Elke stadsboer zijn eigen boerderij

De stadslandbouw tiert welig, maar waar blijft de stadsboerderíj? Trouw vroeg architect Tim van der Grinten er een te ontwerpen. Dat deed hij. Sterker nog: voor elke stadsboer een andere.

Het lijkt wel alsof sinterklaas-avond eraan komt. Maud van Bussel vraagt een huisje met een veranda. "Zo eentje waar ik mijn knoflook aan het dak te drogen kan hangen, en de uien. En aan de voorkant wil ik openslaande deuren, zodat er een groot terras ontstaat waarop we 's avonds kunnen eten, met een wijntje erbij." Jan Verschuuren wenst in ieder geval een keet waarin hij zijn gereedschap veilig kan opbergen. "Met een goed slot erop." En Puck Biolek droomt van véél licht in zijn huisje. "Met buiten twee compostbakken."

De leden van de Bossche volkstuinvereniging Pastoor Barten fantaseren erop los. En dat mag ook, want architect Tim van der Grinten is speciaal naar hen toegekomen om te horen hoe zíj een nieuwe 'stadsboerderij' zien.

Overal in Nederland neemt de stadslandbouw toe. Waar kantoorgebouwen gepland waren maar niet worden gebouwd, waar plantsoenen werden verwaarloosd of loze ruimte moest worden gevuld, wuift nu de maïs in de wind, bollen de kolen en dienen de bieten en piepers zich van onder de aarde aan. Toch ontbreekt er aan dat urban farming één ding. Een onderkomen voor al die stadsboeren en -boerinnen. Ze bergen hun gereedschap op in containers of verweerde huisjes die ooit op een Oostenrijks chaletje hebben geleken. Maar een modern, ruim onderkomen waarin de teelt kan worden gecombineerd met de consumptie van de eigen oogst, dát bestaat niet.

Daarom vroeg de redactie van Trouw Tim van der Grinten zo'n bouwsel te ontwerpen. De architect maakte eerder furore met zijn nieuwe ontwerp van de trekkershut, die nu als moderne Trek-in met veel glas en sloophout op de campings pronkt. Ook ontwierp hij voor bouwbedrijf Heimans verplaatsbare eenpersoonswoningen. En hij tekende de 'zorgwoning' die tijdelijk in de tuin van de mantelzorger kan worden geparkeerd. Van der Grinten specialiseert zich ook in de virtuele vertaling van zijn ontwerpen, zodat zijn klanten met een 3D-bril op zijn plannen van binnenuit kunnen beoordelen. Kortom: dé man die de nieuwe stadsboerderij moet kunnen neerzetten.

"Daar wil ik me wel over buigen", had Van der Grinten eerder aangegeven, "maar dan moet ik me wel kunnen verdiepen in de wensen van tuinders en stadsboeren". Vandaar dit bezoek aan Den Bosch, waar pastoor Barten in de crisisjaren dertig een deel van zijn pastorietuin afstond aan nooddruftige bewoners van de Graafsewijk. Die konden daar hun eigen voedsel kweken. Stadslandbouw avant la lettre. Volgens de huidige voorzitter Jan Verschuuren ademt de vereniging nog steeds die sociale sfeer. "Hier verbouwen buschauffeurs en rechters, autochtonen en allochtonen. En we leren allemaal van elkaar. Nog nooit is er één kwaad woord gevallen."

Tijd voor een rondje langs de kavels, want architect Van der Grinten wil vooral zien hoe de tuinders op dit moment op hun land verblijven. "Ik wil vooral zelfvoorzienend worden", vertelt Maud van Bussel als ze met Van der Grinten de laan uitloopt. "Maar ik houd ook van gezelligheid. En ik wil per se geen drempel in mijn huis. Binnen moet overgaan in buiten." Puck Biolek: "Kan er niet een tafel met schragen komen, die je gemakkelijk kunt opbergen als je 'm niet nodig hebt?" Jan Verschuuren: "Ik wil kasten waarin mijn gereedschap niet kan omvallen. Daar heb ik altijd zo'n hekel aan."

Van der Grinten kijkt naar de uitgebouwde tuinhuisjes, de roestige kassen, de Oostenrijkse chaletjes inderdaad, de zelfgemaakte insectenhotels en de hokken met gereedschap. Hij vraagt naar de gebruiken en gewoontes, bekijkt de zelfgemaakte steenoven van Maud en proeft van de aardbeien en pruimen. Dan slaat hij zijn schriftje dicht.

Twee weken later komt hij met zijn ontwerp. "Ik ben in Den Bosch vooral getroffen door die sociale verbanden", licht hij toe, "én de manier waarop elke tuinder zijn eigen landje vormgeeft. Iedereen lost op zijn eigen manier de problemen op, en geeft de oplossing door aan de ander. Dat is absoluut een cultuur die behouden moet blijven."

Zelf modules kiezen

Van der Grinten ontwierp daarom een stadsboerderij die is opgebouwd uit verschillende standaardmodules, waarmee de stadsboer zelf kan variëren. "De basis van de boerderij is een houten vloer die binnen en buiten gelijk is, twee wanden met aan beide zijden kastruimte die kan worden afgesloten, en een dak. Aan de voor- en achterkant zitten houten of glazen schuifwanden. Als deze openstaan, is er sprake van een groot afdak of overdekt terras. "Je bent beschut, maar het lijkt alsof je buiten zit." De breedte van deze basis is 2,2 meter, en ze kan vooral gebruikt worden als opbergruimte."

Maar deze ruimte kan ook verbreed worden tot vier of vijf meter. Dan is er aan de binnenzijde ruimte voor een keuken, en aan de buitenwand een complete werkbank met kasten waarin een container is verwerkt die regenwater van het dak opvangt. Er is dan ook plaats voor een grote eettafel met stoelen, voor de lunch, voor het diner, om samen koffie of een wijntje te drinken. Dit is de plek om de oogst te consumeren én de verhalen te vertellen.

"De boer kan kiezen voor een dak met goot die uitkomt in de regencontainer, eventueel in combinatie met zonnepanelen. Maar ook een met sedum begroeid dak is mogelijk, dat het water juist vasthoudt en het dak koelt. En er kan natuurlijk een plantenkasje in dezelfde vorm naast de boerderij komen."

Het is wat Van der Grinten betreft de bedoeling dat stadsboeren straks op zijn site de boerderij aan de hand van de modules zelf samenstellen. "Er hoeft er niet een gelijk te zijn." En wat gaat zo'n boerderijtje kosten, is dan de uiteindelijke vraag. Van der Grinten schat dat een eenvoudige stadsboerderij (zes vierkante meter) zo'n 8000 euro kost, een luxe versie met keuken en/of zonnepanelen (twaalf vierkante meter) rond de 16.000 euro. Zelfs de prijs kan de stadsboer zelf bepalen.

Nu bergen urban farmers hun gereedschap op in containers of verweerde huisjes die ooit op een Oostenrijks chaletje leken

Wie wil meedenken over de ontwikkeling van Van der Grintens stadsboerderij of deze zelfs in productie wil nemen, kan contact opnemen via www.moodworksarchitecture.com. Op deze site staan ook het ontwerp en andere projecten van Van der Grinten. Hij exposeert met de Dutch Space Invaders op de Dutch Design Week van 18 t/m 26 oktober. Zie agenda op www.dutchdesignweek.nl

Wie gaat 'm bouwen?

Extra opbergruimte, een keuken, zonnepanelen of glazen wanden? Van eenvoudig tot luxe: de stadsboer kan straks op een website zijn eigen onderkomen samenstellen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden