Elke koning wenst zich zo'n pers

Hella Haasse worstelde met die rare regel dat de prinses niet direct geciteerd mocht worden en grossierde in vaagheden

"Alle Nederlandse pers opgerot", riep de 11-jarige prins Willem-Alexander plotseling tijdens een fotosessie van de Oranjes na een vakantie in Ierland. Het is moeilijk voorstelbaar dat de jonge prins zo uit het niets tot deze uitspraak was gekomen. Wim Meeus wees er onlangs in deze krant op dat kinderen de neiging hebben het gedrag van ouders te kopiëren. De hoogleraar probeerde een verklaring te geven voor het gebrek aan respect dat jongeren voor gezagsdragers aan de dag leggen. Zien zij hun ouders foeteren op een agent die hun een bekeuring heeft gegeven, grote kans dat de kinderen dat gedrag ook zullen vertonen.

Had Willem-Alexander op eenzelfde manier thuis zo'n houding opgepikt? Dat Beatrix een - zacht gezegd - enigszins moeizame relatie heeft met de media is een publiek geheim. Het zal daarom daarom geen verbazing wekken dat de boeken die met het oog op haar aanstaande abdicatie zijn verschenen, aan dit aspect van haar koningschap een hoofdstuk wijden. Wat de oorzaak is van die afkeer, daar kunnen maar weinigen een vinger achter krijgen. Bekend is dat Beatrix graag de regie houdt en dat zij bij bezoeken vasthoudt aan een vast protocol.

In 1955, vlak voor de prinses achttien werd, mocht Hella Haasse op basis van enkele gesprekken een portret schrijven. Dat boekje is nu opnieuw uitgebracht. Blijkbaar beviel Beatrix dit eerste interview van haar leven goed, want in latere jaren zouden de twee vrouwen iets van een vriendschap opbouwen. Haasse, een van de verfijndste schrijvers van het koninkrijk, worstelde met die rare regel dat de prinses niet direct geciteerd mocht worden en grossierde onvermijdelijk in vaagheden.

Zo schrijft Haasse: "Zij erkent met grote eerlijkheid dat zij keer op keer bezweken is voor de charme van een persoonlijkheid en dat zij boeiende eigenschappen heeft menen te zien in anderen, om later te ontdekken dat het vertrouwen misplaatst was, de solidariteit minder hecht dan zij verwacht." Zou het hier over journalisten kunnen gaan die het vertrouwen van Beatrix hebben geschonden?

Waarschijnlijker is dat twee voorvallen in het voorjaar van 1965 haar ijzige houding ten opzichte van de journalistiek voor de rest van haar leven hebben bepaald. Eerst schoot een fotograaf van DeTelegraaf een foto van haar toen zij, vermomd met pruik en bril, met majoor Bosshardt van het Leger des Heils op de Amsterdamse Wallen was. Beatrix wilde zich verdiepen in het werk van het Leger en een onopgesmukt beeld krijgen van de hoerenbuurt.

Het tweede incident was ongetwijfeld pijnlijker, toen een fotograaf, liggend in de bosjes van Drakensteyn, de eerste foto van haar en Claus von Amsberg maakte. Dit waren vervelende inbreuken op haar privacy, maar rechtvaardigen die een vijandige houding ten opzichte van de hele pers?

Want zoals haar schoondochter Máxima ooit terecht constateerde dat dé Nederlander niet bestaat, zo bestaan ook dé media niet. Journalisten zijn niet allemaal hetzelfde. Dat de koninklijke familie in Nederland haar zegeningen mag tellen als het aankomt op de media, blijkt ook uit de reeks boeken die met het oog op het naderend aftreden van Beatrix zijn uitgebracht.

Zonder uitzondering zijn ze met zorg en kennis van zaken geschreven en wars van elke zucht naar sensatie. Het zijn brave, goed gedocumenteerde boeken. Er is geen spoor van cynisme in te bekennen.

Zo schreef historica Reinildis van Ditzhuyzen voor kinderen een prachtig werkje over de aanstaande inhuldiging. Met liefde voor de historische achtergronden van het Oranjehuis legt zij met de nodige humor uit wat er straks op 30 april zal gebeuren en waarom dat zo gaat. Menige ouder kan er trouwens nog wat van opsteken.

Jutta Chorus, auteur van mooie boeken als 'Afri', over de Rotterdamse emigrantenwijk, schreef met 'Beatrix: Dwars door alle weerstanden heen' misschien wel het meest waardevolle boek.

Met het van haar bekende geduld zette Chorus zich enige jaren geleden aan het verhaal over Beatrix, die zij vanaf haar jeugd bewonderde. Zij wilde vooral een beeld geven van de 'zware jaren': de jaren 1999-2005.

Volgens de schrijfster had Beatrix al vlak voor de eeuwwisseling enige onrust onder de bevolking bespeurd, ondanks de onwaarschijnlijke welvaart van dat moment.

De koningin organiseerde 'huiskamerbijeenkomsten' waar zij met wetenschappers als politicoloog Joop van den Berg, socioloog Cees Schuyt en psychologe Justine van Lawick sprak over wat er met de Nederlandse samenleving loos was. "Doen we het wel goed?", vroeg zij zich hardop af.

Chorus laat dan alle ontwikkelingen vanaf dat moment de revue passeren. De opkomst van en moord op Pim Fortuyn, de aanslagen van 11 september 2001, het overlijden van haar man Claus, moeder Juliana en vader Bernhard, de onrust in haar eigen familie met nicht Margarita en het huwelijk van Friso met Mabel, en tot slot de moord op Theo van Gogh. Chorus bekijkt het koningschap vanuit het paleis, gezien dus door Beatrix' ogen. Zij interviewde daarvoor 65 mensen die in die jaren dicht bij haar stonden.

Het boek biedt, net als de andere boeken overigens, geen nieuwe, schokkende feiten. Maar de nauwgezetheid waarmee Chorus onderzoek heeft gedaan, laat weinig twijfel over de vraag of ze de waarheid benadert. Haar verhaal komt authentiek over. Beatrix zal niet altijd even blij zijn dat mensen rondom haar zo in detail over gebeurtenissen vertellen, maar serieuze burgers verdienen het om op serieuze manier te worden bijgepraat over belangrijke verwikkelingen rond hun staatshoofd.

Minder intens, maar minstens zo evenwichtig is het boek dat Lars Andersson, Lukas Burgering en Heidi Wulfsen maakten over de drieëndertig jaar waarin Beatrix vorstin was. Als programmamakers waren zij betrokken bij de NOS-documentaire '25 Kroonjaren', die in 2005 werd uitgezonden bij het 25-jarig ambtsjubileum van de koningin. De auteurs spraken met de vier oud-premiers die Beatrix vanaf 1980 meemaakten: Dries van Agt, Ruud Lubbers, Wim Kok en Jan Peter Balkenende. Aan de hand daarvan maakten zij een analyse van haar koningschap.

Op een journalistieke manier brengen Andersson, Burgering en Wulfsen de grote lijnen in beeld. Hun conclusie vervatten zij al in de titel: 'Ik zal handhaven'. Afgezien van wat kleine incidenten en rumoer over bepaalde gedragingen in de Oranjefamilie zijn zij van oordeel dat Beatrix 'het aanzien van de monarchie heeft hooggehouden en waar mogelijk zelfs versterkt'.

Het boek 'Beatrix' dat historicus Han van Bree samenstelde is minder diepgaand, maar niet minder serieus. Het is een fotoboek met prachtige, soms nog onbekende beelden en het loopt echt over van welwillendheid. Het hoofdstuk over haar privéleven benadrukt dat een goed en afgeschermd gezinsleven voor de koningin van groot belang is. "Ook nu haar 'coach' prins Claus is weggevallen, kan ze rekenen op haar zoons, schoondochters, zusters en een enkele goede vriendin."

Het begrip voor de netelige en kwetsbare positie van de Oranjes druipt er vanaf. Wie kan nu een hekel hebben aan zo'n pers?

Jutta Chorus: Beatrix. Dwars door alle weerstanden heen. Atlas Contact, Amsterdam; 304 blz. euro 19,95 (vanaf 26 april in de winkel)

Lars Andersson, Lukas Burgering en Heidi Wulfsen: Ik zal handhaven. Beatrix, koningin in een veranderend land. Boom, Amsterdam; 303 blz. euro 19,90

Han van Bree (e.a.): Beatrix. Koningin der Nederlanden. Spectrum, Utrecht; 191 blz. euro 29,99

Reinildis van Ditzhuyzen: Leve de Koning(in)! Een vorstelijk boekje voor kinderen (en hun ouders). Balans, Amsterdam; 141 blz. euro 15,95

Hella S. Haasse: Portret van een prinses Beatrix. Querido, Amsterdam; 64 blz. euro 5,95

Britse journalisten vragen Beatrix om commentaar als ze op bezoek is in Londen, kort nadat foto's van haar en (de toen nog onbekende) Claus waren gemaakt in de tuin van Drakensteyn (1965)

Meer Oranjeboeken
Walter Bagehot: De magie van de monarchie. Elsevier euro 12,95

Sinds toenmalig premier Wim Kok in 2000 diens naam noemde in zijn notitie over het koningschap, is de Engelse journalist Walter Bagehot (1826-1877) in de Nederlandse pers veel geciteerd. Vooral gewild is zijn uitspraak dat een vorst in een grondwettelijke monarchie drie rechten heeft: het recht geraadpleegd te worden, het recht aan te moedigen en het recht te waarschuwen. Het werd hoog tijd dat Bagehots beroemde essay uit 1865 in het Nederlands verscheen. De vertaling is van Hans van Cuijlenborg.

Jan Hoedeman en Remco Meijer: Willem-Alexander. Van prins tot koning. Atlas Contact euro 19,95

Aangevulde herdruk van de biografie die deze Volkskrant-redacteuren in 2008 uitbrachten onder de titel 'Willem IV'.

Arendo Joustra: Vier relaties van Beatrix. Elsevier euro 12,95

Vijf eerder verschenen opstellen over de monarchie die de Elsevier-hoofdredacteur ooit voor zijn weekblad schreef. Overleeft de monarchie koning Willem-Alexander?, vraagt Joustra in zijn epiloog. Het antwoord hangt volgens hem af van de wens van het volk om de monarchie te behouden. Zo is het maar net.

Annejet van der Zijl: Een dag om nooit te vergeten. 30 april 1980 - de stad, de krakers en de koningin. Querido euro 5,95

In 1990 maakte Van der Zijl als stagiaire bij het weekblad Haagse Post aan de hand van interviews en politierapporten een reconstructie van de inhuldiging van Beatrix in 1980 die, zoals bekend, in een chaos eindigde.

Een 'persmoment'. In ruil voor dit soort geregisseerde sessies dienen de media de privacy van de Oranjes te respecteren. foto ANP

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden