Elke bevrijding begint bij jezelf/NIEUWE SCHOOLPLATEN

Begint de schoolplaat vlak voor de eeuwwisseling aan een comeback? Ligt het aan letterkundige Frits van Oostrom, dan wel. In het holst van de onderwijsvakantie liet hij 'Historisch Tableau' verschijnen: een boek met een kleine dertig oude en nieuwe geschiedenisplaten, met een verhaaltje erbij dat een min of meer bekende Nederlander schreef.

ESTHER HAGEMAN

Komt het eigenlijk vóór, bestaat dat wel - dat iemand van geschiedenis houdt zonder dat die liefde is opgewekt door de prachtige verhalen van een docent, vroeger, op school? Vermoedelijk kun je een vak als natuur- of scheikunde diep toegenegen zijn zonder je zelfs maar precies te herinneren hoe je docent heette. Maar bij geschiedenis werkt dat zo niet. Daar is the medium veel meer the message.

Daarom houden duizenden volwassenen die ooit les hadden van meneer Roos, van meneer Vijfvinkel of van juffrouw Ruitenberg of een andere onbekende naam, nu nog altijd van geschiedenis: omdat die meneer of juf vroeger zo prachtig kon vertellen en je in een moeite 'de feiten' meegaf.

Of, de keerzijde van de medaille, daarom zeggen duizenden andere volwassenen dat ze 'niks hebben' met geschiedenis: omdat meneer Dinges zo'n chaoot was die elke week over een andere periode tien warrige stencils uitdeelde. Of omdat juffrouw Zulthoofd zo'n krampachtige frik was, die op tilt sloeg als je vroeg of dat wel klopte, dat het IJzeren Gordijn 'een denkbeeldige lijn' was - en wat die hekken en dat prikkeldraad dan betekenden.

Volwassenen koesteren uiterst romantische beelden over hun schooltijd - of die nu warm of juist kil zijn. Voor de Leidse hoogleraar Frits van Oostrom - specialist in de middeleeuwse letterkunde - is de romantiek van de geschiedenisles blijkbaar gekoppeld aan de schoolplaten van vroeger. Ze moeten weer terugkomen, vindt hij.

Vanaf 1910 waren ze te koop; de 'algemene' bij uitgever Wolters, de katholieke bij Malmberg - al paste Wolters het katholieke gehalte van een plaat desgevraagd graag aan. Ze waren van karton of (de duurdere) linnen. De geschiedenisplaten van Wolters waren vaak geschilderd door J. H. Isings. Een geschiedenisplaat toonde soms een historische gebeurtenis die ongeveer kon hebben plaatsgehad zoals-ie was afgebeeld, maar soms ook was het een in scène gezet tafereel, een fictieve 'foto' (zoals Isings' eerste plaat uit 1911: 'Op den Dam, omstreeks 1665'). Er hoorde een handleiding voor de docent bij, waarin stond wat er verteld moest worden.

Vanaf de jaren zestig zijn de oude schoolplaten zoetjesaan uit de klassen verdwenen, al zijn er genoeg scholen die ze wel nog als wandversiering, maar niet meer als onderdeel van de lessen hebben hangen. Van Oostrom vindt die verdwijning jammer: ze zouden “een dierbare collectieve herinnering” vertegenwoordigen. De reden van die verdwijning is volgens Van Oostrom een ideologische: omdat een klassikaal verteld verhaal na de jaren zestig 'autoritair' werd gevonden, en omdat de voorstellingen zo vaak “aan vorst en vaderland verkleefd” waren. Hoezeer zo'n bolkesteiniaanse redenering ook een mopperig publiek zal aanspreken, de vraag is of het wel zo gegaan is. Schoolplaten zijn vooral verdrongen door de opkomst van andere technische middelen: de video, de film, de filmstrook. Dat ze nog altijd een belangrijk cultuurbezit gevonden worden blijkt niet alleen uit het feit dat ze met duizenden tegelijk in het Nationaal Schoolmuseum te zien zijn, maar ook uit het feit dat een oude schoolplaat handelswaar is geworden. Winkels met trendy oude spullen verkopen ze - voor fikse prijzen.

Er gaat volgens Van Oostrom weinig boven “een pakkende plaat plus een geïnspireerd verhaal” om de geschiedenis te laten spreken, en ook dat zou verdwenen zijn. 'Historisch Tableau' is, zegt hij, weliswaar geen 'lesmethode', maar toch wel een aanzet om die gouden formule weer te restaureren, zij het dat nu niet meneer Vijfvinkel, juffrouw Ruitenberg of een meneer Roos het verhaal vertelt, maar dat een litanie van bekende Nederlanders aan het vertellen slaat. Ze mochten zelf bepalen over welke gebeurtenis hun 'essay' gaat, en als daar geen oude Isings-plaat van bestond dan werd die alsnog geschilderd door een hedendaagse illustrator. Zo is 'Historisch Tableau' een mix geworden van tien oude en zowat twee maal zoveel 'nieuwe' schoolplaten, waarop een keur aan historische gebeurtenissen die Isings nooit heeft bestreken: de moord op de gebroeders De Witt (schrijver Jan Wolkers), de slavenhandel (schrijver Adriaan van Dis), Anne Frank (Riod-directeur Blom), de komst van de eerste gastarbeiders (schrijver Abdelkader Benali), de geschiedenis van het feminisme (journaliste Xandra Schutte), de val van de Berlijnse Muur (de historicus Von der Dunk), of de catastrofe van Srebrenica (oud-politicus Marcel van Dam).

Maar klopt die stelling van Van Oostrom eigenlijk wel, dat blijkbaar niet alleen de schoolplaat, maar ook 'het geïnspireerde verhaal' uit de geschiedenisles is verdwenen? Al woedt er in het voortgezet onderwijs een stammenstrijd tussen de 'vaardigheden-' en de 'feitjes'-adepten, voor het basisonderwijs lijkt Van Oostroms stelling toch onzin. Reuze handige onzin, dat wel - hij sluit naadloos aan op de behoefte van veel jongere ouderen om te vinden dat het onderwijs vroeger, in hun tijd, beter was en dat het echte vertellen in deze zappende tv-tijden is verdwenen. Dat nostalgie-publiek vormt Van Oostroms kopersmarkt.

Maar de juffen en meesters in 'Historisch Tableau' mogen dan opgetrommeld zijn om geïnspireerde verhalen te vertellen, ze doen dat lang niet allemaal. Van Oostrom liet iedereen geheel vrij qua stijl en invalshoek, en dat is te merken.

Sommige juffen en meesters bedrijven een ouderwetse, weldadige vertelkunst; historicus Anton van Hooff bijvoorbeeld wekt bij een 'nieuwe' schoolplaat (van Ed Koenders) twee Romeinse jongetjes tot leven die in de tweede eeuw Griekse les krijgen - ook toen een statussymbool dat hun vader kon betalen. Of neem schrijver Cees Nooteboom, die bij Isings' plaat 'Een huwelijk in 1394' (uit 1968) vertelt wat Margaretha van Kleef (19) allemaal dacht toen ze in de Ridderzaal trouwde met Albrecht van Beieren (58).

Maar Rembrandt-kenner Ernst van de Wetering slaat bijvoorbeeld al een heel ander pad in: die Isings- plaat 'Rembrandt in zijn atelier' (uit 1963), klopt die eigenlijk wel? Want, weten we nu, Rembrandt schilderde zittend en niet staand; en hij kon de lichtval in zijn atelier regelen, dus Isings had luiken moeten schilderen en 'De Joodse Bruid' was veel groter dan Isings het afbeeldt. Isings schilderde Rembrandts atelier zoals de kunsthistorici vroeg in de jaren zestig dachten dat het geweest kon zijn. Zo slaat Van de Wetering een kritische weg in: elke weergave van 'vroeger' is zelf ook tijdgebonden, toont hij aan.

Maar die kritiek geldt ook voor de essays. Als ING-bankier Alexander Rinnooy Kan 'De tulpengekte' behandelt, bij een plaat van John Rabou, biedt hij de lezer weinig meer dan wat historische feiten (zoals: 'op 2 februari 1637 deed een tulpebol 1500 florijnen') plus de vrijblijvende enormiteit “dat ongebreidelde speculatiedrift een verschijnsel van alle tijden is en blijft” (Maar waarom, meester? En hoe verklaart u dan het moment dat zulke gekte optreedt? En waarom dan juist met tulpenbollen?).

Tv-maker Paul de Leeuw, die de Bevrijding van 1945 behandelt maakt het helemaal bont. 'Elke bevrijding begint bij jezelf', roept De Leeuw bij een plaat (van Albert-Jan Cool) van feestelijkheden op de Dam in mei 1945. We leren van meester De Leeuw geen enkel feitje, we hoeven ons van hem alleen af te vragen of het bevrijdingsgevoel van 1945 te vergelijken is met 'bevrijdingen die je zelf hebt beleefd': op jezelf gaan wonen, een te langdurige verkering uitmaken, je homoseksualiteit accepteren. Als De Leeuws voorbeeld het toekomstige peil van het geschiedenisonderwijs aangeeft, dan is er reden nu vast een nationale noodklok te luiden.

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden