit de klassieke oudheid had genoteerd. Piscis primum a capite foetet bijvoorbeeld. De vis begint te stinken bij de kop. Het is zeer de vraag of we dat spreekwoord überhaupt zouden kennen als Erasmus het niet had genoteerd.

Adagia is echter niet zijn bekendste boek. Dat is Lof der zotheid. Die titel dateert uit 1560, ongeveer een kwarteeuw na zijn dood. Lof der zotheid is een vertaling van de Latijnse brontekst Stultitiae laus, die Erasmus in 1515 publiceerde en waarin hij 's werelds dwaasheid en zotternij op satirische wijze aan de kaak stelt.

Na de verschijning van de Nederlandse vertaling werd Lof der zotheid een bron van toespelingen van het type 'lof der nutteloosheid', 'lof der luiheid' en 'lof der politieke onervarenheid'. Kenmerk van al deze variaties is dat zot-heid kan worden vervangen door vrijwel elk begrip, vooral als dat een ondeugd benoemt.

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden