Elfstedentocht trekt zich niets aan van weermannen

Reinier Paping wint de barre tocht van 1963. FOTO ANEFO

Fred Spier gaat er van uit dat er een verband bestaat tussen het aantal zonnevlekken -gebieden met grote zonsactiviteit- en de kans op een Elfstedentocht. Het is echter moeilijk te geloven dat zonnevlekken Elfstedentochten regelen.

Er zijn in de twintigste eeuw vijftien Elfstedentochten verreden. Ruim vijftig procent (acht van de vijftien) van de Tocht der Tochten werd verreden in winters met een classificatie -op basis van Vorstgetal winterspecialist IJnsen- van 'streng' of 'zeer streng'. De overige Elfstedentochten werden verreden in winters die geclassificeerd werden als koud, normaal en zelfs vrij zacht (1912).

Spier beweert dat er geen Elfstedentochten werden verreden in jaren met een geringe zonneactiviteit. Hij noemt, conform de zonnevlekkengrafiek van de Nasa-website, het getal 50 als grens ofwel onder de 50 wel, boven de 50 zonnevlekken geen Elfstedentocht. Dat klopt niet. Uit onze bronnen (Wolf Yearly Sunspot Numbers van William W.S. Wei) komt naar voren dat de Elfstedenwinters van 1917, 1929, 1940, 1947 en 1956 respectievelijk 104, 65, 68, 152 en 142 zonnevlekken telden. Gemiddeld is het aantal zonnevlekkengetallen in een winter zonder Elfstedentocht ongeveer 60, in een Elfstedenwinter iets minder: circa 50. Alle kans dat dit verschil aan het toeval toegeschreven kan worden. Het is niet uitgesloten dat Spier toch gelijk zal krijgen. Er zijn in de twintigste eeuw op honderd winters immers vijftien tochten verreden: dat maakt de kans dat Spier gelijk krijgt 85 procent.

Het voor Nederland toonaangevende Vorstgetal van IJnsen is gebaseerd op een weging van vorstdagen (minimumtemperatuur beneden nul), ijsdagen (het vriest de hele dag) en zeer koude dagen (minimumtemperatuur beneden -10 graden Celsius).

Nog nooit was het tot half december zo zacht als dit jaar. Het abnormale gedrag van de herfst en vroege winter versterkt de positie van Spier. Aan de andere kant valt een vrij zachte of normale winter niet uit te sluiten en ook zo'n type winter kon in het verleden een Elfstedentocht opleveren.

Daar komt bij dat de verbeterde verwachtingen op de lange termijn een belangrijke troef kunnen zijn voor de organisatoren van de Tocht. De winter van 1996-1997 heeft dat bewezen.

De kans dat de Tocht deze winter wordt gehouden is lager dan 85 procent: de kans dat het volgend jaar (winter 2001-2002) wel lukt, valt niet uit te sluiten. Op basis van zonneactiviteit kunnen namelijk geen conclusies worden getrokken. Zowel in jaren met weinig zonneactiviteit als in jaren met grote zonneactiviteit (1947) is er kans op Elfstedenijs.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden