Einde van een traditie: Rekenkamer zowaar niet negatief over EU-financiën

Beeld REUTERS

We mogen het gerust een doorbraak noemen, stelt Alex Brenninkmeijer, oud-ombudsman en het Nederlandse lid van de Europese Rekenkamer. Voor het eerst in 23 jaar deelt dat instituut geen onvoldoende uit aan de manier waarop de EU omgaat met haar geld.

In het jaarrapport, dat vanmorgen verschijnt, is sprake van een opwaardering van het sinds 1994 gebruikelijke 'afkeurende oordeel' naar een zogeheten 'oordeel met beperking'. Dat ligt weliswaar dichter bij een magere 5,5 dan bij een 10 met een griffel, maar Brenninkmeijer vermoedt dat er vandaag toch een 'klein glaasje prosecco' wordt gedronken bij de Europese Commissie.

Over het jaar 2016 is het geschatte foutenpercentage voor de gehele EU-begroting gedaald naar 3,1 procent, komende van 4,4 procent in 2014 en 3,8 procent het jaar daarna.

De onafhankelijke Europese Rekenkamer in Luxemburg neemt elk jaar een steekproef van de ontvangsten, betalingen en de boekhouding van EU-gelden. Daarbij komen de controleurs altijd wel wat fouten tegen, doorgaans onbedoelde. In een enkel geval is sprake van fraude. Vorig jaar zijn er, bij een steekproef van duizend transacties, elf 'vermoedens van fraude' aangekaart bij het EU-bureau Olaf voor fraudebestrijding, zegt Brenninkmeijer.

Irritatie

Hij hoopt overigens de aandacht van het rekenkamerwerk te verleggen van de boekhoudkundige controle of de 'penningen' wel goed terecht komen, naar een beoordeling van het economische nut van sommige projecten.

"Burgers vragen zich vaker af: wordt het geld wel zinnig besteed?", aldus Brenninkmeijer. "Als je naar grote infrastructuurprojecten kijkt die met EU-geld worden betaald, zoals luchthavens, spoorwegen of havens langs de Spaanse kust, dan is het resultaat soms een terminal zonder passagiers of een haven zonder perspectief. Dat beeld van nutteloze faciliteiten irriteert burgers enorm."

Verder hebben sommige EU-landen moeite om het hun toegezegde EU-geld ook daadwerkelijk te besteden aan projecten die aan de eisen voldoen. Dit absorptievermogen is het slechtst ontwikkeld bij Litouwen, Bulgarije, Letland en Roemenië. Die hadden eind vorig jaar nog een bedrag onbenut gelaten dat boven de 20 procent van hun eigen overheidsbegroting lag.

Luxemburg heeft de minste moeite met het opmaken van de EU-potjes, gevolgd door Nederland.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden