Emotionele minister Pronk krijgt de gaten op Ontwikkelingssamenwerking niet gestopt

DEN HAAG - In de Tweede Kamer stond gisteren een getergd man. In de hoek gedrukt en onheus bejegend, niet alleen binnen het kabinet maar ook door de Tweede Kamer. Minister Pronk van Ontwikkelingssamenwerking werd deze week van diverse kanten in de Kamer "vriendjespolitiek" verweten, "plundering" van de eigen begroting, "gebrek aan politiek fatsoen" . Het ging Pronk te ver, veel te ver.

Hij blies terug: "U mag mij een politiek looser noemen, u kunt mij beschouwen als een slecht politicus. Maar u kunt mij niet betichten van plundering van mijn eigen begroting, van gebrek aan politiek fatsoen. Ik voel mij als een burgemeester in oorlogstijd. Ik geef iets mee om erger te voorkomen. Ik betreur al die bezuinigingen als geen ander."

Het emotionele verweer van de minister komt aan het einde van een bewogen week voor Ontwikkelingssamenwerking als geheel. Op een sombere achternamiddag lieten Kamer en kabinet afgelopen maandag het principe los dat Nederland 1,5 procent van zijn Netto Nationaal Inkomen aan hulp voor de derde wereld besteedt. Tijdens de behandeling van Pronks begroting daags erna werd nog eens dunnetjes herhaald dat de huidige regeringscoalitie van het budget ten behoeve van hulp aan de allerarmsten een grabbelton heeft gemaakt, dat er in de afgelopen drie jaar, maar liefst meer dan een half miljard is afgeroomd.

En dat Pronk hier blijkbaar, bewust of onbewust, medeschuldig aan is geweest: niemand anders is immers minister van ontwikkelingssamenwerking. Tegelijkertijd is niemand anders in de Nederlandse politiek zo de verpersoonlijking van de solidariteit met de Derde wereld. Heeft hij werkelijk zijn principes verkwanseld of is hij inderdaad als een burgemeester in oorlogstijd?

De gekwelde bewindsman klapte, zeer ongebruikelijk, uit de ministerraad om aan te geven hoe onwelwillend de huidige regering tegenover de noden van de Derde wereld staat: "Ik ben geconfronteerd met het voorstel om alle kosten voor de opvang van asielzoekers in Nederland op me te nemen. In totaal 1,2 miljard gulden. Ik ben geconfronteerd met het voorstel om alle hulp aan Oost-Europa, oplopend tot bijna 400 miljoen gulden, voor mijn rekening te nemen. Ik ben geconfronteerd met het voorstel de hulp gewoon terug te brengen tot een totaal van 0,7 procent van het Bruto Nationaal Produkt, in geld uitgedrukt een bezuiniging van 400 miljoen gulden. Ik voel me als een Hansje Brinker, steeds bezig een gat te dichten. Op het moment dat het gat is gedicht, ontstaat er elders een nieuw gat, dat als een vloedgolf over mij heen komt."

Want een van de weinige bezuinigingsvoorstellen waarmee de minister in het kabinet is geconfronteerd, en waarover hij de politieke strijd heeft verloren, maakt nu, dat de 1,5-procentsnorm niet meer te handhaven lijkt: Ontwikkelingssamenwerking moet meedraaien bij iedere bezuinigingsronde, en dit heeft de deur geopend voor de plunderaars.

Pagina 4: 'Er zijn grenzen'

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden