Eindelijk opvang voor aankomende topsporters

Sportsucces van vandaag geeft geen enkele garantie voor morgen, laat staan overmorgen. Daarom is het belangrijk talenten te ontwikkelen. In Centra voor Topsport en Onderwijs gebeurt dat.

De achtste plaats van Nederland op de medaillespiegel bij de Olympische Spelen van Sydney (2000) was mooi, maar niet zonder toeval. Meestal eindigt de Nederlandse ploeg ergens tussen plaats 10 en 15. Voor Charles van Commenée, technisch directeur van NOC-NSF, is die ambitie onvoldoende. Hij definieert ’succes’ als een vaste plaats in de mondiale landen-toptien.

Daarvoor wil hij de factor ’toeval’ elimineren. ,,Toeval speelt een te grote rol. Talent is belangrijk, zonder talentontwikkeling gaat het niet. Talent herkennen is niet zo moeilijk en hoe groter je de vijver maakt, bijvoorbeeld met sport op school en voor allochtone jeugd, hoe meer kans je loopt talent te vinden. Maar na de herkenning volgt de ontwikkeling. Die moet speerpunt van ons beleid zijn.’’

Hij schetst de knelpunten: bij de clubs wordt te weinig getraind, er zijn onvoldoende op talent gerichte coaches, de (geld)middelen zijn versnipperd en er is vaak geen carrièrepad voor een aankomende topper. Van Commenée: ,,De opleiding tot het vak van internationaal topsporter is een kwestie van tien jaar. Daarvoor is een planmatige aanpak nodig.’’

Daarnaast speelt de maatschappelijke ontwikkeling van de jeugdige sporter een rol. Naast opleiding tot topsporter moet ook in goed onderwijs voorzien zijn. ,,Als je dertig bent, veel gesport hebt maar niets geleerd, heb je een maatschappelijk probleem’’, stelt de technisch directeur.

Op Papendal en in Amsterdam bestaan inmiddels Centra voor Topsport en Onderwijs (CTO). Daar vinden talenten de basisbehoeften om zich tot topsporter te ontwikkelen. Op Papendal trainen atleten, badmintonners, schermers en teakwondoka’s. Sinds kort is er ook een Handbal Academie, waar jonge speelsters naast veel trainingsuren ook studie-uren maken. Hoognodig, vindt Van Commenée: ,,We hadden in Nederland opvang voor van alles: alleenstaande moeders, drugsverslaafden en zelfs zwerfkatten, maar niet voor sporters.’’

In Nederland is een CTO nog relatief nieuw, maar in grote sportlanden als Australië of China bestaat de bundeling tussen topsport en onderwijs al jaren. Trainen, leren en ook wonen op dezelfde plaats blijkt een succesformule die verder wordt geschraagd door koppeling van de beste talenten aan de beste coaches in een kader van de best denkbare facilitaire voorzieningen.

Zonder geld gaat dat niet. ,,VWS heeft de subsidie voor talentontwikkeling van 3 naar 4,8 miljoen verhoogd’’, telt Van Commenée zijn zegeningen. ,,Maar er is driemaal zoveel nodig’’, voegt hij er op droge toon aan toe.

Het handbalverbond greep de kans die het CTO op Papendal biedt en stichtte er een Handbal Academie. ,,Iedere bond wil een beter talentontwikkelingsprogramma’’, zegt Van Commenée. ,,In de toekomst is daarvoor meer capaciteit nodig. Hier is niet veel plaats meer, dus gaan we uit van een gefaseerd programma. Handbal kwam bij ons met een kansrijke filosofie en heeft daarom een plaats gekregen.’’

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden