Review

En Thomas draaide zich om in zijn graf

Wat ik altijd al had willen weten maar was vergeten na te gaan is waarom Thomas à Kempis nooit heilig is verklaard. Hij geldt als de auteur van 'De navolging van Christus', een van de beroemdste spirituele geschriftjes van de christenheid, afgezien van de Bijbel zelf. Thomas werd geboren in Kempen, bij Krefeld, in 1380, en stierf in het klooster op de Sint-Agnietenberg bij Zwolle in 1471. Hij is met Geert Grote de bekendste naam uit de Moderne Devotie, de laat-middeleeuwse, Nederrijnse spiritualiteits- en hervormingsbeweging.

Op de Agnietenberg wijdde Thomas zich aan een stil leven van beschouwing. Hij schreef de Bijbel over in het prachtige handschrift van de kopiïsten van zijn tijd en hield naast het vervaardigen van de 'Navolging' en andere werken ter bevordering van de christelijke levenswandel een kroniek bij van alles wat er in zijn klooster omging. Er werd vooral veel gestorven. En Thomas, met zijn hoge ouderdom, heeft er heel wat zien gaan.

Ooit was er sprake van om broeder Thomas tot de eer der altaren te verheffen. Naar de gebruiken van de tijd diende men de stoffelijke resten van de Dienaar Gods in kwestie te onderzoeken: wellicht vertoonden ze wondertekenen, stel bijvoorbeeld, in zijn geval, dat de hand waarmee hij zoveel had geschreven gaaf was gebleven. Dan was daarmee overtuigend het bewijs van heiligheid geleverd.

Maar nee. Het graf ging open en daar lag hij zonder gave hand en half gedraaid op zijn zij. Wat was er gebeurd? De verklaring moest wel luiden, aldus het verhaal, dat de broeders de arme oude Thomas helaas levend in de kist hadden gestopt, dat hij zich had proberen te bevrijden en zich aldus tegen de dood -Gods wil- in zijn laatste uur had verzet. En gediskwalificeerd voor de de heiligverklaring.

Het verhaal is een anekdote uit het fraai verzorgde en geïllustreerde boek 'Een klooster ontsloten', een uitgave van Thomas' kroniek van het Agnietenklooster, met enkele artikelen over geschiedenis, landschap, architectuur en achtergronden van het klooster.

We bevinden ons daar in een interessante periode van de vaderlandse geschiedenis. De Moderne Devotie mag immers gelden als een voorproefje van de hervorming die een eeuw na Thomas via Luther en Calvijn in deze gewesten toesloeg. De wantoestanden in de kerk, waar Luther tegen ageerde, het misbruik van macht en van kerkelijke ambten, de rijkdom en praal waren ook een gruwel in de ogen van Geert Grote, die het geloof in nuchtere eenvoud zocht te beleven. Maar bij Grote, bij de 'moderne devoten' en bij Thomas vind je nog niet die onvoorwaardelijke keuze voor Luthers 'alleen het geloof, alleen de Schrift'. Het misbruik, de luxe en laksheid van de kerkvorsten wilden zij van onderaf vooral pareren met hun leven van vernieuwde nadruk op vasten, discipline en ascese - 'werkheiligheid' dus.

De omlijstende artikelen maken duidelijk dat het bloeiende kloosterleven van de geestelijke nazaten van Geert Grote niet alleen is ingestort door de komst van de Reformatie in deze gewesten, maar dat het ook op zijn beurt zelf in verval raakte. Overigens juist nu van verschillende kanten in het verdorde Nederland de roep klinkt om een nieuwe 'Moderne Devotie' als reveil voor de 21ste eeuw, zou je ook wat actuele lessen verwachten uit die verre wereld van toen in de IJsselstreek, maar daar hebben de auteurs zich althans in deze uitgave helaas niet aan gewaagd.

Zoals gezegd is de kroniek van Thomas voor een groot deel een opsomming van de begrafenissen, met telkens een korte schets welk een voortreffelijk mens de ontslapen broeder was. ,,In de advent van datzelfde jaar stierf op de octaafdag van Sint Andreas, vóór de priem, onze bejaarde donaat Gerardus Poelman. Hij was geboortig uit Zwolle, maar woonde al 62 jaar bij ons in huis, vanaf de tijd namelijk dat wij nog arm waren aan landerijen en opstallen, aan boeken en heilige gewaden. Zijn ouders echter ondersteunden ons dikwijls, omdat zij onze vrienden waren en nogal vermogend. Hun talrijke weldaden bestonden daaruit dat zij ons geld schonken voor de aankoop van erven, uit liefde voor hun zonen die bij ons woonden.''

Na Thomas' dood neemt een broeder de kroniek over: ,,In datzelfde jaar [1471] stierf op Sint Jacobus, na de completen onze zeer geliefde broeder Thomas Hemerken, geboortig uit Kempen in het bisdom Keulen. Hij overleed op 91-jarige leeftijd, 62 jaar na zijn inkleding en in het 58ste jaar van zijn priesterschap. Vanaf het begin van het klooster doorstond hij vele ontberingen, aanvechtingen en inspanningen. Maar ook kopieerde hij onze bijbel volledig en deed hij hetzelfde met tal van andere boeken, ten behoeve van het klooster en ook tegen betaling. Daarenboven schreef hijzelf tot stichting van de jongeren allerhande kleine boekjes in een heldere, eenvoudige stijl, maar groots van strekking en uitwerking. Hij voelde zich buitengewoon aangetrokken tot het lijden des Heren en hij was bewonderenswaardig troostend voor beproefden en gekwelden. In zijn ouderdom had hij te lijden van zijn aanleg tot waterzucht in de benen. Ten slotte ontsliep hij in de Heer en werd begraven in de oostelijke kruisgang, naast broeder Petrus Herbort.''

Bij nader inzien: wie, die jongeren wil stichten en beproefden en gekwelden wil troosten, zou zich eigenlijk niet omdraaien in zijn graf?

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden