'ER ZIJN TURKSE MANNEN DIE HEM ZIELIG VINDEN'

Hatice (29, beleidsmedewerkster bij een vakbond) en Kemal Bölek (32, journalist zonder baan) met Sare Meslina (10 maanden) uit Nijmegen. Hatice: “Thuis spreken wij Turks met elkaar. Maar al tijdens mijn zwangerschap bedachten Kemal en ik dat we na de geboorte van ons kind iedere dag een uur Nederlands zouden praten. Zodat het kind van jongs af aan die taal zou horen. Want we willen dat Sare Meslina perfect Nederlands leert. Als je in de kranten leest over achterstanden van allochtone kinderen, heeft dat altijd te maken met een taalachterstand. Maar van ons voornemen is nog niet veel terecht gekomen.”

Kemal: “Ik ben pas tweeëneenhalf jaar in Nederland. Ik kan me nog niet zo goed uiten in het Nederlands. Trouwens, Hatice is kostwinner, ze werkt vier dagen in de week in Zoetermeer en heeft dus veel reistijd. Ze komt 's avonds uitgeput van haar werk.”

Hatice: “Ja, dat is waar. Misschien komt het er later van. Maar wat we nu wel doen is dat Kemal de ene avond een Turks sprookje vertelt en ik lees de andere avond een Nederlands verhaaltje voor. En ik zing Nederlandse liedjes. 'Lammetje, ben je ziek' bijvoorbeeld. Dat heb ik ooit op de basisschool geleerd en heb ik altijd zo mooi gevonden. En Kemal heeft ook een liedje geleerd: 'Zagen zagen, wiede wiede wagen'.”

Kemal: “Het is goed voor mijn Nederlands.”

Hatice: “Ik ben hier geboren. Mijn ouders waren allebei textielarbeiders. Ze spraken nauwelijks Nederlands. Na de basisschool gaven de onderwijzers voor mijn zus, mijn broer en ik het advies: de internationale schakelklas volgen en daarna de fabriek in. Mavo zouden we zelfs niet kunnen halen.”

“Mijn moeder was vastberaden en stuurde ons een voor een naar Turkije, om daar de middelbare school te volgen. Ik heb daar achteraf enorm respect voor. Dat ze dat heeft gedaan omdat ze ons een betere toekomst gunde. Want het moet ontzettend moeilijk zijn geweest voor haar. Ik ben acht jaar in Turkije geweest. Als ik nu naar Sare kijk, ik zou nog geen jaar zonder haar kunnen leven.”

“Maar mijn moeder heeft gelijk gehad. We hebben nu alle drie een HBO of universitaire opleiding gevolgd. Mijn zus is in Turkije gebleven, mijn broer en ik zijn naar Nederland teruggekomen om te studeren.”

“Ik merk bij veel leeftijdgenoten - tweede of derde generatie Turken in Nederland - dat ze zich vanaf het moment dat ze kinderen krijgen gaan afvragen hoe dat nou moet met de taal. Ik hoor nu wel eens jonge Turkse meiden in de bus. Die spreken een soort mengelmoes van Turks en Nederlands. Dat klinkt afschuwelijk en is niet te volgen. Hoe kunnen we Sare zowel Nederlands als Turks leren en voorkomen dat ze die twee talen door elkaar gaat gebruiken?”

“Een vriendin van mij heeft consequent bepaalde delen van de dag alleen Turks of alleen Nederlands gesproken in huis. Ze was er heel dwangmatig mee bezig. Dat heeft verkeerd uitgepakt. Het meisje - nu zes jaar oud - wil geen Turks meer praten.”

Kemal: “Ik wil Sare ook de Islam meegeven. Met alle feestdagen meedoen en begrijpen waarom. En als we bij mijn familie in Turkije zijn moet ze toch ook met haar opa en oma kunnen praten.”

Hatice: “Bij veel jonge Turkse ouders die ik ken speelt het geloof niet zo'n grote rol meer. Er wordt niet meer zoveel waarde gehecht aan Islamitische feestdagen. Maar juist het Suikerfeest na de Ramadan en het Offerfeest zijn leuke kinderfeesten. Zoals Sinterklaas en Kerst hier. Ik herinner me dat ook uit mijn jeugd. De kinderen gaan dan langs de ouderen, kussen de handen en krijgen geld en snoepjes. Voor die feesten kreeg je altijd nieuwe kleren en cadeautjes.”

“Ik heb ook goede herinneringen aan kerstmis. We hadden thuis ook wel eens een kerstboom. Dat rook zo lekker. En al die lichtjes vond ik fantastisch. Maar verder had het geen betekenis voor me. Daarom zal ik nu zelf geen boom in huis halen, maar Sare mag al die feesten op school gewoon meevieren.”

“Kemal heeft nu een groter aandeel in de zorg voor Sare dan ik. Er zijn Turkse mannen die hem zielig vinden. Dat hij thuis zit met ons kind. Wat nou zielig? Hij maakt de eerste jaren van Sare mee. Hoeveel vaders hebben dat? Gisteren zei hij toen ik thuiskwam: ze heeft drie tandjes. Die had ik nog helemaal niet gezien. Dan ben ik gewoon jaloers op hem.”

Kemal: ,We hebben nu geen andere keuze. Ik heb geen baan maar volg nog steeds cursussen Nederlands. Ik zorg graag voor Sare, maar ik denk dat een man het toch niet zo goed kan als een vrouw.''

Hatice: “Ik geloof daar niet in.”

Kemal: “Mannen hebben toch minder geduld denk ik. En één ding vind ik best moeilijk. De luiers verschonen. Nu doe ik het. Maar als ze straks wat ouder is . . . Het is toch een meisje.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden