Er is een scheiding gaande

Charlotte Van den Broeck verrast met pijnlijk mooie regels

Eén bundel had ze pas op haar naam, maar afgelopen oktober mocht ze samen met Arnon Grunberg de Büchmesse in Frankfurt openen, waar Nederland en Vlaanderen gastland waren.


Nu was dat debuut, 'Kameleon', met originele gedichten over vrouwelijke identiteit, lovend ontvangen en bekroond met de Herman de Coninckprijs. Dus helemaal vreemd was het niet dat voor de eervolle taak de jonge Vlaamse dichteres Charlotte Van den Broeck (1991) was gekozen.


Ik pak dat debuut nog regelmatig uit de kast, om dit soort aanstekelijke regels 'Vrouwen trekken bouillon van zichzelf in het badwater / tot hun binnenste in de vorm van een kind uit hen kookt'.


Maar inmiddels is er alweer een nieuwe Van den Broeck. Zo'n tweede bundel is altijd wat eng, ook voor de lezer - je wilt niet dat het minder is. Dus begon ik wat schoorvoetend aan 'Nachtroer', dat zijn titel dankt aan een Antwerpse nachtwinkel.


Deze tweede bundel laat zich echter nauwelijks vergelijken met de eerste. De gespeeld naïeve blik waarmee ze in 'Kameleon' de dingen nogal eens gadesloeg is weg. 'Nachtroer' is naar binnen gekeerder en opent met een reeks die terugtelt in de tijd. Er is een scheiding gaande. Van den Broeck laat de beelden hun werk doen: 'het huis laat zich verdelen in bananendozen en bezittelijke voornaamwoorden'. Achterwaarts in acht gedichten lezen we hoe het stel dat zich bezig is te ontvlechten - in spullen, lichamen - ooit versmolten was en als vulkanen op het eiland Lanzarote de liefde bedreef. Symbiose en losmaking lopen als een rode draad door deze hechte bundel: 'welke biologie schrijft aan de enkeling een symbiose voor? / het is niet uit te houden, de koude helft, het arendsoog dat in me duikt / op zoek naar een tegendeel, tot je thuiskomt en weer voortduurt in alles / sluipschutter in een weerloos koninkrijk waar we het slepen / van de weekdagen zonder harnas of kramp verdragen'


Vloeiend, zou je de poëzie van Van den Broeck kunnen noemen. Om de cadans van de woorden, maar ook vanwege het verlangen op te gaan in wat omringt. Steeds balanceert ze op de grens tussen vorm en omgeving, waar de een / het ophoudt en de ander / het andere begint. Van de gaten die het leven slaat, giet ze afdrukken in taal.


Maar al laten de gedichten zich niet altijd even makkelijk openen, om de haverklap stuit je toch op regels die zo mooi zijn dat ze haast pijn doen: 'Wij worden los geboren / groeien langs de stok in onze rug sluimerend omhoog / als klimplanten rond de ruggengraat het hoofd in soms / wijken we af in een ander, in een zachtere winter / dat hoop ik tenminste met de rug aan een stok gebonden / hoop ik op nevenschikking'.


Charlotte Van den Broeck: Nachtroer De Arbeiderspers; 88 blz. euro 18,99

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden