Elk kalverentransport over lange afstand is fout

Sinds maandag is de export van jonge kalfjes over lange afstanden in veewagens verboden. Dat gaat niet ver genoeg, vindt Bert van den Berg.

Het recente verbod van de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) op export van jonge kalfjes over lange afstanden is mede ingevoerd vanwege het ontbreken van een goed drinkwatersysteem. Het bevestigt onze kritiek op deze transporten.

Twee weken geleden startten wij, de Dierenbescherming, een campagne om de import van nauwelijks veertien dagen oude kalfjes voor de Nederlandse vleeskalverhouderij uit landen als Polen, Litouwen en Ierland te stoppen. De kalfjes zijn veel te jong en fragiel, zitten opeengepakt in de veewagen, worden onderweg blootgesteld aan weer en wind, krijgen niet of nauwelijks te drinken en komen daardoor uitgeput en uitgedroogd in Nederland aan.

Geen wonder dat veel kalfjes last hebben van longontsteking en diarree en dat het gebruik van antibiotica in de vleeskalverhouderij onverantwoord hoog ligt. Daarnaast is de kans dat met zo'n transport besmettelijke dierziekten ons land in worden gesleept uitermate reëel. Zo brak mond-en-klauwzeer in 2001 in Nederland uit door een kalvertransport uit Ierland.

Onbereikbare drinknippels

Joop Atsma, voorzitter van de Stichting Brancheorganisatie Kalversector (SBK) reageert tot nu toe alsof het hier om incidenten gaat; het overgrote deel van de transporten zou aan de wet voldoen. Het exportverbod van de NVWA illustreert het tegendeel en maakt duidelijk dat het hier om een structureel probleem gaat. De kalfjes mogen maar liefst negentien uur vervoerd worden met na negen uur een pauze van één uur om ze te drenken. Veewagens hebben hiertoe drinknippels in de zijwanden, maar de meeste kalfjes kunnen daar in de overvolle wagen niet bij. Bovendien begrijpen ze met hun zuigreflex niet hoe de nippels werken. De NVWA concludeert dan ook: "Het is praktisch niet mogelijk om op deze wijze alle kalveren in een vervoermiddel te laten drinken."

Ook het gebruik van gesloten, klimaatgestuurde veewagens lost, zoals de sector in het verleden weleens opperde, de dierenwelzijns- en ziekterisico's niet op. Dieren komen wellicht wat vitaler aan, maar zullen door hun jonge leeftijd nog steeds uitgeput en uitgedroogd raken. Bovendien stopt het risico op gevaarlijke dierziekten dan ook niet.

In het exportverbod ziet de Dierenbescherming een eerste bevestiging van haar gelijk. Wat voor de export geldt, zou ook voor de import moeten gelden.

Export

Door de groei van de melkveestapel als gevolg van het eerder dit jaar loslaten van de Europese melkquota, neemt de export van kalveren uit Nederland naar bijvoorbeeld Spanje toe. Des te wranger is het dat aan de andere kant nog steeds jaarlijks bijna een kwart miljoen kalfjes over grote afstanden door Nederlandse bedrijven worden geïmporteerd. Streep die import en export van kalfjes tegen elkaar weg en het gesleep met zeer jonge kalveren kan direct stoppen.

Op voorstellen van de Dierenbescherming om het vervoer van kalveren over lange afstanden te staken, is de vleeskalversector tot nu toe niet ingegaan. Vandaar dat de Dierenbescherming nu stevig campagne voert om de sector op andere gedachten te brengen. Binnen tien dagen hebben ruim 30.000 mensen al hun handtekening gezet. De actie loopt door tot 10 januari. De druk op de kalversector neemt toe en kan niet zonder gevolgen blijven, zeker na het besluit van de NVWA. Hopelijk komt het hierdoor snel tot afspraken.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden