Elke reptiel krijgt zijn eigen omgeving

VLISSINGEN - De liefde is vooral ontstaan uit medelijden. Ad Bom van reptielenzoo Iguana in Vlissingen heeft zich gestort op de opvang van reptielen en insekten, juist omdat de meeste mensen niets moeten hebben van de snotterige wratachtigen.

"Vooral vanwege die afkeer" , zegt Bom, "en de desinteresse van het publiek voor het lot van reptielen, ben ik van die dieren gaan houden. Als ik me er niet mee bemoei, komt van die opvang niets terecht."

Iedereen roept moord en brand als een zielig hondje vastgebonden in het bos wordt achtergelaten, maar wie bekommert zich over een anaconda met malaria? Bom dus, en het gaat goed met die liefde. Misschien wel te goed.

Het bezoekersaantal van Iguana is sinds de oprichting in 1982 gestegen van 15 000 tot 52 000 per jaar en de collectie dieren is gegroeid tot vijfhonderd. Het oude pand aan het Vlissingse Bellamypark is vol en moet verbouwd, maar de provincie doet moeilijk over de toegezegde subsidie. Een wat technisch verhaal, dat kort verwoord hier op neer komt: de provincie heeft destijds in een mondelinge afspraak toegezegd, jaarlijks evenveel subsidie te geven als de gemeente.

Echter: de nieuwe gedeputeerde zegt van zo'n afspraak niets te weten en wil jaarlijks maar honderdduizend gulden overmaken, terwijl de gemeente bijna drie keer zoveel geeft. De al ingezette verbouwing kan daarom niet worden afgerond.

Vrijwilligers

Tot nu toe heeft Bom het net kunnen redden, met vooral weinig geld en veel inzet van vrijwilligers. Alle reptielen hebben een redelijk onderkomen. De groene leguaan bijvoorbeeld, met zijn geamputeerde staart, bewoont een warm terrarium op de begane grond. Hij is een paar jaar geleden afgeleverd door particulieren die vonden dat hij te groot werd. Naast hem, in een volgende glazen kooi, ligt een regenboogboa, die door de douane aan de grens uit een plastic zakje is gered. Daar weer naast ligt een varaan, die op Schiphol is onderschept, een koningspython, die is weggedaan, omdat hij naar zijn baasje begon te happen, de anaconda met malaria, vuurbekpadjes, ribbensalamanders, panterpadjes die zijn meegekomen met een zending hout uit Noord-Afrika, brulkikkers, en twee kanjers van bijtschildpadden die hun naam eer aan doen. Ze zijn, eenmaal volwassen, in staat in een hap drie vingers te verorberen. Hun baas zag dat niet zitten.

Bom heeft voor elk reptiel een 'eigen' omgeving geschapen. De een heeft een stukje Sahara gekregen met een zandbakje, een cactus en een hete lamp, de ander leeft in een Amazonestukje van een vierkante meter, vol plastic varens en met een eigen gevulde douchebak. Op de eerste etage hebben de reuzekakkerlakken, schorpioenen en vogelspinnen allemaal hun eigen vochtige terrarium.

Jampot

Iguana is eigenlijk ontstaan met een wandelende tak in een jampot op de keukenkast. "Dat is alweer zo'n vijftien jaar geleden" , zegt Bom. "Wel meer mensen houden insekten, of kweken salamanders. Eigenlijk niks bijzonders. Maar langzaam liep die hobby wat uit de hand. Ik ontmoette destijds op een camping in ZuidDuitsland bij toeval een echtpaar dat een reptielen-zoo in Italie beheerde.

's Avonds voor de tent praat je dan over die dieren, over hun gewoonten, over hun ziekten en langzamerhand begon ik me voor reptielen te interesseren. In Nederland ontmoette ik door mijn uitbreidende insektenverzameling ook steeds meer mensen die in die branche zaten, en zonder dat je het merkt, zit je in een reptielen-scene. Op een gegeven moment kwamen vrienden met die zieke anaconda aan. Er was iets mee, maar de eigenaar wist niet wat. En dat boeit me dan, he. We hebben stad en land afgelopen, de literatuur uitgepluisd, tot we wisten wat het dier had: het bleek dus malaria te zijn. Door voeding en medicijnen is de ziekte nu beheersbaar geworden. Maar te genezen is hij niet."

In 1982 besloot Bom tot de oprichting van een opvangcentrum, omdat het nu eenmaal moeilijk anaconda's houden is in een eengezinswoning en de verzorging van reptielen moeilijk is te combineren is met een baan in een supermarkt.

Verzameling

Zeker toen Bom de verzameling van het echtpaar uit Italie kon overnemen, was grotere behuizing nodig. Iguana is nu de enige grote reptielenzoo in Nederland en fungeert vooral als opvangcentrum voor in beslag genomen reptielen. De politie en douane hebben het nummer van Bom op de lijst staan, en zelfs de havenautoriteiten bellen Iguana als met een partij hout een vogelspin is meegekomen. Ook de honderden schildpadden, die maart vorig jaar in miserabele toestand op Schiphol in beslag waren genomen, verbleven tot voor kort in Vlissingen.

Bom signaleert een sterke toename van het aantal reptielen dat in beslag wordt genomen. "Enerzijds kan dat komen door striktere wetgeving, anderzijds door betere controle, en niet uitgesloten is dat er meer wordt ingevoerd. Waarschijnlijk zal het een combinatie van factoren zijn, in ieder geval is duidelijk: wij zitten ermee."

Naast de inbeslagnames komen particulieren ook regelmatig hun reptielen brengen. Zo'n klein kaaimannetje is nog wel 'troetelbaar', maar zodra hij twee meter is, moet hij het huis uit. "Het is duidelijk dat de mens van huisdieren houdt, maar zo'n dier moet dan wel zoveel mogelijk plezier opleveren, en zo weinig mogelijk problemen. En dan hebben mensen toch een verkeerde keus gemaakt als zij een leguaan hebben aangeschaft, of een krokodil. De ruimte wordt dan snel een probleem, en door een te klein terrarium en te veel verkeerd voedsel, gaan de dieren vergroeiingen vertonen."

Veel particulieren zijn ook niet gewend met reptielen om te gaan. De vrouw die haar slang hier een paar jaar geleden heeft ingeleverd omdat hij begon te bijten, benaderde dat dier te snel, en aaide soms, voordat zij bij hem kwam, de hond nog even. Ze rook dus naar zoogdier, en met die verkeerde beweging, wordt de slang misleid.

Bij het benaderen van een reptiel moet je eigenlijk op drie dingen letten" , zegt Bom. "Je geur is belangrijk, de temperatuur en je bewegingen. Langzamerhand ken ik de karakters van de dieren hier. Je hebt nu eenmaal slome slangen en nerveuze schildpadden. Die moet je allemaal anders benaderen. Ik ken hen op den duur, en zij kennen mij. En door het goede contact en het juiste voedsel, zie je de conditie van de reptielen in een paar jaar verbeteren."

Bom gaat niet zover dat-ie zijn reptielen namen gaat geven. "Als je zo persoonlijk met reptielen omgaat, houdt dat in dat je andere dieren verwaarloost. Alleen de dieren die al een naam hebben, als ze door een particulier hier worden gebracht, behouden hun naam. Zo heet de mannetjesleguaan Nero, en zijn vrouwtje Bo."

Bom probeert niet alleen dieren op te vangen, hij is ook bezig reptielen te kweken die weer aan dierentuinen worden geleverd. In een heuse babykamer liggen in drie couveuses de eieren van landschildpadden.

Opvangcentrum

"Op deze manier doe je nog iets voor de soort en zitten ze hier niet alleen maar in hokken te wachten tot ze doodgaan. Want geloof me: we zijn op de eerste plaats een opvangcentrum, en pas daarna een Zoo. En we zijn Zoo om wat geld te verdienen. Wat dat betreft, is die tentoontenstelling een noodzakelijk kwaad.

Als ik op een dag iemand tegen kom die de hele verzameling reptielen in de eigen omgeving kan uitzetten, geef ik de zaak zo mee. Want een boa of anaconda hoort niet thuis in het Bellamypark te Vlissingen."

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden