'Er is maar één ding belangrijk: de centen'

Den Bosch blaast veldrijden nieuw leven in

DEN BOSCH - "Geld is bij jullie vandaag gespreksonderwerp nummer één", constateert oud-wereldkampioen van 2003 en 2004 Bart Wellens met afgeknepen adem. De Vlaming draait zich naast zijn camper voor het Brabantse provinciehuis in Den Bosch warm op de rollerbank. Nog een uur te gaan voor de start van de GP Brabant, waarvoor de internationale veldrijtop is uitgerukt. Opmerkelijk, want zo vaak vallen de dure -hoofdzakelijk Belgische - vedetten van de wintermodder niet meer te bewonderen in Nederland.

Het plein bij het provinciehuis is deze zaterdag omgetoverd in een tijdelijke camping met Duitse, Tsjechische en vooral Belgische kentekenplaten. Alleen tweevoudig wereldkampioen Niels Albert is er niet. Hij verkoos in Vlaanderen te rijden. Zo niet Alberts dorpsgenoot en regerend wereldkampioen Sven Nys: "Den Bosch is voor mij niet veel verder en als ik internationaal kan rijden doe ik dat liever."

Nys komt weinig buiten België. De veldrijsport lijdt internationaal een zieltogend bestaan. Geld is er amper. Sponsors lopen niet warm voor het vooruitzicht van anderhalve man en een paardekop. Dat er nog zoiets als een wereldbeker op de kalender staat, is te danken aan de bezorgdheid van de internationale wielerunie UCI over de hegemonie van de Vlamingen. "Het is net een vliegwiel", legt Nys het dilemma van het Belgische succes uit. "Wij winnen vaak. Dat stimuleert weer organisatoren in ons land. Dat is ook de reden waarom het in België zo goed draait en de sport in het buitenland zo moeilijk van de grond komt."

Wellens en Nys kijken misprijzend bij het woord missionaris. De twee Vlaamse veldrijmonumenten houden het liever op een voortrekkersrol. Nys: "Als ik als wereldkampioen meer mensen naar de cross trek, dan is dat mooi meegenomen." Wellens: "Het is belangrijk dat onze sport weer buiten onze grenzen aan aantrekkingskracht wint." Ze hapten zonder aarzeling toe toen de Bossche organisatie aanklopte.

Bondscoach Johan Lammerts zag de voorbije jaren met lede ogen aan aan hoe tanende resultaten het enthousiasme onder Nederlandse crossorganisatoren deed slinken. Steeds meer grote crossen legden het loodje en verdwenen van de kalender, schetst hij de ontwikkelingen bij de bus van de nationale opleidingsploeg. "Er moet zoiets als een export uit België op gang komen. Dat kunnen de renners niet alleen. Wij hebben mensen nodig die opstaan en dit oppakken."

Mieke Geeraedts is gestopt met tellen. De voorzitster van het Bossche organisatiecomité doet op deze wedstrijddag weinig anders dan handen schudden van sponsors. "Ik heb mij weleens afgevraagd of wij dit voor elkaar zouden krijgen, gezien de crisis. Het heeft mij uiteindelijk verbaasd dat het bedrijfsleven zo enthousiast reageerde." Nergens bleef de deur dicht, vertelt Geeraedts, in het dagelijks leven advocate en voorzitster van de statenfractie van de VVD. "Alleen Rabo liet het afweten. Maar misschien hebben ze ondertussen spijt."

Geeraedts' inzet was de wereldtop. "We wilden geen 'nee' verkopen. Dat betekent simpelweg dat je genoeg sponsors moet werven." Den Bosch sprokkelde een begroting bijeen van anderhalf tot twee ton, zegt de voorzitster uit haar hoofd. Het leeuwedeel gaat op aan startgelden. Nys vangt voor een uurtje koersen naar verluidt 13.000 euro. "Ik heb geen water bij de wijn hoeven doen hoor", lacht de Vlaming, die zaterdag tweede werd achter zijn landgenoot Tom Meeuwsen en net Nederlands kampioen Lars van der Haar achter zich hield. "Uiteindelijk is er maar één ding echt belangrijk in onze sport en dat zijn de centen", verduidelijkt Wellens.

"In Gestel noemen wij het wel eens de Bossche mentaliteit: dat gaan wij hier wel even doen. En inderdaad, ze hebben het toch maar geflikt", zegt oud-crosser Richard Groenendaal. Achter de rug van de Nederlandse wereldkampioen uit Sint-Michielsgestel vermaakt een hoempapa-orkest de vips. Voor wat hoort wat. "Wat deze organisatie mee heeft, is dat ze er blanco instapte. Er komen maar weinig mensen uit de sportwereld. Ze hebben het aangedurfd, misschien juist omdat ze niet van de hoed en de rand weten. Anderen waren er misschien niet eens aan begonnen."

"Enthousiasme is een eerste vereiste", stelt Nys. "Bij de laatste wereldkampioenschappen heeft de Nederlandse jeugd de concurrentie van de kaart geveegd. Daarmee krijgt zo'n organisatie ook meer goesting om een grote wedstrijd te organiseren." Geeraedts: "De aanstormende jeugd verdient een groot internationaal platform in Nederland."

Bondscoach Lammerts hoopt in ieder geval dat anderen zich laten inspireren door het Brabantse initiatief. "Ik pleit voor een eigen serie van acht of negen grote internationale wedstrijden in Nederland. Dat is goed voor de toekomst van onze sport. We laten ons nog te veel ontmoedigen als van de twintig deuren waar we op kloppen er misschien maar tien opengaan."

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden