Enge clown jaagt angst aan

Betoverende magisch-realistische roman tegen de achtergrond van de Bende van Nijvel

Toen Peter Terrin (1968) in 2006 zijn opwachting in de Nederlandse literatuur maakte met de verhalenbundel 'De bijeneters' (hij had toen overigens al twee titels op zijn naam staan) dacht ik dat hij zich als schrijver in Hermansiaanse richting zou ontwikkelen: penetrant schrijven over menselijk ongemak. Maar inmiddels is hij een andere weg ingeslagen, meer die van het magisch-realisme. Zijn stijl, uitgebeend en zakelijk, bleek er erg geschikt voor: hij kan vreemde zaken voorstellen alsof ze vanzelfsprekend zijn, er zit iets kafkaësks in zijn schrijven. In zijn met de AKO-literatuurprijs bekroonde roman 'Post mortem' (2012) over een doodziek kind, liet hij zien hoeveel moeite het hem kostte om zijn eigen autobiografie in zijn werk toe te laten. Niettemin probeerde hij het; het resultaat was een verre van eenvoudig verhaal, een complex spel met fictie en realiteit, de eigen werkelijkheid als raadselachtig spiegelpaleis.

Zijn jongste roman 'Yucca' lijkt dan weer het product van fantasie. Fantasie die desalniettemin in de realiteit wortelt, want op de achtergrond herkennen we overduidelijk het België uit de jaren tachtig met de Bende van Nijvel als omineus decorstuk, een voorteken van ontwrichtende tijden. Viktor is zojuist uit de gevangenis ontslagen waar hij elf jaar heeft doorgebracht voor de moord of doodslag op zijn zoontje. De juiste toedracht kom je niet te weten maar de vraag die hij zichzelf stelt is: is een man nog wel een vader als zijn zoontje niet meer leeft? Ook zijn vrouw is gestorven tijdens een brute carjacking.

Hij staat er alleen voor en moet opnieuw beginnen. Direct verzeilt hij in een duister gezelschap, de firma Yucca, een cateringbedrijf dat dekmantel voor iets anders lijkt. Maar wat dan? Wordt er achter de schermen in organen gehandeld? Vallen er slachtoffers? Je komt er, net als Viktor zelf, niet achter. En dan is er Renée, jeugdig slachtoffer van een herseninfarct, maar die met haar handicap grootse, confronterende kunstprojecten maakt en steenrijk is geworden. Ze vertelt haar zoontje Willem over haar leven en over haar grootvader, die als politieman de overvallen van de Bende van Nijvel meemaakte. Haar laatste project is de nep-implantatie van een soort geluksmachientje, 'renée' genoemd. Wat Viktor en Renée met elkaar van doen hebben blijft ongewis, schijnbaar is Viktor op later leeftijd tuinman op het kasteel van Renée, maar achter de precieze verbanden kom je niet.

Terrin verstaat de kunst om de lezer zowel geïntrigeerd als onbevredigd huiswaarts te sturen: je krijgt alle machinaties te zien maar niet wat de bedoeling of het resultaat ervan is. Ik beschouw dat als een soort metafoor voor de onkenbaarheid van de wereld: je maakt van alles mee, alles is op en top realiteit maar het doel ontgaat je. Zoals Viktor er niet achter komt wat nu precies schuilgaat achter de eetkoffertjes die hij moet vervoeren, en zoals Renée haar klanten met placebo-applicaties charmeert en beduvelt, zo is het ook in de wereld: alles is waar en nep tegelijk.

Het resultaat is een schijnbaar heldere maar in wezen broeierige roman die niet valt samen te vatten. Terrins werk doet in dat opzicht wel een beetje denken aan het werk van de Japanse cultschrijver Haruki Murakami. Niet toevallig lees je tegen het eind van 'Yucca' over het jonge meisje Renée: 'ík kon toveren. Ik was negen jaar. Er was niets wat ik niet kon.' Zo'n tovenaar is Terrin ook: hij betovert in 'Yucca' bijna vierhonderd pagina's lang de werkelijkheid met zijn pen zonder het geheim te onthullen.

Het magisch-realisme was in Vlaanderen altijd sterker dan in Nederland. Schrijvers als Johan Daisne en Hubert Lampo schreven verhalen en romans die tussen droom en realiteit pendelen. Maar in hun werk had je ook duidelijk het gevoel dat je in andere dimensies van de realiteit werd geloodst. Terrin doet het subtieler, eigenlijk heb je van meet af aan het gevoel dat er iets te begrijpen valt, dat er iets opgehelderd zal worden maar hoe langer je blijft lezen hoe hopelozer die missie lijkt te worden. De 'crimiclown' die op de achtergrond van dit verhaal een belangrijke rol speelt is karakteristiek: bedoeld om te entertainen, jaagt hij angst en terreur aan. Hij is de januskop van de werkelijkheid en van de literatuur.

Peter Terrin: Yucca De Bezige Bij; 392 blz. euro 19,99

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden