En het lijkt wel of het volk de heilige maakt

UDEN - Heiligen zijn er in alle soorten en maten. Voor allerhande kwalen en problemen was en is er een speciale heilige. Een tentoonstelling in het Museum voor religieuze kunst in Uden schenkt aandacht aan het hoe en wat van volksdevotie ofwel aan de verering van heiligen door de gewone man en vrouw.

Het museum had bijna geen actueler thema kunnen kiezen, met alle taferelen rond de dood van prinses Diana en Moeder Teresa nog in het achterhoofd. Zij zijn dan weliswaar (nog) niet heilig, maar de parallellen met heiligenverering zijn onmiskenbaar. Hun dood bracht mensenmassa's op de been die kaarsjes brandden, bloemen legden en briefjes schreven. Diana werd mystieke roos genoemd, troosteres van bedroefden. Moeder Teresa verwierf haar eretitel al tijdens haar lange leven. Het volk koos hen, omdat zij - maar beiden wel op heel verschillende wijze - op hun beurt voor het volk kozen, de zwakkeren in de samenleving.

In het religieuze museum in Uden gaat het dan wel om de heiligenverering binnen de rooms-katholieke kerk, maar het is dezelfde wisselwerking. En wat vooral imponeert is de werking van de massa: het lijkt wel of het volk de heilige maakt. Ontbreekt het publiek, dan verdwijnt ook de heilige geruisloos naar de achtergrond.

De tentoonstelling in Uden is de eerste van drie tentoonstellingen die dit najaar worden gehouden over heiligen in Nederland. De twee andere kunnen vanaf 11 oktober worden bezocht in Het Catharijneconvent te Utrecht en het Museum Meermanno-Westreenianum in Den Haag. In Utrecht zullen bedevaarten centraal staan, in Den Haag gaat het om het middeleeuwse heiligenverhaal, de Legenda Aurea.

Hoe de volksdevotie beleefd werd (en wordt) in Noord-Brabant en Limburg komt in Uden aan de orde. In de bovenzaal wordt het fenomeen van heiligenverering geïntroduceerd, wat is de oorsprong ervan en waartoe leidde het?

Daar staan ook de fraaiste stukken: de ingetogen beelden van Catharina van Alexandrië en Maria bijvoorbeeld. Een spiegeltje boven de vitrine laat de uitholling in Catharina's hoofd zien, waarin zich ooit relieken bevonden. Beide beelden werden in de vijftiende eeuw vervaardigd door de meester van Koudewater, van wie het museum meer fraaie beelden bezit.

Bijzonder is ook het fijn gesneden reliëf van de veertien noodhelpers. Het wordt toegeschreven aan Jörg Riemenschneider en dateert van omstreeks 1525. Met hun bijna identiek ronde, gebolde wangen en toegenepen mondjes lijken de heiligen wel broers en zussen van elkaar. Ook staan er altaarstukken met op de zijluiken de gulle schenkers. Vaak staan hun naamheiligen erachter: wie Joris heette liet zich afbeelden met Sint-Joris, Katrien met Catharina.

In de benedenzaal vinden we sommige van deze heiligen weer terug.

Daar staan in het midden achttien beelden opgesteld van heiligen, die in Noord-Brabant en Limburg zeer populair waren. Het merendeel ervan is middeleeuws. Bij sommige is de verflaag verdwenen, bij andere ontbreken de handen, armen of voeten of het attribuut dat hun marteldood symboliseerde. Het rad van Catharina van Alexandrië bijvoorbeeld of de toren van Barbara.

De blik is soms starend, soms neergeslagen, alsof ze door diegenen die hen kwamen vereren, in verlegenheid werden gebracht. Wie weet welke gebeden tot hen gericht zijn, welk leed zij allemaal hebben aangehoord?

Sint Blasius en Sinte Anna moeten het erg druk hebben gehad. Blasius werd aangeroepen bij keelpijn of huiduitslag, Anna bij onheil en ziekte. En wie een geschikte huwelijkspartner zocht, kon ook bij haar terecht.

De beelden zijn opgesteld in de volgorde van de heiligenkalender, van Barbara (4 december) naar Oda (27 november). Voor de middeleeuwers stond het dagelijks leven immers in het teken van de heiligen. Hun feestdagen vielen op vaste data en markeerden niet alleen de overgang van de seizoenen, maar bepaalden ook wat er dan op het land of in huis moest gebeuren. Zo eindigde het schooljaar op de feestdag van Lucia en begon de lente met het feest van Gertrudis. Vanaf dat moment ging men weer buiten op het land werken.

Behalve heiligen die in de hele kerk werden vereerd, zoals Maria en de apostelen, waren er ook lokale heiligen. Ieder bisdom kende zijn eigen heiligen en de kalenders verschilden zelfs per streek en per stad. Dat is ook zichtbaar in Brabant en Limburg waar Lucia en Gertrudis erg geliefd waren. Met beelden, vaandels, processiestokken en andere voorwerpen worden die vereringen geïllustreerd. Het levert een gevarieerd beeld op dat schommelt tussen kunst en kitch. Lang niet alles spreekt aan, maar dat is wellicht inherent aan het verschijnsel volksdevotie.

Heel bijzonder is de kleine palmhouten gebedsnoot van Adam Dirksz. uit het begin van de zestiende eeuw. Het bolletje heeft een doorsnede van vijf centimeter en diende als rozenkransknop. Opengeklapt toont de ene helft in filigrainwerk Sint Christoffel, de andere helft Sint Sebastiaan. Christoffel beschermde de gelovige tegen een onvoorziene dood, een dood zonder sacramenten.

Daarom is zijn beeld of schildering vaak dicht bij de ingang van een kerk aangebracht: wie naar binnen ging, kon snel een blik op Christoffel werpen en vervolgens rechtsomkeert maken.

Een en ander valt te lezen in de handzame publikatie die bij de tentoonstelling is verschenen. Een catalogus kan het niet genoemd worden, omdat niet alle tentoongestelde voorwerpen erin beschreven worden. Dat is wel jammer, omdat sommige werken zeer de moeite waard zijn. Bovendien is hun herkomst niet altijd duidelijk, zoals het reliëf van Riemenschneider. Maakte dat deel uit van een altaarstuk?

Daar staat tegenover dat er achttien heiligenlevens in het boekje worden beschreven op heldere en ook humoristische wijze. Ernaast staat telkens een korte opsomming van parochies en gilden die de betreffende heilige als schutspatroon hadden. Verder wordt kort en bondig de iconografie van elke heilige gegeven. Dat is handig voor wie snel wil opzoeken aan welke attributen de heilige kan worden herkend. En al lijkt dat soms een hopeloze zaak als die attributen verdwenen zijn, dan kan altijd nog - volgens het boekje - de heilige Clemens Hofbauer worden aangeroepen, specialist in hopeloze zaken. Inderdaad, een heilige biedt altijd hoop.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden