En weer zit Nederland met een crisis op de Balkan

BRUSSEL - De geschiedenis dreigt zich te herhalen voor Nederland als voorzitter van de Europese Unie. Op de Balkan breekt een crisis uit, terwijl Den Haag de handen vol heeft aan een nieuw verdrag voor 'Europa'. Dat lijkt verdacht veel op de situatie in 1991.

THEO KOELE

De toenmalige minister van buitenlandse zaken, Van den Broek, was als voorzitter van de ministerraad van de EG dag en nacht in de weer om het gewapende conflict in ex-Joegoslavië te bezweren. De voorbereiding van het verdrag van Maastricht kwam daardoor zozeer in het gedrang, dat Nederland een diplomatieke nederlaag van jewelste leed. Op de beruchte 'zwarte maandag' in september veegden vrijwel alle andere EG-landen de Haagse ideeën voor vérgaande Europese integratie van tafel. Premier Lubbers nam de klus uit handen van Van den Broek, en vergaderde zaterdag na zaterdag met een handjevol getrouwen in het Torentje, om er in Maastricht toch nog iets moois van te maken.

Tot zover - gesimplificeerd - de historie. De vraag die rijst, is of Nederland ditmaal beter in staat is het een (internationaal crisismanagement) met het ander (versterking van de Europese samenwerking) te combineren. De reactie van minister van buitenlandse zaken Van Mierlo, deze week, op de anarchie in Albanië was nogal paniekerig. Natuurlijk, zei hij, we moeten iets doen. Maar wat? Van Mierlo zinspeelde op militair ingrijpen, maar de Duitse bondskanselier Kohl, op bezoek in Den Haag, maakte vrijwel meteen korte metten met dat idee. Wat, vroeg hij zich af, hebben onze soldaten daar in vredesnaam te zoeken?

Europese diplomaten wijzen op het verschil tussen ex-Joegoslavië en Albanië. In het eerste geval was sprake van een burgeroorlog tussen etnische groepen, in Albanië is het volstrekt onduidelijk wie de wapens opneemt tegen wie. Was er in het Joegoslavische conflict een machtige leider, de Serviër Milosevic, de Albanese president Berisha is een volstrekt geïsoleerd man. Alleen daarom al is een Europese interventie een hachelijke zaak; Berisha zou het uitleggen als een poging om zijn gezag te herstellen, terwijl de zogeheten rebellen het zouden zien als verwerpelijke steun aan een vermolmd bewind.

Opnieuw zit Europa met de vraag: wat te doen? Die vraag zal vandaag en morgen centraal staan tijdens in formeel beraad van de EU-ministers van buitenlandse zaken in Apeldoorn. Op de agenda stonden onderwerpen als de moeizame relatie met Turkije en het probleem van het gedeelde eiland Cyprus. Maar de beoogde 'diepgaande discussie' daarover zal naar verwachting plaatsmaken voor langdurig crisisberaad over Albanië. Al was het maar omdat twee EU-landen, Italië en Griekenland, een stroom Albanese vluchtelingen vrezen.

Herziening van het verdrag van Maastricht, de belangrijkste taak die Nederland zich als EU-voorzitter dit halfjaar heeft gesteld, staat in Apeldoorn niet op de agenda. Het is nog te vroeg om te zeggen of die operatie in de knel komt, zoals de intensieve Nederlandse bemoeienis met ex-Joegoslavië er bijna toe leidde dat er géén verdrag van Maastricht kwam.

Bovendien wordt er in Brussel op gewezen, dat 'Maastricht' meer om het lijf heeft dan de herziening ervan. De Eurotop van december '91 in de Limburgse hoofdstad leverde als klapstuk concrete plannen voor een Europese eenheidsmunt op, terwijl er nu tal van minder spectaculaire twistpunten zijn, zoals het toekomstig aantal leden van de Europese Commissie, het 'dagelijks bestuur' van de EU.

De onderhandelingen tussen de EU-lidstaten over herziening van het verdrag verlopen volgens ingewijden moeizaam, maar dat is geen verrassing. In Den Haag leeft al geruime tijd de verwachting dat pas kort voor de Eurotop in Amsterdam, in juni, spijkers met koppen geslagen kunnen worden. Voorlopig houdt 'iedereen de kaarten nog aan de borst', zoals het in Brussel heet. Maar hier, en zeker ook in Den Haag, wordt wel gehoopt op een spoedige 'impuls' van de ministers van buitenlandse zaken, bedoeld om de onderhandelaars flink vooruit te helpen. Als elke komende ministerraad in het teken komt te staan van de problemen in Albanië, kan zo'n impuls wel eens lang uitblijven.

Anderzijds kan de EU zich niet veroorloven nog eens machteloos toe te zien bij geweld op Europese bodem. Versterking van het buitenlands- en veiligheidsbeleid is immers ook een van de doelstellingen, die in een gewijzigd verdrag van Maastricht moet worden opgenomen. Fraaie verdragsteksten zullen op de publieke opinie weinig indruk maken, als op de zuidflank van Europa, in een kandidaat-lidstaat van de EU, chaos en geweld blijven heersen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden