EK begint met deceptie voor handbalsters

AMSTERDAM - Het EK is voor de handbalvrouwen met een deceptie begonnen. Hooggespannen verwachtingen, maar het 'nieuwe Oranje' verloor gisteravond 'gewoon' met 16-23 van Oekraïne, nota bene de als zwakst beschouwde tegenstander. Teleurstelling droop van de gezichten.

Het eerste resultaat was o zo belangrijk voor het jonge en ambitieuze team. “Verlies je, dan wordt het heel moeilijk om je voor de tweede wedstrijd weer op te laden. Juist omdat de onervarenheid in de groep zo groot is. Als je wint, kan dat de trend zetten voor de hele week”, erkende coach Bert Bouwer.

Nu moest het gebeuren. Dit was het moment. Meiden met een missie, zo hadden ze zichzelf gedoopt. Anderhalf jaar geleden stapten de vijftien handbalsters uit de zwakke nationale competitie om - naar het voorbeeld van de volleyballers - fulltime met het nationale team te gaan trainen. “Sindsdien zijn de vrouwen 20, 25 uur per week bezig met hun hobby, want dat is handbal in Nederland nog steeds”, weet Bouwer, onder wiens leiding het veelbesproken Oranjeplan staat. Uiteindelijk moeten de opofferingen naar kwalificatie voor de Olympische Spelen leiden. Schitteren in Sydney 2000 of Athene 2004.

Na 1600 trainingsuren, zeventig interlands en dertig oefenwedstrijden was daar gisteravond dan eindelijk de eerste serieuze test. De Nederlandse handbalsters doen voor de eerste keer mee aan een EK. Oranje nam wel in eigen land deel aan het WK voor A-landen in 1986, toen het als tiende eindigde. Maar alleen keepster Laura Robben (36) van het huidige team maakte dat toernooi mee. Niet zo verwonderlijk, gezien de gemiddelde leeftijd van 24 jaar. Daarmee brengt Nederland de jongste selectie in het veld. De meesten deden slechts internationaal ervaring op tijdens het WK voor junioren. Drie jaar geleden werd Neerlands hoop in Brazilië tiende.

Nu wordt er meer verwacht. Veel meer. De voorbije weken was het hosanna alom. Posters waarop de handbalsters als Griekse godinnen staan afgebeeld, om zo hun olympische aspiraties nogmaals te onderstrepen. En interviews waarvan de tevredenheid afstraalt. Een voorbeeld. Bouwer in Sport International van deze maand: “Het is grandioos wat we in korte tijd hebben bereikt. Eindelijk tophandbal in Nederland. En wat was het? We werden overal in de wereld afgeschoten. De afgelopen anderhalf jaar is er veel verbeterd: conditie, kracht, weerbaarheid, ervaring op topniveau, de mentale instelling. Op een andere manier hadden we dat nooit bereikt.”

Het zijn stevige schouders die de weelde van zoveel prachtige woorden kunnen dragen. Hoe breed zijn de jonge handbalsters gebouwd? Hun eerste serieuze toernooi, hun eerste echte krachtmeting, hun eerste worsteling met druk. Het nieuws dat vaste waarde Nicole Vaassen met migraine in het hotel was achtergebleven deed het ergste vermoeden. Had niet vorige maand nog een ander Nederlands vrouwenteam zich verkeken op de wedstrijdspanning? Alleen trainen op tactiek en techniek bleek op het WK volleybal voor dat Oranje niet voldoende. Het zogeheten Bankras-model werkte averechts. Volgens bondscoach Pierre Mathieu brak het gebrek aan ervaring zijn team op. “Op het beslissende moment slaan ze de bal uit. Ze zijn te verkrampt. Pas als ze straks competitie gaan spelen, zullen ze leren met druk om te gaan.”

Maar het handballende Oranje maakte gisteravond in de redelijk gevulde Sporthallen Zuid een vliegende start. Na de eerste bevrijdende treffer van Marieke van Linder (na anderhalve minuut) leek Nederland het heilige vuur te voelen. Binnen de kortste keren stond een riante 5-1 op het scorebord. Bouwer sloeg het tevreden gade. Niks geen gebrek aan wedstrijdervaring zag je hem denken. “Nederland heeft geen enkele club meer in de Europa Cup. Alleen wij als Nederlands team zitten er nog wel in. Dat verschil is al naar voren gekomen.” Oranje mag onder de naam Van Riet/Nieuwegein dit jaar uitkomen in de City Cup.

Nederland was 'er niet ongelukkig mee' dat de eerste tegenstander (Oekraïne) de op papier minst sterke was. De loting zat sowieso mee, want de twee favorieten voor de titel, Denemarken en Noorwegen, zijn in de andere poule ingedeeld. Aanvoerster Marieke van Linder en co mochten dus openen tegen het zwakke broertje van het toernooi.

Ieder voordeeltje was dus welkom. Maar was de indeling echt zo gunstig? Als zenuwen de grootste vijand heten, kan met evenveel recht beargumenteerd worden dat de druk juist toeneemt tegen een mindere tegenstander. Bouwer: “Wij hebben best een groot improvisatievermogen, maar qua degelijk zijn zij in het voordeel. Zij hebben een grotere handbalcultuur achter zich. De Sovjet-Unie was jarenlang wereldkampioen, dan weet je genoeg. Wij daarentegen komen van min nul.”

Oranje moest het, zoals altijd, vooral van snelheid hebben. De tegenstandsters waren bijna allemaal een kop groter. Maar na de flitsende start van Nederland, met een sterke Natasja Burgers, kwam de klad erin. Liefst zestien minuten achtereen wist de ploeg niet tot scoren te komen. Vooral aanvallend stapelden de vrouwen slordigheid op slordigheid. Zo miste Olga Assink een zeven-meter-bal en struikelde Monique Feijen in scoringsrijke positie knullig over de bal. Bovendien wilde 'handbalster van het jaar' Burgers teveel zelf doen. Logisch, zij heeft de sterkste arm, maar de Oekraïners hadden dat spelletje snel door. Vanaf de negentiende minuut keek Oranje continu tegen een achterstand aan. Felheid maakte langzaam plaats voor ergernis en wanhoop.

De generale repetitie was al een teken aan de wand. Met drie nederlagen, een gelijkspel en slechts één overwinning kon Oranje vorige maand tijdens het Holland-toernooi niet helemaal overtuigen. Toch kan Bouwer tevreden zijn met de instelling van de vrouwen. Ze vochten voor wat ze waard waren. En had de coach niet vooraf gezegd dat het daar vooral om draaide? “Als we maar goed spelen. Als het maar pittige wedstrijden zijn. Pas daarna kijk ik naar de punten. Als iedereen maar zegt: 'ja, die zijn goed bezig. Oké, misschien hebben ze niet altijd gewonnen, maar moet je zien wat een progressie ze geboekt hebben'.” De mening van derden als graadmeter voor succes? “De buitenwacht bepaalt wat we straks gaan doen. Natuurlijk is de mening van NOC-NSF en het bestuur belangrijk. We zijn iets gestart en als nu gestopt wordt met dat proces, dan heb je een probleem. Dan wordt het nooit meer wat.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden