El concours del Choto

‘Nu moet je toch echt meekomen’: roept Kees, mijn echtgenoot, nog een beetje nahijgend van het naar boven lopen.

Ik legde de laatste hand aan mijn mozaïekproject en keurde het vanaf een afstand. De ondiepe schaal toonde zonder de afwerkende voeg al heel fraai. ‘Zijn ze al begonnen’: vroeg ik nieuwsgierig. ‘Al uren’: zei hij, ‘je weet niet wat je ziet’. Ik ruimde de boel op en samen liepen we door de uitgestorven nauwe straatjes naar beneden, richting het kerkpleintje. We hoorden Jani, de trouwe ezel van onze benedenbuurman rommelen in zijn stal. Hij had een vrije dag. Zijn oude baas was zeker al op het plein. Het geroezemoes werd steeds luidruchtiger en de geur van brandend hout prikkelde in onze neusgaten.

‘Ongelooflijk’: zei ik, toen we op het pleintje aankwamen. Elk stukje grond was in bezit genomen door groepjes mensen, die druk bezig waren met het stoken van vuurtjes. Grote stoofpotten stonden klaar om gevuld te worden.

Even verderop stond een bestelauto omringd met mensen. De aanblik van een dertigtal gevilde geiten die gretig door iedereen in ontvangst werd genomen gaf ons een lichtelijk gevoel van afgrijzen, maar sloeg al gauw om in verwondering en nieuwsgierigheid.

Hier in ons geliefde dorpje, midden in het Spaanse Alpujarra, waar we drie jaar geleden een huis gekocht hadden, werd een typisch authentiek jaarfeest gehouden.

Tijd om uitleg was er niet. De potten moesten gevuld worden. In rap tempo werden de geiten stuk voor stuk vakkundig met hakbijlen en vlijmscherpe messen verwerkt tot kleine stukjes vlees. Er ontstond een gezellige bedrijvigheid van braden en stoven. Allerlei zelf meegebrachte groente, kruiden en flessen wijn werden toegevoegd om de smaak te verfijnen tot ieders specialiteit. Sommigen plaatsten zelfs de kop van de geit als een tronie bovenop het vlees.

Andrès, organisator van het feest, kwam op mij toelopen en vroeg of ik plaats wilde nemen in de jury. Verbaasd antwoordde ik: ‘Eh ik, ja waarom ook eigenlijk niet’. ‘Als het je niet bevalt, spoel je het maar weg met een slok wijn’ grinnikte hij ‘Ik zie je rond 14.00 uur voor het gemeentehuis, daar hoor je meer’ en weg was hij om de volgende zaken te regelen. Ik had geen flauw idee van hoe zoiets zou verlopen. Wel schoot het door mij heen, dat vaak ook de organen in de stoofpotten verdwijnen. Ik zou goed opletten, besloot ik. Intussen waren er meer mensen uit de weide omtrek op deze festiviteiten afgekomen. Overal stonden tafeltjes met daarop allerlei tapas en salades en had je alleen een vork nodig om her en der een hapje te nemen. Opvallend was het groepje mannen welke zich rond de tafel met wijn hadden verzameld. Uit de vaatjes van 5, 10 en 15 liter, met daarop de namen van de eigenaars, vloeide de wijn rijkelijk. Tussen hen in bespeurde ik mijn echtgenoot met een flinke beker wijn in zijn handen. Ik hield mij nog maar even in, ik wist nog niet hoeveel stukken geit ik weg moest spoelen.

Eindelijk hoorde ik boven alles uit de kerkklok twee uur slaan. Ik voelde mij een beetje gespannen, want nu kwam het er op aan. Ik liep naar het gemeentehuis waar intussen ook de negen andere juryleden waren gearriveerd. We werden verdeeld over twee tafels waaraan wij plaats konden nemen. De puntenlijsten lagen klaar. Verder had men karaffen water en gelukkig ook wijn, mandjes brood en schaaltjes met kleine komkommers en cherrytomaatjes klaargezet om de smaak te neutraliseren. We kregen vijftien bordjes ter beoordeling voorgeschoteld, gelukkig zonder de koppen. Het proeven kon beginnen. We mochten een score tussen de 0 en 100 geven. Voorzichtig prikte ik met mijn vork een stukje vlees van een bordje, ik had nog nooit geit gegeten, maar het proefde goed. Ik probeerde erop te letten dat ik geen orgaandelen naar binnen kreeg, maar zeker was ik niet.

Geen één was hetzelfde, soms overheerste de knoflooksmaak, een ander was flink voorzien van kerrie of rijkelijk bestrooid met parmezaanse kaas. Ik kreeg de smaak te pakken en genoot van het gebeuren. Uiteindelijk had ik mijn nummer 1 uitgekozen en na nog een keer proeven, wist ik het definitief.

Na de keuring verzamelden wij ons boven in het gemeentehuis en werden de scores bij elkaar opgeteld. Er werd luidruchtig gediscussieerd, helaas kon ik niet alles verstaan, maar begreep dat mijn nummer één het aardig gedaan had. We liepen naar beneden waar ook de mensen zich hadden verzameld. Het werd opmerkelijk stil. Onze jonge vrouwelijke burgemeester begon met het afroepen van de namen en kregen allen een mooi beschreven oorkonde en uiteraard een fles zelfgebottelde wijn. Als enige vrouw mocht ik die uitdelen uiteraard vergezeld van een dikke zoen op de nog met olijfolie besmeurde wangen. Wat een ‘eer’ om jurylid te zijn, dacht ik. De spanning steeg en onder luid applaus werd nummer één gelauwerd met een medaille met inscriptie. Tevreden keerde men huiswaarts met de lege braadpannen, om voor nieuwe recepten gebruikt te worden. Mij wachtte ook nog een pot, maar zoals ze hier plegen te zeggen, ‘Mañana’ is er weer een dag.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden