Eigenzinnig en onafhankelijk

Ellen van den Nosterum 1942-2013

Op haar achttiende trok ze naar Londen. Later woonde ze jaren in Canada. Ellen van den Nosterum was altijd wel te porren voor een avontuur.

Ze werd Seetje genoemd, naar haar eerste doopnaam Josephine die was afgekort tot José. Dat beviel haar helemaal niet en op haar veertiende nam ze een kloek besluit: "Vanaf nu heet ik Ellen".

Dat was typerend voor haar. Ze nam het initiatief, ze durfde eigenzinnige beslissingen te nemen en ze koesterde haar onafhankelijkheid. Al jong trok het buitenland haar aan, en ze woonde jarenlang in Canada, maar uiteindelijk keerde ze terug naar Brabant, waar ze was opgegroeid.

Haar vader was ook een figuur apart. Hij werkte bij de marechaussee en moest op zijn dienstfiets een ronde doen in dorpen bij Eindhoven. Hij pakte dat slim aan en kocht een auto. Daarmee kon hij zijn werk in een halve dag doen. Zo had hij tijd om in de autohandel te gaan en hij boerde goed. Er stond altijd een Mercedes voor de deur.

Ellen was de middelste van vijf kinderen en was, zoals ze zelf later zei, de lastigste geweest. Ze werd zelfs een jaar naar een kostschool bij de nonnen in Boxtel gestuurd. Daarna mocht ze naar de middelbare meisjesschool in Veldhoven, op fietsafstand van het ouderlijk huis in Eindhoven.

De meisjesschool had de bijzondere belangstelling van de Britse militairen die waren gelegerd op vliegbasis Eindhoven. Door al het geflirt leerde Ellen goed Engels spreken. Dat gaf haar de kans om op haar achttiende naar Londen te gaan als au pair. Daar ontmoette ze tijdens een wandeling in een park een jongen uit India, haar eerste echte verkering. Het leidde tot niets blijvends, maar ze hield haar hele leven contact met hem.

Terug in Nederland volgde ze bij Instituut Schoevers in Nijmegen de opleiding tot secretaresse. Al voor haar diploma kreeg ze een betrekking aangeboden bij Mars, de Amerikaanse snoepfabriek die een Nederlandse vestiging wilde bouwen. Een oude boerderij in Veghel werd het eerste kantoor. Het was pionieren, maar het betaalde goed. Al gauw kocht ze een Volkswagen Kever, een zwarte. Ze was dol op dat wagentje, want het gaf haar de onafhankelijkheid waarnaar ze verlangde.

De pret duurde niet lang. Op een herfstige avond nam een vriend haar mee in zijn nieuwe snelle auto. Een vrachtwagen reed hen aan. Toen zij uit het ziekenhuis werd ontslagen, met een arm en een been nog in het gips, stapte zij meteen achter het stuur van haar eigen zwarte Kever. "Nu of nooit meer", zei ze. Maar ze moest nog acht maanden revalideren. Aan het ongeluk hield ze een slechte hand over, zodat ze geen piano meer kon spelen.

Bij de snoepfabriek ontmoette ze haar grote liefde, Jan Beerens, van de transportafdeling. Hij was negen jaar ouder en had al een heel leven achter zich. Zijn ouders hadden hem graag priester zien worden, maar toen puntje bij paaltje kwam, vluchtte hij uit het seminarie. Hij had als steward de wereld bevaren en hij was getrouwd geweest. Dat huwelijk was stukgelopen toen bleek dat zijn vrouw geen kinderen kon krijgen. Maar Jan weigerde alimentatie te betalen. Daarom wilde hij weg uit Nederland.

Ellen was te porren voor een avontuur en ze vlogen naar Canada, met alleen handbagage. Zij was 24 en zwanger.

Echte emigranten waren ze niet, want ze hadden niets voorbereid. Toch slaagden ze erin werk te vinden: Jan in het transport, Ellen was huisvrouw. Elke twee of drie jaar verhuisden ze, eerst in Montreal, later in de buurt van Toronto, en gingen zo steeds beter wonen.

De geboorte van haar eerste kind vond ze het mooiste moment van haar leven. Het was wel pijnlijk geweest. Ze had erge last van spataderen in de benen en de arts adviseerde haar geen kinderen meer te krijgen. Maar Ellen was dol op kinderen, en er kwamen er nog twee.

Jan en Ellen spraken thuis Nederlands, de kinderen Engels. Ze werden Canadees staatsburger. Ellen vond een prachtige baan als educatief medewerker in een natuurpark bij Toronto. Ze leken geslaagd.

Toch zat het allemaal niet zo lekker. Jan had vaak bonje op zijn werk. Ellen miste de Brabantse gezelligheid. Vriendschappen in Canada vond ze erg oppervlakkig, en je moest er ook nog eens eindeloos voor rijden in het uitgestrekte land. Hun huwelijk leed onder de spanningen en ze hadden vaak ruzie.

Ellen zag dat oudere immigranten diep ongelukkig waren, en dat vooruitzicht benauwde haar. Na dertien jaar besloten ze terug te gaan naar Nederland. "Canada had niet op ons zitten wachten", verklaarde Ellen de stap terug.

Ze vonden een mooi huis met vijf kamers in Den Bosch. Verder viel Nederland niet mee, zeker niet voor de kinderen die nauwelijks Nederlands spraken. Jan kreeg weer gedonder op zijn werk: nu was hij te Canadees, met te weinig geduld en overleg. Hij raakte werkloos.

Ellen deed het beter. Ze had een klusje als notulist bij een kerk, en daar ontmoette ze een bankier die haar vroeg als secretaresse.

Met het huwelijk ging het mis. Tijdens een wintersportvakantie in 1985 vertelde hij aan de kinderen dat hij een vriendin had. Later kreeg Ellen het te horen. Ze was woedend en wilde het huwelijk redden. Toen dat niet lukte, eiste ze met succes het huis op. Ze zou er altijd blijven wonen.

Ellen koesterde haar onafhankelijkheid. Ze trouwde niet meer, wel had ze twee relaties, die elk tien jaar duurden. Maar ze bleef Jan haar grote liefde noemen.

Na tien jaar bij de bank kon ze weg met een afkoopsom. Ze deed een MO-studie Engels, puur uit liefde voor de taal, en ging voor een half jaar naar Tsjechië om Engelse les te geven. Verder stortte ze zich op kunst, met veel museumbezoeken, en ze ging boetseren.

Over haar gezondheid had ze nooit te klagen gehad, ook al had ze haar hele leven gerookt. Ze was er trots op dat ze nooit een koortsthermometer had gehad, zelfs niet toen de kinderen klein waren. Ziekte zat tussen de oren, meende ze. In april ging ze toch naar de dokter omdat ze zo vermagerde. Ze bleek darmkanker te hebben en ze had nog maar een paar maanden te leven.

Behandelingen wilde ze niet en ze werd thuis verzorgd door haar kinderen. Ze leek rustig. De dood is ook een begin, dat stond voor haar vast.

Ellen van den Nosterum werd geboren op 23 juni 1942 in Eindhoven. Ze stierf in Den Bosch op 28 mei 2013.

In Naschrift beschrijft Trouw het leven van onlangs overleden bekende of heel gewone mensen. Een tip voor Naschrift? Mail naar naschrift@trouw.nl Of per post naar Trouw/Naschrift, postbus 859, 1000 AW Amsterdam

undefined

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden