’Er zit nauwelijks nog vet op’

De journalistiek staat structureel onder druk; steeds minder mensen lezen een krant. ( FOTO WERRY CRONE, TROUW) Beeld
De journalistiek staat structureel onder druk; steeds minder mensen lezen een krant. ( FOTO WERRY CRONE, TROUW)

Morgen presenteert de commissie-Brinkman haar advies voor versterking van de journalistiek. Wat merken de lezer, luisteraar en kijker van de crisis in deze branche?

Maaike Bos

Aan de gebundelde jaargangen van weekblad Intermediair is genadeloos af te lezen hoe de economie ervoor staat. Eind jaren negentig: vuistdikke boeken. De eerste jaren van het nieuwe millennium: een stuk dunner. De nummers van dit jaar zijn er een schaduw van, zo dun zijn ze.

Het gratis weekblad wordt betaald uit personeelsadvertenties, die door de crisis zo teruglopen dat het blad drastisch moet inkrimpen. Van de 32 pagina’s met journalistieke artikelen blijven er 23 over, een vijfde van de redactie is ontslagen en alle freelancers is de wacht aangezegd.

Intermediair is niet het enige journalistieke medium dat de crisis nu echt voelt. BNR Nieuwsradio moest onlangs een kwart van de redactie ontslaan. Weekblad HP/De Tijd kromp vorig jaar al met eenderde („We hebben maar één advertentiepagina per week”, zegt hoofdredacteur Jan Dijkgraaf), De Volkskrant kijkt dit jaar nog tegen twintig ontslagen aan en het noodlijdende AD stuurt 124 van de 421 redacteuren de straat op. Ook Trouw ontkomt niet aan bezuinigingen en laat alle mensen met een tijdelijk contract gaan.

De kwaliteitsjournalistiek in de geschreven pers staat al langer structureel onder druk; steeds minder mensen, vooral jongeren, lezen een krant. Teruglopende advertentie-inkomsten en het aanbod van gratis nieuws op internet maken het ook de televisie en radio moeilijk. Niet voor niets gaf minister Plasterk (media) daarom de commissie-Brinkman opdracht om te onderzoeken hoe de media kunnen innoveren en welke maatregelen kunnen helpen een pluriforme pers te behouden.

De economische crisis komt daar nu bovenop. Kwaliteitsmedia moeten goedkoper en door minder mensen worden gemaakt. Wat merkt de lezer, kijker of luisteraar daar uiteindelijk van?

Nu al springt in het oog dat journalistieke producten dunner worden, of worden samengevoegd tot goedkopere varianten. De Volkskrant bracht boekenbijlage ’Cicero’ onder in de goedkopere combinatiebijlage ’2’. NRC Handelsblad voegde bijlage ’Zaterdag etcetera’ en het chique maandblad M samen tot het minder pretentieuze NRC Weekblad. „Je moet korten waar het geen pijn doet”, zegt hoofdredacteur Pieter Broertjes van De Volkskrant. „Goedkoper produceren scheelt me anderhalf miljoen euro per jaar. Dat doe ik liever dan veertig mensen ontslaan.”

Birgit Donker van NRC Handelsblad is, dankzij kostenbesparingen vorig jaar, nog optimistisch en wil geen mensen ontslaan. „Dat gaat de lezer merken. Het tast de kwaliteit van de krant aan.” Haar collega’s zijn allemaal somberder. Broertjes: „We zijn voor veertig procent afhankelijk van adverteerders. Als die ons massaal in de steek laten, houdt het een keer op.”

Het aantal geschrapte pagina’s in kranten valt nog mee en de minuten nieuws op radio en tv blijven ongeveer hetzelfde, maar hoe nieuws vormgegeven wordt, is aan het veranderen. NOS Nieuws voelt nu geen probleem, omdat het binnen de publieke omroep het hele jaar een vast budget heeft, maar het commerciële RTL Nieuws draait nu al elke euro om. „We maken steeds de afweging of ergens een cameraploeg heen moet, of dat een interview kan via een telefoonverbinding. Er zit nauwelijks nog vet op,” zegt hoofdredacteur Harm Taselaar.

De inhoudelijke verandering blijkt al sterk bij de zakelijke nieuwszender BNR Nieuwsradio. „Aan de programma’s tijdens de spits morrelen we niet, maar op andere momenten hebben we minder arbeidsintensieve programma’s”, zegt hoofdredacteur Paul van Gessel. Zo is het journalistieke reportageprogramma ’De Frontlinie’ vervangen door een discussieprogramma met mensen aan de telefoon. „De duiding heeft ingeleverd, er is minder journalistiek en meer infotainment”, geeft Van Gessel toe. Hij treurt om de maatregelen die maken dat minder mensen hetzelfde werk moeten doen. „Journalisten zitten steeds minder in de haarvaten van de samenleving, waar ze horen. Zo krijgen we vooral in de regio een categorie bestuurders die zijn gang kan gaan.”

Die zorg deelt Elsevier-hoofdredacteur Arendo Joustra, voorzitter van het Genootschap van Hoofdredacteuren. „Ik maak me niet druk om het verdwijnen van titels, in elke crisis vallen zwakke broeders om. Maar journalisten controleren bedrijven, de politiek, overheden, gemeentebestuur en organisaties tot en met de voetbalclubs. Nu ontstaan er witte plekken, terwijl een samenleving goed werkende media nodig heeft om te kunnen ademen.”

Ben Knapen, bijzonder hoogleraar media en kwaliteit aan de Radboud Universiteit Nijmegen, vreest een blijvend probleem. Adverteerders kunnen consumenten tegenwoordig doelgerichter bereiken dan via kranten of televisiespots. De advertentie-inkomsten komen na de crisis niet meer terug op het niveau van vorig jaar, vermoedt hij.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden