Eindelijk Beerenburg voor Heerma

Minister Jorritsma (verkeer) in het Kamerdebat over de A73 tegen het CDA-Kamerlid Reitsma: “U kunt er maar niet aan wennen dat dit kabinet compromissen niet meer als alleszaligmakend verkoopt.” Minister De Boer (milieubeheer en ruimtelijke ordening) in hetzelfde debat tegen VVD-fractieleider Bolkestein: “Als er in het paarse kabinet zaken zijn die ons scheiden, dan proberen wij elkaar te vinden in een standpunt dat voor iedereen verdedigbaar is.”

HANS GOSLINGA

De openhartigheid die de paarse ministers over de eigen besluitvorming aan de dag leggen, is om verscheidene redenen prijzenswaardig. Als iedereen weet dat in dit land van politieke minderheden alleen bij het compromis kan worden geregeerd, waarom zou je dat dan niet gewoon toegeven? De debatten met de Tweede Kamer verlopen daardoor minder verkrampt en in een sfeer van nuchterheid, die verfrissend aandoet na de geslotenheid die de regeerperioden-Lubbers kenmerkte. En, belangrijker nog, het parlement heeft weer wat in de melk te brokkelen. Ook de oppositie zit er niet voor spek en bonen bij.

Maar deze openheid heeft ook een keerzijde, die in het debat over de A 73 duidelijk aan het licht trad. Die keerzijde is dat de overtuigingskracht die een kabinet kan ontwikkelen, tamelijk beperkt is als het zijn besluiten zo opzichtig als 'second best' afficheert. De ministers dreigen op die manier voortdurend een speelbal van de Tweede Kamer te worden. Zij hebben nauwelijks nog een positie om hun besluiten met alle beschikbare wapens, tot en met het dreigen met aftreden, te verdedigen.

In het debat over de A 73 fungeerde minister De Boer als de tragische speelbal. Hoe bekwaam ze de kabinetskeuze voor het west-tracé op zichzelf ook verdedigde, nu aan iedereen bekend was dat ze oorspronkelijk een voorkeur koesterde voor het oost-tracé, was er voor haar bijna geen beginnen aan. Het had nog goed kunnen aflopen, als het vakantievierende PvdA-Kamerlid Lilipaly zich van zijn verantwoordelijkheid als volksvertegenwoordiger bewust was geweest, maar nu viel ze in haar eigen zwaard. De Kamer verlegde de autosnelweg op de westoever, die De Boer als prijs voor het ontzien van het Swalm- en Roerdal had geaccepteerd, plompverloren naar de oostkant.

Dat moet voor de minister van milieubeheer zijn aangekomen als een wrange bevestiging van de volkswijsheid dat het betere de vijand van het goede is. Een snelweg op de oostoever had zij immers kost wat kost willen voorkomen, omdat die in haar ogen een 'hele brute ingreep' in het landschap zou betekenen. Nu leed ze binnen 24 uur twee nederlagen, waarvan de eerste, in het kabinet, paradoxaal genoeg nog als winst voor het milieu kon woren uitgelegd, zij het met moeite, maar de tweede, in de Kamer, al helemaal niet meer.

Nu speelde in dit debat een hoop optiek, symboliek en zelfs geloof mee, niet alleen vanwege het prestige dat voor verschillende partijen op het spel stond maar ook vanwege de statenverkiezingen komende woensdag. Nuchter beschouwd viel vanuit milieu-oogpunt praktisch evenveel voor de west- als voor de oost-variant te zeggen. Als het om de bescherming van Swalm- en Roerdal gaat, scoort de west-variant op dit moment beter dan oost, maar op de lange termijn kon het wel eens omgekeerd zijn. Daar speelde de geloofskwestie een rol.

In elk geval lukte het de ministers niet de nuchtere beschouwers van het GPV, voor wie het milieubelang zwaar woog, op dat punt te overtuigen van de juistheid van de kabinetskeuze. Voor een afgewogen beoordeling van dit debat vormden de kleine christelijke partijen een betrouwbaar baken, omdat ze, anders de grote vier, nauwelijks electorale belangen in Limburg hebben; bij de vorige statenverkiezingen haalden ze samen 1620 stemmen. Voor hen speelden optiek en symboliek dan ook geen rol, waardoor ze er beter in slaagden de varianten op hun merites te bekijken en hun vingers op zwakke plekken te leggen.

Als om te bewijzen hoe dicht de twee varianten bij elkaar lagen, stemden GPV en SGP die gedurende het gehele debat langs dezelfde lijnen opereerden en dezelfde twijfels koesterden, bij de stemming uiteindelijk verdeeld, het GPV voor oost, SGP en RPF voor west. Dat bewijs kon trouwens ook worden ontleend aan de snelheid waarmee de fractieleiders Wallage (PvdA) en Wolfensperger (D66) zich bij hun nederlaag neerlegden. Het kabinet moest de motie van Reitsma (CDA) en Verbugt (VVD) nu maar gewoon uitvoeren. Geen strijd meer en geen politieke rugdekking voor de verwante ministers in het kabinet, die donderdagavond wellicht nog overwogen hun poot stijf te houden.

Het kon ook bezwaarlijk anders. Met zoveel verdeeldheid in het paarse huis kun je niet èn het college van gedeputeerde staten van Limburg èn een meerderheid van de Kamer, zelfs niet de kleinst mogelijke, trotseren. Sneu voor De Boer, die in deze kwestie - met dank aan Lilipaly - politiek gesproken de grootste verliezer is.

Trouwens, ook de VVD kan niet met onverdeeld genoegen op het debat terugkijken. De liberalen haalden weliswaar de buit binnen, maar dat ging ten koste van een flinke buts in de verhouding tussen fractieleider Bolkestein en zijn partijgenote minister Jorritsma. Bolkesteins verwijt dat zij zich schuldig maakte aan 'randstedelijke arrogantie' jegens de Limburgers kan als een bewijs van van onversneden dualisme worden gezien, het kwam hard bij Jorritsma aan, temeer daar ze zich eerder in het debat al tegen een dergelijk verwijt van het CDA had verdedigd: “Ik ben geen randstedelinge en zal het ook nooit worden.”

Het geknetter tussen de liberalen kan lang doorwerken en zelfs het wankele evenwicht in de coalitie verstoren. Wallage meende in elk geval de VVD-leider te moeten waarschuwen voor dergelijke verwijten, die 'een hoog breukrisico' in zich dragen. Het incident deed in de verte denken aan de wrijvingen tussen fractieleider Nijpels en de VVD-ministers in het eerste kabinet-Lubbers.

Wilde ook Bolkestein, in navolging van Nijpels destijds, even laten zien wie in de VVD de baas is? Of wilde hij een kleine week voor de verkiezingen niet voor het CDA onderdoen in het aaien van de Limburgers? De christen-democraten gingen daarin zelfs zo ver dat ze hun leerstukken voor de representatieve democratie die in het verleden vaak werden ingezet tegen het referendum, even in een diepe la verstopten.

Maar goed, de Friezen Heerma en Reitsma konden uit diezelfde la voor het eerst met vrolijke gezichten de fles Beerenburg opdiepen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden