Review

Eindelijk, het sportboek.

Eindelijk, het sportboek

En dan, op een regenachtige dag in mei 1992 is het zo ver. In mijn woonplaats wordt de jaarlijkse boekenmarkt gehouden, zo'n gelegenheid waar het zoeken naar Het Boek der Sporten in twee decennia van hobby tot obsessie is geworden. Enkele sfeervolle straatjes en pleintjes van de boekenmarkt verwijderd, zit een antiquair. Hij is gespecialiseerd in meubilair, prenten en briefkaarten maar soms heeft hij ook een boek in de aanbieding. Hij weet dat er deze dag nogal wat boekenzoekers zijn en heeft op de stoep een tafeltje gezet met een aantal boeken dat hij al geruime tijd in bezit blijkt te hebben. De antiquair weet dat ik over sport schrijf en roept: 'Hier heb ik nog iets dat je misschien wel aardig vindt. Veertig gulden.' Het Boek der Sporten.

Affiche erbij

Even weet ik niets te zeggen. Hij denkt aan twijfel mijnerzijds over de prijs: 'Nou, vooruit dan, dertig gulden en dan doe ik er nog de affiche bij van de eerste na-oorlogse wedstrijden op de wielerbaan van Bergen op Zoom. Leuk toch, kijk, de namen van Rik van Steenbergen, Gerrit Schulte en Theo Middelkamp staan er op.'

Bij gebrek aan ware liefde voor de wielersport neem ik die bonus nauwelijks geinteresseerd mee. Stadgenoot Maarten Ducrot, ooit wereldkampioen bij de amateurs en later solo-winnaar van een Tour-etappe, wordt enkele dagen later wel blij gemaakt met de affiche. Maar Het Boek der Sporten heb ik met trillende handen mee naar huis genomen. De harde, met linnen bespannen kaft, vroeg meteen om een flinke behandeling. Het boek had een halve dag voor een deel in de nattigheid gelegen. Maar goed: in een klap 970 gulden, maar vooral een geweldig sport-document rijker.

Het Boek der Sporten is zwaar, 30 centimeter lang, 22 centimeter breed, het telt 357 bladzijden en is met 192 foto's in koperdiepdruk uit de Nederlandse sportwereld tussen 1880 en 1900 en 112 tekeningen rijk geillustreerd. Het boek bevat fotomateriaal, dat ik in werken nadien nooit meer ben tegengekomen. Subliem is bijvoorbeeld de opname van Neerlands voetbalkampioen 1892, de Amsterdamse fusieclub R(un) A(mstel) (P)rogress, kortweg RAP. Tien (!) spelers, vijf zittend, vijf staand, kijken ernstig, want in 1892 kijkt iedereen nog ernstig bij het bezoek van iemand uit een Photografische Kunst Inrichting.

Jaap Eden

Schitterend zijn ook de beelden die de heldendaden begeleiden van Jaap Eden, voor de eeuwwende Nederlands grootste sportman. Jaap Eden was een kei in hardrijden op de schaats en in wielrennen; de takken van sport waar de eerste wereldtitels in te verdienen waren. Bij het schaatsen was dat officieel voor het eerst in 1893 het geval. Amsterdam organiseerde de titelstrijd, die tot 1907 alleen gewonnen kon worden als een rijder drie van de vier afstanden won, ook toen al de 500, 1500, 5000 en 10 000 meter. Jaap Eden kon het in 1893, 1895 en 1896. In zeker opzicht is Eden van groter formaat geweest dan Ard Schenk. In 1895 dook hij in Hamar op de tien kilometer als eerste onder de grens van achttien minuten: 17 minuten en 56 seconden. In 1951, Eden was toen al 26 jaar dood, stond hij met die 17.56 nog altijd zesde op de Nederlandse ranglijst.

Jaap Eden prijkt in Het Boek der Sporten op diverse foto's. Op een foto is zijn borst bezaaid met medailles: 47 stuks. Jaap heeft voor die foto waarschijnlijk alles uit de kast gehaald. De foto accentueert de grootheid van deze in Groningen geboren sportman, die in 1894 en 1895 bij het wielrijden op de baan ook nog twee wereldtitels veroverde. In 1896 werd Jaap Eden professional. Hij verhuisde naar Parijs, waar een losbandig leven zijn prestaties bepaald niet ten goede kwamen. Dat was in 1900 ook J.C. Burkens bekend. Hij schreef in Het Boek der Sporten het hoofdstuk wielrijden en merkte over Eden op:

'In Parijs deden zijn persoon en zijn rijden hem worden tot de lieveling van het publiek, voornamelijk het damespubliek. Het zijn sterke beenen, die de weelde kunnen dragen, reeds in 1897 was Eden's roem aan het tanen en thans kunnen wij slechts zeggen: de ster is tuimelend ondergegaan.'

Maar fascinerend blijft hij, Jaap Eden. Al in 1896 reist hij helemaal naar St.Petersburg. Hij wint er alle afstanden en voor de derde keer wordt hij wereldkampioen hardrijden op de schaats.

Driewielers

Expert wielrijden J. C. Burkens krijgt 36 bladzijden lang de gelegenheid zijn sport in een historisch kader te plaatsen. Lang gaat het over de aanvankelijk leidinggevende plaats van de A.N.W.B. bij deze sport. Wie de wedstrijdfoto van de Amsterdamsche Wielerwedstrijd Vereeniging in 1880 bestudeert, ziet stoere sportmannen op driewielers. In 1885 wordt in Amsterdam op het voertuig met het grote en het kleine wiel gestreden, de Velocipede. In het begin van de jaren negentig komt de baanfiets met het gebogen stuur in beeld. Wielrijden wordt wielrennen en even later acht de A.N.W.B. de tijd gekomen zich van jonge wielerhelden als Eden en Cordang te distantieren. Wat een type ook, die Eden. Wordt in 1896 nog vrolijk wereldkampioen hardrijden op de schaats, een sport voor zuivere amateurs, maar het blijkt dat hij zich in 1895 als wielrenner al riant heeft laten betalen!

Het Boek der Sporten, het eerste sportboek dus. Eh, dat klopt niet helemaal. In zoverre niet, dat de vader van de Nederlandse sport, Willem 'Pim' Mulier, in 1893 en 1897 al zijn werkjes 'Wintersport' en 'Cricket' heeft gepubliceerd. Natuurlijk, dat waren interessante boekjes, maar nog gering van omvang en handelend over maar een sport. In standaardwerken over Sport, in sport-encyclopedische werken ook die in het begin van de twintigste eeuw zijn verschenen, staat in de geraadpleegde literatuur Het Boek der Sporten doorgaans als nummer een vermeld. Het is een compleet boek over alle sporten die rond de eeuwwisseling in Nederland actueel zijn. 'Een standaardwerk, als monument bedoeld van ons sportleven, beschouwd aan het eind der negentiende eeuw', zo merkt Jan Feith in zijn voorwoord op. Hij heeft het werk met 21 medewerkers volbracht. Dat gezelschap heeft hij soms kort moeten houden, want zonder schroom wordt opgemerkt dat met louter propagandisten moest worden samengewerkt.

Waar genoegen

'Dit in het oog houdend en recapituleerende, welke moraal in deze eenen-twintig opstellen neergelegd is, wordt het een waar genoegen, te mogen constateeren hoe bloeiend ons sportleven is, welk een frischheid er uitgaat van onzen nog zoo jong-geformuleerden Sport, welk een bekoring er voor elk Sportsman gelegen is in zijn Sport.' Dit woordje zijn heeft Jan Feith niet toevallig cursief laten drukken. 'De Sport heeft weldaad gebracht voor een groot deel van het volk.' Wel, vooralsnog voor de helft van een groot deel van het volk. De vrouwen mogen nog lang niet meedoen.

De sporten in 1900. Jan Feith heeft ze als volgt gerangschikt en de mate van belang via het aantal bladzijden ook meteen maar aangegeven:

Jacht- en Schietsport, door G. F. Leliman, 30 blz.; Cricket, Mr. C. Feith, 11 blz. Zwemmen, W. E. Bredius, 11 blz.; Kaatsen, Kegelen, Kolven en Beugelen, Frans Sagers, 20 blz.; Voetbal, B. J. Zuijderhoff, 31 blz.; Krachtsport, A. I. Abspoel, 9 blz.; Golf, Mr. A. A. del Court tot Krimpen, 13 blz.; Paardensport, Jhr. J. L. Mock, 20 blz.; Jongenssport, C. M. J. Muller Massis, 4 blz.; Visschen, 'Sander', 10 blz.; Schermen, Ch. F. Kok, 9 blz.; Athletiek, J. C. Schroder, 14 blz.; Automobielsport, M. W. Aerntjes, 3 blz.; Hondensport, G. F. Leliman, 26 blz.; Zeilen, 'Zeiler', 13 blz.; Wielrijden, J. C. Burkens, 36 blz.; Schaatsenrijden, Jhr. A. E. Barnaart, 8 blz.; Roeien, Dr. H. G. Brockmann, 30 blz.; Lawn Tennis, 'S. P. Eler', 48 blz.; Boksen, Jhr. Mr. K. Schorer, 4 blz.; Hockey & Bandy, Mr. N. A. M. van Aken, 7 blz.

Qua omvang gaat het om een opmerkelijke hierarchie. Zes sporten scoren meer dan 25 bladzijden: hondensport, jacht- en schietsport, voetbal, wielrijden en koploper lawn tennis. Bij de eerste twee takken van sport hoeven de deelnemers zelf geen sportieve prestaties te leveren. De ruime belangstelling ervoor in het eerste echte Sportboek lijkt dus merkwaardig, maar is verklaarbaar. Hondensport en jacht- en schietsport waren in het tweede deel van de vorige eeuw de uitlopers van het begrip bezig zijn in de open lucht. Dat deed je zeker tot 1870 als opgeschoten knul niet in een korte broek. Sport was nog vreemd, iets voor zonderlingen die aanvankelijk louter hoofdschuddend door anderen werden bekeken. Het eerste sporttijdschrift in Nederland, het tussen 1882 en 1927 verschenen De Nederlandsche Sport, besteedde tot in de late jaren negentig in hoofdzaak aandacht aan jagen en ruitersport. Schaatsen ging in het blad op den duur als eerste echte sport meetellen, maar met bolhoed getooide jongemannen die zich op een karretje door twee trekhonden lieten rijden, mochten zich in De Nederlandsche Sport ook lange tijd verheugen in de aandacht van de enige redacteur, 'Papa' Hazenberg.

De vele bladzijden die Het Boek der Sporten aan het wielrijden heeft besteed, heeft een speciale achtergrond. Het gaat lang over het baanbrekende werk van de Algemeene Nederlandsche Wielrijders Bond, de nog altijd bestaande A.N.W.B. Deze A.N.W.B. wordt in 1885 het verlengstuk van de twee jaar eerder opgerichte Nederlandse Velocipedisten Bond. Jan Feith (1874-1944) had iets met die A.N.W.B.: hij was er jarenlang in vaste dienst, onder meer als hoofdredacteur van 'De Kampioen'. Jan Feith was trouwens van meerdere markten thuis. Hij schreef ook toneelstukken, boeken over treinen, jongensboeken, novellen en romans. Op het toneel was 'De Papa van Daisy Bell' zijn grootste succes. De bibliotheek-computer hoest op het vlak der jongensboeken een eeuw na dato de volgende titels van Jan Feith op: 'Flip en zijn speurhond' en 'Uit Piets vlegeljaren'. Tevens zijn roman 'Zondeval' en de novelle 'Schetsen van een journalist'.

Grappig in Het Boek der Sporten is de nostalgische blik over de schouder in het opstel over voetbal. In 1900 duurt het nog vijf jaar voor het Nederlands Elftal de eerste officiele interland gaat spelen, maar B.J. Zuijderhoff schrijft met weemoed over 1886. Toen was het nog echt leuk. In dat jaar, drie jaar voor de oprichting van de Nederlandsche Voetbal en Athletiek Bond, werd de eerste echte voetbalwedstrijd in Nederland gespeeld. Op 2 november 1886 om precies te zijn. Volgens B.J. Zuijderhoff ging het om een duel tussen Amstel F.C. Sport en de Haarlemsche Football Club van Pim Mulier.

Maar denk niet dat B. J. Zuijderhoff anno 1900 niet meer van voetbal hield. Hij was niet zo maar een propagandist. Een overtuigde, die gehakt maakte van tegen sport in het algemeen en tegen voetbal in het bijzonder protesterende schoolmeesters.

Bange jaren

'Voetballers, als gij daar gaat in breede scharen van uw welingerichte velden, weg van den geanimeerden strijd, dan denk ik vaak: niet altoos was zoo uw gang. Bange jaren hebben uwe voorvaderen doorleefd in den hardnekkigen strijd om het goede recht van uw geliefkoosde spel. Dure offers hebben deze martelaren feil moeten geven en zich folteringen en pijnigingen moeten getroosten om het onvermurwbare hart van stokstijve schoolmeesters en angstvallig-vasthoudende huisvaders te doorsteken. Niet in het vrije hebben zij hun spel kunnen uitoefenen. Van de zijde der paedagogen is zeer zeker de hevigste tegenwerking ondervonden.'

Maar wat deed nu toch die verdwaalde Jonkheer Mr. K. Schorer bij het boksen? Niks geen ruwigheid of sportverdwazing, de jonkheer vond boksen een prachtsport.

'The noble art of selfdefence! Een kunst van aanvallen en verdedigen, ingewikkelder dan het schermen, daar bij boksen beide armen ten aanval en ter verdediging worden gebezigd. Er heerscht gemeenlijk ten opzichte dezer uitstekende lichaamsbeweging een vooroordeel, dat aan het boksen iets bloederigs verbindt, meestal ten gevolge van korte courantenberichtjes. Een onjuiste voorstelling van zaken!'

HET GENOOTSCHAP

OFFICIEEL ORGAAN VAN HET NEDERLANDS GENOOTSCHAP TER BEVORDERING EN VERBREIDING VAN NUTTELOZE KENNIS. OPGERICHT 14 JULI 1989 TE AMSTERDAM. VOORZITTER:JAN KUIJK, SECRETARIS/PENNINGMEESTER: RUUD VERDONCK, LID: ROB SCHOUTEN. 4e JAARGANG NUMMER 15

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden