En dit is het verdrag waar Nederland over stemt

null Beeld anp
Beeld anp

Wie het debat over het associatieakkoord tussen de Europese Unie en Oekraïne volgt, zou bijna denken dat er twee verschillende verdragen bestaan. Zo sterk verschilt de uitleg die het voor- en tegenkamp eraan geven. Alle mooie beloften en onheilsvoorspellingen verhullen soms over welk akkoord de kiezer morgen precies kan stemmen.

Marno de Boer

Wat staat er in het verdrag?
Het akkoord bestaat uit twee delen: 24 artikelen over politieke samenwerking en honderden over economie en handel. Het eerste, politieke deel bevat vooral onuitgewerkte toezeggingen en ambities. Oekraïne en Europa kunnen die later nog vormgeven. Zo beloven ze samenwerking bij terreurbestrijding, het bevorderen van de mensenrechten, en het promoten van regionale stabiliteit. Ministers en ambtenaren zullen regelmatig met elkaar praten om tot concrete plannen te komen.

Er staan ook hardere afspraken in het politieke deel, maar de meeste daarvan zijn opnieuw eigenlijk verwijzingen naar bestaande juridische instrumenten. Het verdrag verwijst naar bestaande onderhandelingen over visumvrij reizen. Een van de struikelpunten daarbij is dat Kiev eerst discriminatie in eigen land moet aanpakken. Daardoor beweren tegenstanders van het verdrag bijvoorbeeld dat Oekraïners straks zonder visum naar Europa mogen reizen, terwijl voorstanders als PvdA-leider Samsom de gunstige effecten op homorechten noemen.

Ook de financiële steun aan Oekraïne die het verdrag noemt, is strikt genomen een verwijzing naar andere regelingen. Op dit moment krijgt Oekraïne subsidie van de EU voor hervorming van de rechtsstaat en kredieten om de overheidsfinanciën te stabiliseren.

Wel moet het verdrag de bodem leggen onder nauwere samenwerking tussen de EU en Oekraïne. Mocht dat echt van de grond komen, dan zal Europa fondsen voor buitenlandse samenwerking waarschijnlijk eerder inzetten voor Oekraïne dan voor landen waar het minder mee samenwerkt. Het politieke deel van het verdrag biedt vooral een raamwerk voor vrijwillige samenwerking.

Het economische deel van het verdrag bevat wel omvangrijke verplichtingen. Het akkoord moet de weg bereiden voor 'de geleidelijke integratie van Oekraïne in de Europese interne markt', Oekraïne moet 'de transitie naar een functionerende markteconomie afronden' en zijn wetgeving 'geleidelijk afstemmen op die van de EU'. Daarom bevat het tweede deel van het verdrag talloze gedetailleerde bepalingen.

Kiev moet bijvoorbeeld staatssteun aan bedrijven aan banden leggen en de overheidsfinanciën volgens internationale boekhoudregels gaan controleren. Uiteindelijk streeft het verdrag ernaar dat Oekraïne functioneert als een moderne Europese economie, volgens de spelregels die EU-lidstaten de afgelopen decennia in Brussel met elkaar hebben afgesproken.

De parallellen die voorstanders van het verdrag weleens trekken met handelsverdragen die de EU ook met landen als Zuid-Korea en Peru sluit, gaan dan ook niet op.

Zelf je standpunt bepalen?

Wordt het ja of nee? Ga naar www.trouw.nl/referendum en doe de test.

De koffieverkopers in Kiev protesteerden voor eerlijke regelgeving voor kleine ondernemers Beeld epa
De koffieverkopers in Kiev protesteerden voor eerlijke regelgeving voor kleine ondernemersBeeld epa

Gaat Europa militair samenwerken met een land in oorlog?
In het politieke deel van het verdrag staan afspraken over buitenlands- en defensiebeleid. De meeste bepalingen zijn vrijblijvende ambities. Zo streven de EU en Oekraïne naar gezamenlijke standpunten over internationale problemen. Verder kan Oekraïne meedoen aan vredesmissies onder EU-vlag. Maar de EU laat nu ook al andere landen toe. In 2014 stuurde Oekraïne bijvoorbeeld een fregat naar de missie tegen piraterij rond Somalië, en hielpen Turkse en Chileense militairen de missie in Bosnië. Bovendien houden Europese landen het laatste woord. Iedere hoofdstad kan zijn veto over een missie uitspreken, en bepaalt zelf of ze militairen stuurt.

De betekenis van deze afspraken is relatief, omdat de EU op militair gebied weinig voorstelt. Europese krijgsmachten werken vooral samen via informele coalities of via de Navo. Europese legers zijn door bezuinigingen ook nauwelijks in staat om zonder Amerikaanse hulp serieus oorlog te voeren.

Het belangrijkste militaire onderdeel van het verdrag is dat Oekraïne lid wordt van het Europese Defensieagentschap (EDA). Via EDA proberen landen samen te werken bij de ontwikkeling en aanschaf van militair materieel.

Zo kunnen ze kosten delen en de spullen kopen waaraan in Europa een tekort is. Als lid van EDA gaat de Oekraïense defensie-industrie zich mogelijk meer op samenwerking met Europa dan met Rusland richten. Als erfenis van het gezamenlijke Sovjetverleden werkten Russische en Oekraïense defensiebedrijven tot 2014 juist nauw samen.

Enerzijds kan Oekraïne geleidelijk naar de Europese defensiemarkt trekken door het nieuwe lidmaatschap van het Europese Defensieagentschap. Anderzijds kwam de beslissende duw daarvoor juist van Moskou. Toen dat in 2014 een oorlog met Oekraïne begon, werd Kiev in de armen van Europa gedreven. Sindsdien probeert Oekraïne samen te werken met gelijkgestemde landen als Polen. Ook Navo-leden als Tsjechië en Kroatië volgen deze trend, en kopen vanwege de spanning met Rusland geen wapens meer van Moskou.

Is het verdrag slecht voor de Nederlandse en/of de Oekraïense economie?
Volgens tegenstanders zal het verdrag leiden tot economische problemen in zowel Nederland als Oekraïne. Zij vrezen het scenario dat de weinig efficiënte Oekraïense bedrijven het niet volhouden op de Europese markt. Dat kan leiden tot massale werkloosheid in Oekraïne. De vrees is ook dat die mensen vervolgens door visumvrij reizen naar West-Europa trekken. Voorstanders stellen juist dat het verdrag voor beide partijen gunstig is. Nederlandse bedrijven kunnen bijvoorbeeld de Oekraïense agrarische sector moderniseren.

Oekraïne verkeert in een zware recessie, door de oorlog en door de economische sancties die Rusland tegen Oekraïne heeft ingesteld als wraak voor ondertekening van het verdrag. Volgens tegenstanders van het verdrag is Oekraïne beter af als het de afspraken met Europa in de prullenbak gooit, en een lijmpoging richting Moskou onderneemt.

Mocht Oekraïne integreren in de Europese economie en aan alle marktregels uit het verdrag voldoen, dan zullen de gevolgen voor veel bedrijven inderdaad groot zijn, zo leert het voorbeeld van de voormalige Sovjetlanden in Oost-Europa. Inefficiënte staatsbedrijven werden van het subsidieinfuus losgetrokken en buitenlandse investeerders kregen de ruimte. In Polen produceren Koreaanse bedrijven als Samsung en LG nu televisies. Het gemiddelde inkomen, in 1989 nog lager dan in Oekraïne, is nu drie keer zo hoog als in Oekraïne. Een ander voorbeeld is Roemenië, dat in 1999 een scheepswerf verkocht, aan het Nederlandse bedrijf Damen. Na aanvankelijke massaontslagen werker er nu 2300 mensen en is het bedrijf druk op zoek naar Roemeense technici.

Het verdrag probeert wel te voorkomen dat werkloze of laagbetaalde Oekraïners in West-Europa aan de slag gaan. Oekraïners mogen in de toekomst met een toeristenvisum negentig dagen naar Europa komen, maar ze hebben niet het recht om zich als werknemer te vestigen. Op papier zijn ook sluiproutes afgesloten waarlangs Oost-Europeanen eerder in vergelijkbare situaties in Nederland aan de slag gingen. Oekraïners mogen alleen als gedetacheerde of zzp'er aan de slag als zij in een paar gespecialiseerde beroepen werkzaam zijn. Oekraïense wegtransportbedrijven zijn ook uitgesloten van de Europese markt, om de positie van Europese vrachtwagenchauffeurs te beschermen.

Het lijkt waarschijnlijker dat Oekraïners richting buurland Polen trekken, waar ze als inwoners van de Oostelijke Partnerschapslanden eerder een werkvergunning krijgen.

Is het verdrag een opstapje naar EU-lidmaatschap?
Aan de ene kant zijn er in Europa stemmen die Oekraïne een perspectief op lidmaatschap van de Unie willen geven. Herman van Rompuy, voorzitter van de Europese Raad ten tijde van de onderhandelingen, wilde bijvoorbeeld dat Oekraïne uiteindelijk EU-lid kan worden. Ook Polen wil dat. In januari 2014 vertelde de toenmalige minister van buitenlandse zaken Radoslaw Sikorski dat hij een expliciete belofte van uitzicht op lidmaatschap in het akkoord had gewild.

Aan de andere kant zijn veel West-Europese landen sceptisch over mogelijke toetreding van een arm en corrupt land met 45 miljoen inwoners. Zij eisten met succes dat de passage geschrapt werd. In Nederland onderstreept premier Mark Rutte dat het verdrag juist een manier is om samen te werken met een land dat buiten de Unie blijft.Uiteindelijk heeft Oekraïne een aangeklede samenwerking gekregen. Het land krijgt toegang tot de Europese markt, maar van gesprekken over lidmaatschap is geen sprake. President Porosjenko heeft wel de hoop uitgesproken dat die gesprekken in 2020 kunnen beginnen.

Hoewel Porosjenko waarschijnlijk te ambitieus is, heeft zowel hij als Rutte een beetje gelijk. Het verdrag zelf geeft Oekraïne geen concreet uitzicht op lidmaatschap. Mocht Kiev ooit voldoen aan alle beloften over corruptiebestrijding, rechtsstaat en economische hervormingen, dan heeft het land waarschijnlijk wel perspectief op aansluiting bij de EU. Voor het zover is, moeten alle landen in de EU daar wel opnieuw mee instemmen.

De aanleiding voor het verdrag: iets regelen met de buurlanden buiten de EU
Nadat landen in Oost-Europa vorig decennium lid werden van de EU, diende zich de vraag aan wat te doen met hun buurlanden, voormalige Sovjetrepublieken, die plots dicht bij de EU lagen. Wit-Rusland, Oekraïne, Moldavië, Georgië, Armenië en Azerbeidzjan waren niet klaar om zelfs maar te beginnen aan de voorbereidingen voor EU-lidmaatschap.

Brussel heeft met de landen die toch nauw willen samenwerken, onderhandeld over associatieakkoorden. Oekraïne, Moldavië en Georgië hebben die ook getekend. Armenië besloot in september 2013 het al uitonderhandelde akkoord onder Russische druk toch niet te tekenen.

De toenmalige Oekraïense president Janoekovitsj zwichtte eind 2013 ook voor dreigementen (sancties) en beloften (leningen) van Rusland. Dit leidde tot protesten in Kiev en de val van Janoekovitsj in februari 2014. Petro Porosjenko, die zich vol voor het associatieakkoord uitsprak, won nieuwe presidentsverkiezingen in mei. Een maand later ondertekende hij het akkoord. Inmiddels waren Russische militairen zijn land binnengevallen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden