Engel hamert op één thema: het wij-gevoel

Risico's horen bij het leven, vindt Peter Engel. “Als ik niet bereid was risico's te nemen, was ik zeker niet naar Holland gekomen”, zegt de Duitser, sinds 1 juli bondscoach van de Nederlandse tafeltennisbond. “Mijn voorganger heeft hier niet zo lang gewerkt.” Het contract van Engel loopt tot en met de Olympische Spelen van 1996 in Atlanta. “Ik ga ervan uit dat ik langer kan blijven.”

Vorige maand kreeg de 40-jarige Engel in Middelburg de lachers op zijn hand. Na de Superliga-wedstrijd tegen Engeland bedankte hij heel nadrukkelijk Emily Noor voor haar aandeel in de overwinning. De Brabantse international moest er bijkans van blozen. Hoezo aandeel? Gehinderd door een borstspier-blessure had zij het hele duel op de bank gezeten. Met het compliment aan Noor benadrukte Engel zijn streven om van de ploeg een eenheid te willen maken. De korrels uit het verleden moeten omgebouwd worden tot een stevig zandkasteel. In zijn ogen is het wij-gevoel belangrijk voor alle teamsporters die succes willen hebben.

“Ik kan niet van iedereen vrienden maken”, weet Engel, “maar we hebben wel een gemeenschappelijk doel.” Hoe de spelers en speelsters na de trainingen en wedstrijden met elkaar omgaan, zal hem een zorg zijn. Als ze achter de tafel maar één front vormen. Uiteraard is Engel 'van horen zeggen' op de hoogte van de ruzies en oorlogen uit de afgelopen jaren. Hij wil er echter niet veel over kwijt. “Ik heb besloten een streep onder het verleden te zetten. Het is het niet waard om veel energie te stoppen in conflicten.” De historie weerhield Engel er niet van naar Nederland te komen. “Ik vind het een uitdaging om met speelsters van internationale klasse te werken.”

Na zijn loopbaan als full-prof tafeltennisser - in 1984 werd hij kampioen van Duitsland - werkte Engel als trainer bij de mannen van Saarbrucken en later bij de vrouwen van Steinhagen. Beide clubs verdwenen van het hoogste niveau nadat invloedrijke geldschieters zich terugtrokken. Na het gedwongen en totaal onverwachte vertrek bij Steinhagen legde Engel een part-time aanbieding van Berlin, de club van Stellan Bengtsson naast zich neer. En hij voelde zich “te verwend door het succes” om als bondscoach in Luxemburg of Italië aan de slag te gaan. Een interland Luxemburg-Liechtenstein trok Engel niet. “Ik heb mijn hele leven met profs gewerkt. Ik heb geen verstand van vrije tijdsport.”

Minder mensen

Bij Steinhagen had Engel naar eigen zeggen de grootste en sterkste groep van Europa onder zijn hoede. Ondermeer Jie Schöpp en Nicole Struse behoorden tot de selectie, die zo'n 20 tot 25 mannen en vrouwen omvatte. In Nederland moet Engel het met beduidend minder mensen doen. Op de dag van het interview zijn er welgeteld drie selectie-leden aanwezig op de centrale training in Utrecht: Gerard Bakker jr, Gert Kobes en Bettine Vriesekoop. De laatste is morgenavond Engels grootste troef in de eerste halve finale-wedstrijd uit de Superliga in en tegen Duitsland. Voor Engel een beladen duel in zijn geboorteland en met Schöpp en Struse als tegenstandsters.

Via Markus Reuter, de trainer van Dülmen die geen trek had in het baantje van bondscoach in Nederland, kwam de NTTB met Engel in aanraking. De oud-speler van Saarbrucken had nog een contract van een jaar bij Steinhagen, maar door het opstappen van de hoofdsponsor verdween die club van de ene op de andere dag. Een week voor het einde van de transferperiode stond iedereen, technische staf, spelers en speelsters, plotseling op straat. De interesse uit Nederland kwam voor Engel als een geschenk uit de hemel. Vol vertrouwen verhuisde hij naar Almere.

Terwijl veel Nederlandse spelers en speelsters in de afgelopen jaren de wijk namen naar de professionele en beter betaalde Duitse competitie, sloeg Engel de tegenovergestelde richting in. De weg van rijk naar arm. Van een land waar het tafeltennis hoog staat aangeschreven naar een land waar het tafeltennis zich in de marge afspeelt. Bij zijn debuut als bondscoach in Nederland, de vriendschappelijke wedstrijd tegen Europees kampioen Rusland in Den Helder, telde hij tot zijn stomme verbazing slechts een twintigtal bezoekers. Van een 'wij-gevoel' was destijds in ieder geval geen sprake. Misschien alleen bij de mensen aan de bar, zo van: wij zitten hier best.

Toch denkt Engel dat er in Nederland wel degelijk mogelijkheden zijn om het tafeltennis een professioneel steuntje in de rug te geven. “We moeten geduld hebben en hard werken”, zegt Engel. “Het is belangrijk dat we ons goed naar buiten toe presenteren”. Met goede prestaties in plaats van knallende ruzies. Dan komen de toeschouwers en de sponsors ook. Kijk maar naar Duitsland, waar veel mensen naar de zalen komen en de toppers bijzonder veel geld verdienen. “Het tafeltennis wordt goed verkocht in Duitsland”, meent Engel. “Zo hebben alle clubs managers in dienst die sponsors zoeken.”

Zo zou het in Nederland ook moeten, is de mening van Engel. Want zo af en toe constateert hij dingen die de sport in Nederland zo knullig maken. Een klein voorbeeld: “Ik was bij de play-off wedstrijd in Klazienaveen. Het was een goede wedstrijd met relatief veel toeschouwers. Maar er stond welgeteld maar een scorebord, dat kan niet. Dat is onvriendelijk voor het publiek. Terwijl het er juist omgaat de toeschouwers te vermaken en te onderhouden. Sport is ontspanning. In Middelburg (de Superliga-wedstrijd tegen Engeland, red.) ging het al beter. En dan merk je dat de mensen snel in de ban raken.”

In zijn nieuwe werkomgeving is het Engel tevens opgevallen dat de jeugd niet zoveel interesse heeft in de topsport. “Sport wordt niet zo snel als beroep geaccepteerd”, stelt de coach die met Saarbrucken eens de Europa Cup won. De Nederlanders staan in zijn ogen veel te huiverig tegenover topsport en zijn niet bereid om risico's te nemen. Zo van: ik wil eerst geld zien en daarna komen de prestaties wel. “Maar”, weet Engel, “er moet eerst hard worden gewerkt. Dan komen de prestaties, dan de sponsors en het geld. Het is een kettingreactie, maar je moet wel eerst durven investeren. En daarbij horen risico's. Als ik geen risico's durfde te nemen, was ik zeker niet naar Holland gekomen. Mijn voorganger heeft hier niet zo lang gewerkt.”

Zoran Gajic, de door Carel Deken gestrikte opvolger van Jan Vlieg, pakte na zeven weken alweer zijn koffer. Spelers, speelsters en bestuurders zagen al snel in dat de Zweedse Serviërs weinig technische en tactische kunde in zijn bagage had. In het half jaar dat Engel aan het roer staat, is er weinig kritiek op zijn functioneren geweest. Vorige maand liet Gerdie Keen zich in Trouw kritisch uit over de nieuwe coach, maar geschrokken van haar teksten trok de finaliste van het EK in Birmingham haar woorden weer snel in. Engel nam niet de moeite het artikel te lezen en haalde zijn schouders op. “Zulke dingen neem ik gelaten op. Ik draag de verantwoordelijkheid. Soms zijn speelsters niet blij met beslissingen, maar topsport is geen vakantie-reisje. Ik heb geen moeite met kritiek, maar dat moet ook gelden voor degene die op mij kritiek levert. Positieve kritiek kan juist goed werken. Negatieve kritiek is wel het laatste wat we kunnen gebruiken.”

Een van de heikele discussiepunten uit het verleden vormde de privé-coaching, met Mirjam Hooman en Frits Kantebeen vaak in het middelpunt van de commotie. Engel ziet geen gevaar in die vorm van coaching, die in de afgelopen jaren tot de nodige hilariteit leidde. Hij verwijst naar de gemaakte afspraken, die er op neerkomen dat een aantal selectie-leden gebruik mag maken van een privé-coach tijdens de individuele toernooien van de EK, de Top Twaalf, de WK en de Olympische Spelen. Maar het bloed kruipt vaak waar het niet gaan kan. Tijdens de open kampioenschappen van Italië zat Kantebeen plotseling langs de baan bij Melissa Muller, een andere protege van hem.

Engel: “Persoonlijk heb ik geen problemen met privé-coaching. In zie andere coaches niet als mijn concurrenten. Er zijn hier niet veel goede trainers en coaches. Ik ben niet de belangrijkste man in Nederland. Ik hoef niet per se langs de baan te zitten voor de foto in de krant. Als iemand anders een speelster beter kan helpen, moet hij daar zitten. Ik maak me ook niet veel zorgen over eventuele problemen. Ik heb er met Bettine en Mirjam over gesproken. Zij zijn bang dat hun inspanningen verloren gaan als zij door verkeerde mensen worden bijgestaan. Als zij zich goed voelen bij iemand, vind ik dat prima.”

In zijn eigen loopbaan als profspeler was Engel niet zo makkelijk voor zijn trainers. In de twintig jaar dat hij in de Bundesliga actief was, stond hij bekend als een rebel. Als trainer en coach is hij veranderd en hamert hij vooral op positieve zaken. “Ik kan niet tegen iemand in de training steeds zeggen, dit en dat doe je verkeerd”, aldus Engel. “Voor zo'n speler of speelster is het onmogelijk om tijdens de wedstrijd positief te denken.” Zijn ervaring als speler helpt hem wel in de coaching. “Ik probeer nu dat te vermijden wat mij als speler gestoord heeft. En belangrijk vind ik dat iedereen goed naar elkaar kan luisteren. Mijn werkmethode is om mensen in een richting te sturen zonder dat ze in de gaten hebben dat ze gestuurd worden.”

Paul Haldan

In de laatste maanden is onduidelijkheid bestaan over de posities van Henk van Spanje, maar vooral van Paul Haldan. Voor Engel staat het vast dat beide spelers hebben afgedaan voor de nationale ploeg, hoewel Haldan zijn afscheid nooit heeft bekrachtigd. Engel: “Haldan heeft gekozen voor zijn maatschappelijke carrière. Daar wens ik hem veel succes in. Hij heeft mij inderdaad laten weten dat hij eventueel beschikbaar was als ik in de problemen zat. Bijvoorbeeld voor thuiswedstrijden in de Europese liga. Toen heb ik gezegd; nee, Paul bedankt, daar voel ik niets voor. Voor mij is het zonneklaar dat Haldan ook niet meedoet aan de WK van volgend jaar in China. Nu zitten wij inderdaad met het probleem dat er naast Danny Heister en Trinko Keen geen goede derde speler is. Als wij met Haldan waren doorgegaan, hadden we dat probleem voor ons uitgeschoven. En dat is ook geen oplossing.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden