Er is meer aan de hand dan alleen maar het studiehuis

Wat kunnen denkers zeggen over het nieuws? Tweewekelijks laten wijsgeren uit Trouws Filosofisch Elftal hun gedachten erover gaan. Vandaag: het studiehuis levert slechtere eerstejaarsstudenten af, volgens het ministerie. Moet het bij onderwijs gaan om feiten, vaardigheden, of nog iets anders?

'De nieuwsgaring over het studiehuis“, zegt Huib Schwab, ervaren docent in het voortgezet onderwijs én filosoof met een eigen bedrijf, “is overdreven negatief. Het studiehuis was oorspronkelijk iets goeds, bedoeld om het onderwijs af te stemmen op een fundamenteel veranderde maatschappij. Van een 'lopende-band- massaproductie-model', waarin iedereen dezelfde lesjes moet opdreunen, naar een nieuw model met aandacht voor de individuele leerling: 'onderwijs op maat'.“

“Ik ben een beetje sceptisch over dat denken-op-maat“, zegt Ger Groot, universiteitsdocent wijsgerige antropologie aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. “Het onderwijs dient de leerling in te leiden in een cultuur die nu juist niet individueel is maar gemeenschappelijk. De nadruk op de persoon van de leerling legt het accent verkeerd. Een leerling moet dingen leren die hij nog niet weet en wordt dus blootgesteld aan iets vreemds. Zo leert hij dat hij ook in de samenleving later niet de zon zal zijn waaromheen alles draait. En zo krijgt hij een realistische kijk op de werkelijkheid en ontwikkelt hij een zekere weerbaarheid, ook ten opzichte van zijn eigen frustraties.“

Schwab: “Natuurlijk is een cultuur niet individueel bepaald, maar alleen als individu kun je de cultuur verinnerlijken. Een vijftienjarige met een bijzondere belangstelling voor genetica, voor quantumtheorie of voor beeldhouwwerk, kan alleen via een individuele benadering opbloeien.“

Het is te makkelijk om het studiehuis de schuld te geven, zegt Schwab. “Het falen van het onderwijs toont het falen van onze richtingloze, atomistische cultuur. Iedere cultuur bestaat bij de gratie van gemeenschappelijk opvoeden, en dat gebeurt juist niet. Als iedereen in de samenleving atomistisch leeft, dan is dat een maatschappelijk probleem. De school alleen kan dat niet oplossen.“

Wat er met het studiehuis mis is gegaan, zou volgens Groot ook aan de nadruk op kennisvaardigheden kunnen liggen: “Middelbare scholieren moesten in de tijd van mijn ouders nog rijtjes met alle graven van Holland en alle dorpen van Nederland uit het hoofd leren. In de jaren zeventig noemden steeds meer mensen dat 'nutteloze kennis' en werd geleerd hoe je die plaatsen in de atlas moet opzoeken. Dat is heel nuttig, als het niet te ver gaat. Want een bepaald basisbestand van kennis moet je hebben. Je hoeft niet te weten waar Swifterbant, maar wel waar Zwolle ongeveer ligt. Zo is het met alle kennis. Je moet een adequaat beeld van de werkelijkheid paraat hebben. Anders kom je zelfs met de beste vaardigheden niet ver.“

Groot: “Kennis, ingestampte kennis, is een absolute voorwaarde voor iedere creativiteit. Daarnaast speelde het 'stampen' ook nog een nuttige rol: het leerde de geheugenfunctie trainen. Dat moet gebeuren tussen je tiende en je vijftiende. Traditioneel was dat precies het moment waarop je Latijnse stamtijden en Griekse woordjes uit je hoofd moest leren: ogenschijnlijk nutteloos, maar een onschatbare geheugentraining.“

Schwab: “Dat je moet leren memoriseren, staat buiten kijf. Maar het is niet zo dat je via instampen kennis overdraagt. Kennisfeiten en vaardigheden kun je niet van elkaar scheiden. Kennis bestaat, bijvoorbeeld in de natuurkunde, uit opgeloste vraagstukken. Bij het oplossen van die vraagstukken gaat het zowel om een manier van kijken als om een manier van doen, zowel om feitenkennis als om vaardigheden. Een goede docent gidst je door die vraagstukken heen, en brengt het uitdagende in die vraagstukken weer tot leven. En dat tot leven brengen, dat kan via allerlei mogelijke manieren, maar niet via kennis instampen.“

Volgens Schwab komt de tweedeling van kennisvaardigheden en feitenkennis voort uit de beheersdrift van managers. “Het kennisvaardighedenmodel is een beheersinstrument. Je zet een aantal vaardigheden op een lijstje, en die ga je afvinken. Met onderwijsvernieuwing heeft dat niets te maken.“

Het onderwijs wacht, zegt Schwab, daarom nog steeds op de beloofde vernieuwing. Zo'n vernieuwing is volgens hem noodzakelijk, vanwege de veranderde samenleving. “Je zult leerlingen moeten leren om met nieuwe technologieën om te gaan.“

Groot: “Maar in de praktijk komt dat erop neer leerlingen aan te leren om met computers om te gaan. Geloof me: dat is nu de meest zinloze manier waarop je de kostbare lestijd kunt invullen. Met computers (en andere gadgets) omgaan, leren kinderen heus vanzelf wel: sneller dan de leraren (en de ouders), die in de nadruk op dit soort lessen misschien vooral hun eigen technische incompetentie trachten te bezweren.“ Schwab: “Leerlingen groeien op tussen geweldsvideo's die de neurologische structuur van de hersenen veranderen. Als ze op het internet gaan, worden ze bekogeld met porno. De school kan dergelijke problemen niet oplossen, maar moet ze wel aankaarten. Om ze op te lossen, hebben we een cultuur nodig die leerlingen krachtige waarden mee kan geven. We zullen met zijn allen weer wat aan opvoeding moeten doen, zodat de school weer de ribosoom van de cultuur kan zijn.“

Groot: ,,Als docentenopleidingen nog steeds de pedagogische inzichten uit de jaren zeventig uitdragen, mag het niet verbazen dat er weinig aandacht is voor vakinhoudelijke kennis. En dan verbaast het ook niet dat veel mensen de voorkeur geven aan ouderwetse scholen boven radicale onderwijsexperimenten.“

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden