Er bestaat geen goedkope verzoening

,,In het nieuwe Zuid-Afrika moet de blanke en vooral de Afrikaner gemeenschap nederig worden. Niets is moeilijker dan nederig zijn. Voorwaarde voor nederigheid is het zonder schroom erkennen (belijden) van de eigen fouten en bereid zijn deze recht te zetten''. Deze uitspraak van de Zuid-Afrikaanse ambassadeur in Nederland Niehaus kon zijn oud-collega Hans Goris niet onweersproken laten. Trouw vroeg Carl Niehaus om repliek. ,,Het verbaast me niet dat hij daarmee nog worstelt.''

Na al die jaren van racisme en apartheid in Zuid-Afrika valt het mij altijd weer op hoe moeilijk het is iemand te vinden die vóór apartheid was. Regelmatig word ik geconfronteerd met brieven en bezoeken van blanke Zuid-Afrikaners die me feitelijk allemaal proberen wijs te maken dat ze altijd tegen apartheid waren en dat ze er 'binnen het stelsel' tegen hebben gewerkt.

Dat leidt onvermijdelijk tot de gedachte hoe anders Zuid-Afrika er zou uitzien als blanke Zuid-Afrikanen die nu zeggen dat ze nooit in apartheid hebben geloofd, zich daartegen eerder publiekelijk hadden uitgesproken.

De heer Goris was, behalve de laatste twee jaar van zijn diplomatieke loopbaan, in dienst van het apartheidsregime. Het is jammer dat hij zich toen niet met zoveel overtuiging tegen apartheid en vóór een rechtvaardig en niet op ras gebaseerd systeem in Zuid-Afrika heeft uitgesproken. Ik betreur zijn onvermogen om het verschil te begrijpen tussen mijn positie, als iemand die actief deel uitmaakte van de bevrijdingsstrijd tegen apartheid, en zijn positie als jarenlange dienaar van de apartheid. Dit werpt een schaduw over zijn opmerkingen over schuldbelijdenis en verzoening. Helaas duidt het ook op een eenzijdige en oppervlakkige interpretatie van wat de Zuid-Afrikaanse regering beoogt met 'affirmative action' (beter gedefinieerd als regstellende aksie).

Zoals blanke hovaardij onlosmakelijk was verbonden met apartheid, zo is blanke nederigheid onlosmakelijk verweven met verzoening. Een dergelijke nederigheid hoeft niet (zoals Goris beweert) vernedering te betekenen, maar gaat wel om veel meer dan om hulp aan Mozambique, hoe lofwaardig en noodzakelijk die hulp ook is. Ze eist het vermogen te erkennen dat verreweg de grootste schuldenlast voor de apartheid rust op de schouders van de blanke gemeenschap in Zuid-Afrika.

Daarmee ontken ik niet dat ook de wandaden van bevrijdingsstrijders die zich hebben schuldig gemaakt aan schendingen van de mensenrechten, beleden moeten worden, zoals ook door de Waarheids- en Verzoeningscommissie is erkend. Maar het gaat hier toch zeker niet om een situatie van gelijkwaardige schuld die eenvoudig kan worden opgelost door 'een wederzijdse actie van belijden en vergeving'.

Ik besef dat dit voor blank Zuid-Afrika niet gemakkelijk te begrijpen is. Daarom heb ik in een van de kernparagrafen van mijn Kuyperlezing, die in Trouw van 26 november 1999 werd gepubliceerd, verklaard: ,,Van blanke Zuid-Afrikanen eist het vrije, nieuwe Zuid-Afrika een werkelijk bovenmenselijke nederigheid en bereidheid tot verootmoediging. Dit kan niet slechts een algemene verootmoediging namens, bijvoorbeeld, het 'Afrikaner volk' zijn; nee, dit moet ook een diepe persoonlijke belijdenis en verootmoediging betekenen die ieder van ons als individu in ons persoonlijk leven moet afleggen en waarmaken. Er kan geen sprake zijn van een goedkope of niets kostende belijdenis; er moeten offers gebracht worden''.

Ik ben dankbaar dat de heer Goris, zoals vele andere blanke Zuid-Afrikanen, zich nu uitspreekt ten gunste van verzoening en het nieuwe Zuid-Afrika. Dat is een aspect van wat Zuid-Afrika tot zo'n bijzonder hoopvol land maakt. Toch, als we ernst willen maken met het potentieel aan hoopvolle ontwikkelingen, moeten we ook ernst maken met de diepe en veeleisende uitdagingen die zich voordoen wanneer een oprechte verklaring ten gunste van verzoening moet worden omgezet in een levensdaad. Dat is de essentie van mijn Kuyperlezing.

Uit de reactie van de heer Goris blijkt dat hij daarmee nog moeite heeft. Gezien het feit dat werkelijke verzoening in Zuid-Afrika van een mens vergt pijnlijk eerlijk te zijn tegenover zichzelf en zijn geschiedenis, verbaast het niet dat hij daarmee nog worstelt.

De discussie die hij in zijn reactie met mij aangaat, verdient, zoals die nu verwoord is, kritiek en daarom ben ik ook ingegaan op de uitnodiging van Trouw om erop te reageren. Maar daarmee moet het niet eindigen. Ik hoop dat we in de toekomst de gelegenheid zullen krijgen om een veel diepgaander gesprek te voeren -dieper dan mogelijk is op een krantenpagina- over de grote uitdagingen van een verzoeningsgezind leven in het Zuid-Afrika van vandaag.

We hebben de talenten en de actieve inzet van elke Zuid-Afrikaner nodig, ook die van Roel Goris en iedereen die denkt zoals hij. Daarom sluit ik af met de woorden van Abraham Kuyper waarmee ik ook mijn Kuypervoordracht heb afgesloten: ,,Nu vooral met de oude liefde aan het werk: dat zich niemand onttrekke ...''

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden