Eigen wet is kroon op werk Kamerlid

Kamerleden Fatma Koser Kaya (D66) en Eddy van Hijum (CDA) verdedigen vandaag hun initiatiefwetsvoorstel om de rechtspositie van ambtenaren gelijk te trekken met werknemers.Een 'eigen' wet is een hoogtepunt in de carrière van een Kamerlid. Wie een wet op zijn naam schrijft, behoort tot de parlementaire top.

Hoeveel initiatiefwetsvoorstellen hij heeft ingediend, eventueel met andere Kamerleden? Joël Voordewind (ChristenUnie) moet er even over nadenken. De Veteranenwet (als één van de indieners) is er net door. De strafbaarstelling van genocide-ontkenning loopt. Een wetsvoorstel voor de verhoging van de alcoholleeftijd naar 18 jaar is in de maak. En binnenkort (samen met PvdA'er Diederik Samsom) de verdediging van het voorstel om asielkinderen na acht jaar verblijf in Nederland een verblijfsvergunning te geven.

Dezelfde vraag stellen we aan Kamerlid van GroenLinks Ineke van Gent. Het zijn er vier. Wijziging van de Wet personenvervoer, wetswijziging om flexibel werken te bevorderen, een plan om de huurbescherming te verbeteren en haar inmiddels bekende voorstel tot een vaderverlof.

Twee Kamerleden die naast hun gewone parlementaire werkzaamheden ieder vier initiatiefwetsvoorstellen van de grond moeten zien te krijgen. Geen sinecure. Een wetsvoorstel door de Kamer aanvaard te krijgen, vraagt van de politicus veel energie, juridische kennis, creativiteit, incasseringsvermogen, diplomatie en behendigheid, terwijl een goede afloop niet gegarandeerd is. Van Gent: "Het kost veel energie, maar een voorstel door de Kamer krijgen is de hoofdprijs." Of zoals oud-collega Boris Dittrich (D66) het formuleert: "Een hoogtepunt in de carrière van een politicus." De directeur van Human Rights Watch in New York stond in zijn tijd als Kamerlid bekend als een slim en behendig politicus, die - als het moest - ook de publiciteit wist te bespelen. Vier spraakmakende wetten wist hij binnen te halen: spreekrecht voor slachtoffers en nabestaanden in de rechtszaal, een anti-stalkingwet, het schrappen van de verjaringstermijn voor moord en de instelling van de vaste boekenprijs.

Hij moest er jarenlang voor knokken. Dittrich: "Het is werkelijk een hels karwei, maar wel het meest inspirerende wat ik heb gedaan in de ruim twaalf jaar dat ik Kamerlid was. Als je iets wilt veranderen, krijg je de gevestigde orde tegen je. De regering wil het niet, anders nemen ze je voorstel wel over, je collega's gunnen het je niet. Jaloezie speelt zeker een rol. Het is een lang proces om in de eerste plaats je collega's in de fractie mee te krijgen, vervolgens draagvlak te vinden onder collega's uit andere fracties van de oppositie en coalitie. Meestal duurt het jaren om een meerderheid te krijgen. Het is knokken en duwen, waarbij je ook nog eens van collega's het verwijt krijgt mediageil te zijn omdat je de publiciteit zoekt."

Voor Khadija Arib (PvdA) duurde het tien jaar voordat zij haar wetsvoorstel voor een kinderombudsman aanvaard kreeg. "Ik moest door een muur heen breken. De diverse ministers wilden het niet, coalitiepartijen wilden het niet. Regeringen vielen. Politieke verhoudingen veranderden. Het bijzondere is dat na die jaren het voorstel toch unaniem aanvaard werd. En inmiddels is de kinderombudsman niet meer weg te denken. Trots ben ik er zeker op. Kinderen kunnen niet stemmen, ze kunnen niet lobbyen. Via de ombudsman is er nu een onafhankelijk orgaan voor ze, een luis in de pels."

Een initiatiefwetsvoorstel erdoor krijgen, is voor een Kamerlid een proces van vallen en opstaan. Joël Voordewind zit in zo'n proces als het gaat om zijn voorstel de smalende ontkenning van genocide strafbaar te stellen. "Je moet de tijd een beetje mee hebben. Als dat niet zo is, dan leg je het weer even op de plank." Zijn fractie is er al vanaf 2006 mee bezig. Zijn voorganger Tineke Huizinga diende het voorstel in, hij nam het over. Maar Voordewind moet opboksen tegen een meerderheid in de Kamer die zijn voorstel een beperking van de vrijheid van meningsuiting vindt. "Nee, dat maakt het niet makkelijk. Je maakt weer eens een belronde. Je praat met collega's van andere fracties. Ik hoopte op steun van de PVV, vanwege hun steun aan Israël. Maar Geert Wilders is net vrijgesproken met een beroep op de vrijheid van meningsuiting. Dus dan ligt steun aan mijn voorstel gevoelig. Daarom is geduld een schone zaak. Vooral geen haast hebben. Politieke verhoudingen willen nog wel eens veranderen."

Het recht van initiatief is een van de oudste parlementaire rechten. De Grondwet van 1814 bepaalde al dat leden van de Staten-Generaal het recht hadden voordrachten te doen aan de vorst, een jaar later werd dit recht verleend aan de Tweede Kamer bij de introductie van de Eerste Kamer die dit recht niet heeft. Vergeleken met de door de regering ingediende wetsvoorstellen gingen het de afgelopen jaren om circa 5 à 10 procent van het totaal aantal wetsvoorstellen dat werd behandeld door de Tweede kamer. "Met een initiatief-wetsvoorstel kunnen Kamerleden reageren op wat er leeft onder de bevolking", meent Kamervoorzitter Gerdie Verbeet. Regeringen zijn gebonden aan regeerakkoorden en zullen buiten de afspraken niet snel met voorstellen komen. Een bijzonder initiatiefwetsvoorstel was de Veteranenwet van vorig jaar, die unaniem door alle fracties in de Tweede Kamer was ingediend en in één week tijd door zowel de Tweede als Eerste Kamer werd aangenomen. Een record.

Waarom dienen Kamerleden wetsvoorstellen in? Joël Voordewind: "Sommige ideeën zijn te gecompliceerd voor een motie of wetswijziging. Dan kun je beter je plannen gieten in een initiatiefwetsvoorstel."

Khadija Arib: "Mijn voorstel voor een kinderombudsman had ik eerst per motie ingediend en die werd ook in 2001 door de Kamer aangenomen. Alleen de regering voerde de motie niet uit. Er waren allerlei bezwaren van respectievelijke bewindslieden. Uiteindelijk besloot ik er maar een wetsvoorstel van te maken. Je moet wel gemotiveerd zijn om door te zetten. Ik hoor te vaak van collega's, als een motie van hen niet wordt aanvaard: ik ga er een initiatiefwetsvoorstel van maken. Vervolgens hoor je er nooit meer iets van."

Ineke van Gent kan kampioen indiener van wetsvoorstellen worden genoemd. Ze heeft er twaalf ingediend sinds 2000, die overigens niet allemaal de eindstreep haalden. "Jammer, maar helaas. Met een wetsvoorstel geef je het politieke signaal af dat je een onderwerp heel belangrijk vindt. Een voorstel maakt wat los, het creëert gedoe. Er ontstaat maatschappelijke discussie. Daarnaast is het voor iemand in de oppositie een mogelijkheid om toch iets voor elkaar te krijgen."

Over motivatie moet Van Gent zeker beschikken. Haar initiatief voor tien dagen babyverlof voor vaders uit 2007 behaalde drie jaar later geen meerderheid. Ze slikte haar verlies en probeert nu een meerderheid te krijgen voor een vaderverlof van vijf dagen. "Dat was echt jammer. Vanuit de samenleving kregen we positieve signalen. Maar je moet er niet chagrijnig van worden. Als de deal vijf dagen is, dan doe ik dat toch."

Bijzonder is dat Kamerleden combinaties zoeken voor meer draagvlak. Die kunnen soms onwaarschijnlijk zijn, zoals het initiatief van SP/SGP voor inperking van de koopzondagen. Zo zijn er tal van tijdelijke vormen van samenwerking geweest, ook veelvuldig tussen fracties van coalitie en oppositie, om wetsvoorstellen door de Kamer te krijgen. Maar doorgaans dienen Kamerleden van de oppositie er gemiddeld meer in dan leden van de coalitie. Van Gent: "Als je in de coalitie zit, zijn de lijnen naar ministers korter en zijn ministers ook toeschietelijker. Wij van de oppositie moeten tegen de stroom in, maar dat motiveert ook."

Het grootste probleem voor een Kamerlid is tijd en juridische kennis. Over het algemeen zijn het vooral medewerkers van de Kamerleden die de wetsvoorstellen schrijven. Ze krijgen daarbij ondersteuning van juristen van de Tweede Kamer en eventueel ambtenaren van ministeries. Dittrich: "Mijn voordeel was dat ik als oud-rechter beschikte over veel juridische kennis en ervaring. Ik kon veel zelf doen, dat scheelde enorm. Anders ben je van anderen afhankelijk."

Het moeilijkste vond Boris Dittrich niet het schrijven van de wet, maar de verdediging ervan in de Eerste Kamer. "Daar voelde ik me als een feut van een studentenvereniging die door de mangel gehaald moest worden. Dat was altijd heel zwaar."

Geduld vereist bij indienen wetsvoorstellen
Tot eind vorig jaar liepen er in totaal 69 initiatiefwetsvoorstellenbij de Tweede Kamer. Inmiddels zijn er dit jaar alweer enkele aangekondigd of al ingediend. Vorig jaar werden er 14 ingediend, in 2010 waren dat er 8, tegen 6 in 2009. In 2006 waren het er zelfs 23. In vergelijking met de stroom wetsvoorstellen van de regering is het uiteindelijk maar een fractie, gemiddeld zo'n 5 à 10 procent van de wetsvoorstellen die in totaal bij de Kamer worden ingediend. Tijdens de acht regeringsjaren van premier Balkenende werden er in totaal 81 ingediend, in de acht paarse jaren daarvoor (1994-2002) in totaal 55. In de periode 1945-1968 werden slechts tien voorstellen aanhangig gemaakt. Toen de SGP'er Van Rossum in 1968 met succes een initiatiefwetsvoorstel door het parlement had geloodst, was dat het eerste sinds 1932, zegt Bert van den Braak, van het Parlementair Documentatie Centrum. Initiatiefwetsvoorstellen liggen soms jaren bij de Tweede Kamer. Het oudste nog lopende dateert uit 1998 van Paul Rosenmöller (GroenLinks), Jeltje van Nieuwenhoven (PvdA) en Bert Bakker (D66) voor differentiatie van arbeidstijden en deeltijdwerk. De Kamerleden hebben allemaal de politiek verlaten, maar het voorstel ligt er nog steeds. In het verleden haalde ruwweg twee derde van de ingediende voorstellen de eindstreep niet, maar in de afgelopen tien jaar is die kans veel groter geworden, tot bijna de helft. Net zoals het aantal ingediende moties, schriftelijke vragen en spoeddebatten fors is gestegen, geldt dit ook - in mindere mate - voor initiatiefwetsvoorstellen.

Opmerkelijke intiatiefwetsvoorstellen
Het kinderwetje van Samuel van Houten (1874)

Invoering vrouwenkiesrecht (1919)

Verlaging kiesgerechtigde leeftijd (1972)

Regeling pensioenbreuk (1991)

Kaderwet volwasseneneductie (1989)

Afschaffing filmkeuring voor volwassenen (1977)

Verbod op kraken van woningen (2010)

Verbod op seks met dieren (2010)

Spreekrecht voor slachtoffers en nabestaanden in rechtszaken (2005)

Raadplegend referendum over Europese Grondwet (2005)

(bron: Parlementair Documentatie Centrum)

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden