'Elektra' in alle opzichten een voltreffer

Herhalingen op 6, 9, 12, 15, 19, 22, 25 en 28 september en op 1 oktober.

Die beloning was er even later ook voor dirigent Hartmut Haenchen; hij had Bundschuh met de hand op het hart beloofd, dat zijn 'Elektra' anders dan anders zou worden, dat zij niet bang hoefde te zijn voor vocale verdrinkingsdood in Strauss' teutoonse orkestgolven. En anders werd deze 'Elektra'. Haenchen deed zijn belofte gestand, waardoor ook de lichter dan normaal bezette partijen van Clytaemnestra (de Noorse alt Anne Gjevang) en Chrysothemis (de Deense sopraan Inga Nielsen) schitterend in de orkestbalans werden opgenomen.

Dat vond overigens niet iedereen, bleek al snel na afloop in de wandelgangen van het Muziektheater - en die zijn heel breed! Boven op het tweede balkon (akoestisch de beste plaatsen) klonk de balans perfect; daar waren de zangers boven het orkest uit zelfs letterlijk te verstaan. In de zaal beneden en op het eerste balkon waren de ervaringen anders, wat toch weer vragen oproept over de akoestiek van het Muziektheater en over de haalbaarheid van Haenchens wensen. Hoe dan ook, boven klonk het optimaal. Daar triomfeerde Haenchens visie, die hij met een schitterend spelend Nederlands Philharmonisch Orkest (met ruim honderdentwintig musici) fantastisch verdedigde. Het Agamemnon-motief waarmee de opera begint en afsluit, blijft nog uren door je hoofd rondspoken.

Ook niet iedereen was gelukkig met de regie van Willy Decker. Na zijn over de hele linie geestdriftig ontvangen 'Wozzeck' en 'Werther' bij de Nederlandse Opera, bleef algehele euforie nu uit. Een paar zeer hardnekkige boe-roepers wilden zelfs doen geloven dat zijn productie totaal mislukt was. Onzin! Decker verloste het verhaal van de bloederige rekwisieten en plaatste het gebeuren op een door Wolfgang Gussmann (ook verantwoordelijk voor de kostuums) esthetisch vormgegeven, immens uitvergrote wenteltrap. Clytaemnestra zag er bij Decker en Gussmann gelukkig niet uit als de opgetuigde corsowagen met wandelstok, zoals je haar zo vaak ziet. In haar 'normale' uiterlijk (witte jurk, bontmanteltje, plateauzool-schoenen en kroon) was deze koningin-moeder veel vileiner en kwetsbaarder.

De haar omringende maagden en diensters hadden hetzelfde kapsel als hun leidster en zagen er in hun zwarte mantelpakjes supertruttig uit. Elektra's zuster Chrysothemis loopt als het ware al rond in haar trouwjurk; zij wil van Elektra's wraakplannen niets weten en zou het liefst trouwen en kinderen krijgen. Het openhangende en lege tasje dat aan haar arm hangt, verbeeldt hoe ijdel die hoop is. Elektra trekt in haar openingsmonoloog het uniformjasje, de overjas en de laarzen van haar vermoorde vader Agamemnon aan. Dit beeld maakte duidelijk dat Elektra slechts leeft in het verleden; een verleden dat hoe dan ook gewroken moet worden.

Die wraak komt aan het eind als Orestes (een zeer overtuigende rol van Jukka Rasilainen) zijn zuster Elektra te hulp komt en de moordenaars van Agamemnon op hun beurt vermoordt. Die moord op Clytaemnestra en haar minnaar Aegisthus (Walter Raffeiner) liet Decker in het volle zicht van de toeschouwers spelen; Strauss en librettist Von Hoffmannsthal planden die moorden achter de coulissen. De tot dan toe esthetische productie kwam op die manier met heftige schokken tot de essentie; waar Decker eerst bloed wegliet, vloeide het nu in overvloed.

Ronduit schitterend is Deckers 'oplossing' van het slot. Haenchen laat het koor (Toonkunstkoor Amsterdam) achter de bühne niet weg (wat vaak gebeurt); hun geroep om Orestes voegde beslist wat toe aan het slottafereel. Geen extatische rondedans van Elektra, maar een ritueel waarbij zij Orestes de kroon van hun moeder op het hoofd zet en vervolgens in de dolk loopt, die Orestes nog in zijn handen heeft. Orestes loopt vervolgens de trap op en reageert niet meer op de wanhopige uitroepen van Chrysothemis; zijn lot zal in de eeuwig durende ketting van wraak hetzelfde zijn als dat van zijn moeder. Chrysothemis is een roepende in de woestijn.

Deze nieuwe productie is dus zowel muzikaal als theatraal een ware voltreffer. Naast Eva-Maria Bundschuh valt met name Anne Gjevang op, die de juiste mix maakte tusen echt zingen en karikatuur. Maar deze 'Elektra' is een triomf van het ensemble waarover Haenchen met de scepter zwaait.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden