Er is iets enorms aan de hand

De arts Grigori Brovkin ergert zich aan het defaitisme van de getroffen burgers ¿ 'ze zijn vergeten hoe je woedend moet zijn'

Als beginnende puber werd Darragh McKeon (1979) geconfronteerd met jonge slachtoffers van de kernramp in Tsjernobyl die op het Ierse platteland kwamen aansterken. Het waren de eerste vreemdelingen die hij zag. Die ervaring legde de kiem voor een obsessie met de ramp uit 1986 die het symbool zou worden voor het naderende failliet van de Sovjet-Unie. De inmiddels in New York woonachtige theaterregisseur smeedde uit zijn jarenlange fascinatie zijn indrukwekkende debuutroman 'Alles wat vaststaat, verdampt', een boek waarin de hand van de regisseur voortdurend voelbaar is.

McKeon is een meester in het nauwgezet observeren van zijn personages en het vertellen van een verhaal in pakkende scènes. Het consequent gebruik van de tegenwoordige tijd geeft de dramatische gebeurtenissen een grote directheid en brengt een geschiedenis van bijna dertig jaar geleden weer heel dichtbij. McKeon is zo'n schrijver die door zijn grote empathie met zijn personages laat zien hoe de geschiedenis de lotgevallen van individuele mensen binnendringt.

De eerste, nog vage aankondiging van de verwoestende kernramp krijgen we vanuit het perspectief van Artjom, een negenjarig jongetje van het nabije platteland dat op de dag dat hij voor het eerst met de mannen mee op jacht mag bloed ziet stromen uit de oren van de ossen, en korhoenders die als verdoofd uit de lucht vallen, terwijl de ochtendhemel een ongewone karmozijnen kleur heeft. Als even later helikopters boven het gebied verschijnen, weet hij het zeker: "Er is iets enorms aan de hand."

Meteen in het volgende hoofdstuk beschrijft McKeon in plastische beelden het inferno van de ontplofte kernreactor en de paniek onder de eerste hulptroepen op de rampplek. Onmiddellijk is duidelijk dat er geen adequaat rampenscenario bestaat en alle benodigde middelen volstrekt ontoereikend zijn. Er is door de autoriteiten domweg nooit rekening gehouden met een dergelijke calamiteit ('Het systeem zal niet falen, het systeem kan niet falen, het systeem is het roemrijke vaderland'). In de media zal nog geruime tijd de bezwerende mantra klinken dat alles onder controle is. De cynische autoriteiten hebben meer aandacht voor de imagoschade dan voor het lot van de getroffen burgers.

Door de ogen van Artjom beleven we de chaotische evacuatie van het nabije platteland, en de opvang in primitieve pakhuizen: "Artjom herinnerde zich hoe hij ooit een grote steen optilde en een massa insecten eronder zag kruipen. Zo zag een stad eruit als je alle muren en meubels weg zou halen." Het hygiënische regime bestaat uit het schoonspuiten van mensen met hun kleren aan.

Inmiddels is dan de arts Grigori Brovkin in het rampgebied gearriveerd. We hebben hem al leren kennen als een toegewijde chirurg in een ziekenhuis in Moskou, vol aandacht voor de mens achter de patiënt. Hij ziet de misstanden in de opvangcentra en ergert zich aan het defaitisme van de getroffen burgers: "Ze zijn vergeten hoe je woedend moet zijn." Zijn inzicht in de ernst van de ramp is aan dovemansoren gericht. In machteloze woede beziet hij de doofpot, en het opportunisme van collega's die blijven geloven in de officiële versie vanuit het Kremlin. Hij is de spreekwoordelijke roepende in de woestijn die systematisch monddood wordt gemaakt en uiteindelijk de hand aan zichzelf slaat.

In Moskou volgen we ondertussen zijn ex-vrouw Maria en komen er gaandeweg achter hoe hun gestrande huwelijk de tragische uitkomst is van de machinaties van het staatsapparaat; een casus die op microniveau laat zien hoe het werkt. Ook haar geschiedenis - een kritische journaliste die is veroordeeld tot de lopende band - is illustratief. Ze is het prototype van een ooit bevlogen dissidente, murw gemaakt door een meedogenloos systeem.

De gang van zaken rond de Tsjernobylramp is in de visie van McKeon een perverse uitvergroting van het falen van een totalitaire maatschappij. Zijn roman is een verhaal over degradatie en vernedering, en over het arsenaal aan (meestal machteloze) menselijke pogingen om je daar als individu tegen te verweren.

Het contrapunt in de roman is Jevgeni, het getalenteerde, maar sociaal kwetsbare neefje van de dissidente Maria. Een jongetje van negen dat de wereld vol verwondering gadeslaat: "De dingen die hij weet, weet hij door in zijn eentje tussen anderen te zijn. Lopend, luisterend, kijkend. Vorige zomer zat hij op een stoepje te kijken naar een lange rij die zich voor een vishandel uitstrekte, allemaal wachtende mensen die stonden te zweten en met elkaar stonden te kletsen. En toen het te heet werd om te praten, bleven ze zwijgend staan ademhalen. Stonden ze gezamenlijk lucht in te ademen en uit te blazen, alsof ze onderdeel van hetzelfde wezen waren, een lang, sliertig schepsel. Soms denkt hij dat mensen in de rij gaan staan om maar onderdeel van een rij te vormen. Om deel uit te maken van de vormen die speciaal voor hen in het leven zijn geroepen."

Op school en op straat is hij een mikpunt van spot en vernedering, maar uiteindelijk vindt hij een uitweg in zijn talent als pianist. Voortdurend 'omringd door krachten die hem willen vermorzelen', blijkt muziek ook 'een machtsinstrument'.

In de epiloog (anno 2011) is hij uitgegroeid tot een gevierde, in Parijs woonachtige concertpianist die bij een eenmalige terugkeer in Moskou met verbijstering de decadente glamour van het nieuwe Rusland aanschouwt.

In wezen vertelt McKeon natuurlijk geen nieuw verhaal, maar het is de vorm die deze roman zo indringend en bijzonder maakt. De filmische stijl die tal van onvergetelijke beelden en scènes oplevert, de voorbeeldige compositie waarin de gepresenteerde levens heel organisch met elkaar verweven worden, de mooie, gedempte toon die van grote empathie getuigt en de dramatische gebeurtenissen des te schrijnender maakt. McKeon heeft alles in huis om tot een schrijver van formaat uit te groeien.

Darragh McKeon: Alles wat vaststaat, verdampt. (All That is Solid Melts into Air) Vert. Rob van der Veer en Ireen Niessen. Prometheus; 423 blz. euro 24,95.

Ekaterina Kozel in haar huis, gelegen in het vrijwel verlaten dorp Tulgovichi, vlakbij Tsjernobyl.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden