Er is een schreeuwend tekort aan jonge profwielrenners

AMSTERDAM - Het is al jarenlang een zorgenkindje van het nationale wielrennen: de doorstroming van de amateurs naar de profs. Ook de scheiding van de amateurs in een neo- en eliteafdeling heeft het euvel niet kunnen verhelpen: het aantal (jonge) nieuwe profwielrenners blijft ver onder de maat.

Aan het einde van het vorige wielerseizoen vroegen slechts zeven coureurs de overstap naar de betaalde sector aan. Drie van hen (John den Braber, Michel Cerneus en Jan Hordijk) kwamen terecht in de inmiddels ter ziele gegane Foreldorado/Golff-equipe, terwijl twee anderen (TVM-renners Louis de Koning en Niels van Steen) na slechts één jaar weer gaan rijden bij de amateurs.

Erik Boezewinkel vroeg een licentie voor de VKS-ploeg, maar richt zich op het veldrijden, terwijl Wilfred Veltkamp voor een individuele sponsor rijdt. Van de zeven coureurs heeft dus niemand de aansluiting met de profs kunnen bewerkstelligen.

Voor dit jaar is de situatie niet veel rooskleuriger. Tot nog toe zijn er geen aanmeldingen voor een overstap naar de profs bij de KNWU binnengekomen. Een rondvraag leert dat een stuk of zeven coureurs de sprong proberen te wagen. Bij de Rabobankploeg zijn dat: nationaal neo-kampioen Johan Bruinsma, Bert Hiemstra en Mark Lotz. TVM heeft serieuze belangstelling voor Miquel van Kessel en Remco van der Ven, de winnaar van Olympia's Ronde. Martin van Steen, die al eerder prof was, en Christian van Dartel zijn in de markt voor een kleine Duitse profploeg.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden