'Ek wortel elders'

Alfred Schaffer bloemleest Elisabeth Eybers

Wat is het geheim van de Zuid-Afrikaanse poëzie? Wat maakt dat dichters als Ingrid Jonker, Antjie Krog of troubadour Gert Vlok Nel in Nederland zo geliefd zijn? Is het de taal, het Afrikaans waarin deze dichters schrijven, dat zo heel dichtbij kan klinken, maar zo'n totaal andere wereld herbergt? Is het de soms melancholieke toon van deze poëzie, waar tegelijk zoveel kracht in schuilt? Hoe het ook zij, onlangs werd met een kleine bloemlezing het werk van een andere grote Zuid-Afrikaanse dichter, Elisabeth Eybers (1915-2007), weer even in de schijnwerpers gezet.

Dichter Alfred Schaffer - zelf in Zuid-Afrika woonachtig - maakte de keuze. De bloemlezing is er een in een reeks van uitgeverij Van Oorschot: dichters van nu presenteren bewonderde dichters uit een meer of minder ver verleden.

In tegenstelling tot bovengenoemde dichters woonde Elisabeth Eybers een groot deel - de helft - van haar leven in Nederland. Ze kwam in 1961, na een echtscheiding, en is nooit meer naar haar geboorteland teruggekeerd. Ze was in 1936 de eerste vrouw van wie een dichtbundel in het Afrikaans verscheen, voor haar werk had ze belangrijke Zuid-Afrikaanse onderscheidingen ontvangen.

Dat Eybers eenmaal in Nederland in haar eigen taal bleef schrijven, noemt Schaffer in zijn inleiding 'heerlijk koppig, maar ook zo wanhopig, dat willen vasthouden aan iets wat er niet meer is'. Dat ontheemd zijn in een land dat niet het jouwe is, is een cruciaal thema in haar poëzie, ook na jaren nog: "Ek wortel elders, hoe sou ek my hier/ kan tuis maak. Dinge en ek gaan aan mekaar verby/ sonder herkenning."

Toch leverde die steeds hernieuwde bevestiging buitenstaander te zijn, beslist genoeglijke, licht ironische typeringen op van de Nederlandse ordelijkheid - bekend is haar gedicht over 'belastingkontroleur Meneer de Laar' die haar verwijt de cijfers niet op orde te hebben. Het levert ook spitse beelden op van bijvoorbeeld Hollandse huizen: "Maar let op: sê jy huis in hierdie land/ dan dui jy drie beknelde kamers aan."

Eybers' werk, blijkt ook weer in deze selectie, ontstijgt in strak geformuleerde, adembenemend subtiele beelden het hier en het nu, juist door dicht bij huis te blijven.

Ook in Nederland ontving de Zuid-Afrikaanse dichteres de belangrijkste prijzen voor haar poëzie, waaronder de P.C. Hooftprijs. Het is niet meer dan terecht dat een dichter die de immense kosmos in dit soort tastbare taal weet te vatten, die de Zuid-Afrikaanse maan zó naast z'n familielid op het Noordelijk halfrond plaatst, levend gehouden wordt:

Waar ek vandaan kom en hy skerper skyn

lê hy gewoonlik agteroor gevly

- 'n bootjie in die holte van 'n golf -

en hang 'n ster soos 'n spinnekoppie aan

sy voorstewe en skommel saggies saam.

Elisabeth Eybers: My radarhart laat niks ontglip. Gekozen en ingeleid door Alfred Schaffer. Van Oorschot, Amsterdam; 85 blz. euro 12,50

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden