...eiste Marie van Bengalen een museum

Wie het telefoonboek van Kaapstad doorbladert naar de meest voorkomende namen, eomt uit op Abrahams, Jacobs en Hendricks, elk goed voor minstens vijf pagina's in piepkleine letters. De meesten van hen zijn verre nakomelingen van Nederlanders die lang geleden naar de Kaap kwamen. Anders dan hun naam doet denken, hebben ze echter zelden een blanke huid en blond haar. Meestal zijn ze bruin, als gevolg van een stoeipartijtje van hun bet-overgrootvader met een van diens slavinnen uit Indonesië of Maleisië.

En dat is iets waar de Jacobsen en Pietersens liever geen weet van hebben. Terwijl trotse Amerikaanse zwarten massaal op zoek zijn naar hun wortels in Afrika, houden de kleurlingen in Zuid-Afrika zich juist angstvallig stil. Zij schamen zich voor hun afkomst, ls ze die al kennen, want velen weten nauwelijks dat hun voorouders slaven waren. Laat staan dat ze herstelbetalingen eisen voor de slavernij, zoals vele zwarte Afrikanen en Amerikanen deze week zullen doen op de VN-Wereldconferentie tegen racisme in het Durban.

Het is een ironische speling van het lot, dat in Zuid-Afrika de nazaten van slaven niet zwart zijn, maar juist bruin met Indische gelaatstrekken. En het zijn er niet weinig: in de provincie West-Kaap zelfs meer dan de helft van de bevolking. Hoewel onder de 3,5 miljoen kleurlingen ook kinderen uit zwart-blanke relaties en nakomelingen van de vroegste bewoners van de streek (destijds Hottentotten genoemd) vallen, hebben de meesten Aziatisch bloed.

Nadat Jan van Riebeeck in 1652 neerstreek in de Kaap, realiseerde hij zich al meteen dat hij slaven nodig had. De inheemse bewoners vertrouwde hij voor geen cent, dus hij vroeg de Verenigde Oostindische Compagnie (VOC) al na een maand of hij slaven uit de Oost mocht importeren. Op 2 maart 1653 arriveerde de eerste slaaf, een zekere Abraham die was weggelopen van zijn baas in Batavia. Vele van degenen die volgden, waren politieke gevangenen die hadden gestreden tegen kolonisering. Ze kwamen uit de Indonesische archipel, Maleisië, Bengalen (Bangladesh), Ceylon (Sri Lanka), Madagascar en Mozambique.

In de Kaap werden ze hard behandeld. De mythe dat de Hollanders milder optraden tegen hun slaven dan elders, is door historici ontzenuwd. Slaven die wegliepen op het bergachtige schiereiland, werden zwaar gestraft als ze werden gepakt. Na de eerste overtreding werd een wang gebrandmerkt, na een volgende keer werden de neus en oren afgesneden.

Mede doordat veel VOC'ers geen vrouwen bij zich hadden, hadden de slavinnen het ook 's nachts zwaar te verduren. Ze werden op grote schaal seksueel misbruikt. De Slave Lodge in Kaapstad, waar de slaven van de Compagnie woonden, was in feite een bordeel. Ook op de boerderijen van Vrije Burgers (Hollanders die niet meer in dienst waren van de VOC, maar zich vestigden in de Kaap) kropen de heren en hun zonen 's nachts stiekem naar de slavenhutten, waar menig voorouder van de huidige Jacobsen en Hendicksen werd verwekt.

Ondanks de schaamte van nakomelingen over hun afkomst, hebben de slaven een grote bijdrage geleverd aan de Zuid-Afrikaanse cultuur. Met name de Maleisische en Javaanse slaven waren goede ambachtslieden, en maakten de sierlijke gekrulde voorgevens van de Hollandse huizen in de Kaap. Bovendien konden de vrouwen lekker koken: ze introduceerden gerechten die nu typisch Zuid-Afrikaans worden genoemd, zoals bobotie (gele rijst met zoet gehakt), bredie (stoofpotten) en Cape Malay-curries.

Maar de belangrijkste en vaak verzwegen erfenis uit het kombuis betreft de taal. Het Afrikaans is in feite uitgevonden door de slaven. Om in de keukens met hun Hollandse meesteressen te kunnen overleggen, maakten ze zichzelf een versimpeld Nederlands eigen, doorspekt met verbasterde Indonesische woorden. De meeste 3,5 miljoen kleurlingen in Zuid-Afrika spreken ook nog altijd Afrikaans: wat de taal van de blanke onderdrukker voor uitsterven zal behouden. Blanken zelf gaan steeds meer op Engels over.

In religieus opzicht drukten de slaven eveneens een stevige stempel op de Kaap. Sommigen waren moslimleiders uit Indonesië, en doordat de Hollanders het dopen van slaven verboden, keerden ook vele anderen zich tot de islam. Later werden de meeste kleurlingen weliswaar christelijk, maar Kaapstad staat nog vol moskeeën en kramats (tempels). De kleine islamitische gemeenschap zorgt bovendien voor flinke beroering, sinds radicale moslims de strijd tegen gangsters en drugshandelaren hebben geopend en verdacht worden van diverse recente bomaanslagen.

Maar ook op ander terrein groeit het activisme onder kleurlingen. Tot nu toe vielen ze altijd tussen wal en schip: het blanke bewind misbruikte hen voor politiek gewin, terwijl ze naar eigen zeggen nu door de zwarte ANC-regering volledig in de steek worden gelaten. Het gebrek aan trots en zelfvertrouwen onder kleurlingen, en hun deprimerende alcoholmisbruik (mede als gevolg van het feit dat wijnboeren hun arbeiders lange tijd uitbetaalden in wijn om hen verslaafd en afhankelijk te maken), is dan ook niet vreemd. Maar vorig jaar werd de '1 December-beweging' opgericht, genoemd naar de afschaffing van de slavernij op 1 december 1834. De organisatie wil de kleurlingen niet alleen introduceren in de politiek en economie, en trots maken op hun cultuur en identiteit, maar ook de bewustwording over de slavernij vergroten.

Momenteel is er geen enkel slavernijmonument in Kaapstad. De vroegere Slave Lodge, nu het Zuid-Afrikaanse Cultuur-historisch Museum, bevat de grafsteen van Van Riebeeck en een bonte verzameling zwaarden en uniformen, maar nauwelijks verwijzingen naar de slavernij. Volgens de '1 December beweging' moet de Slave Lodge een heus slavernij-museum worden. Al die koloniale troep moet eruit en plaatsmaken voor herinneringen aan Marie van Bengalen, Gerrit van Malabar en Trijntje van Madagascar. De essentie van onze identiteit is geschapen door deze vuurproef van lijden, aldus de beweging, die meent dat de redding van de kleurlingen alleen mogelijk is als ze leren leven met het trauma van de slavernij. Misschien dat de Nederlandse regering toch nog ooit geconfronteerd zal worden met een eis tot herstelbetalingen van de nazaten van Kaapse slaven.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden