Opinie

’Eh noh man, ik wil ook dood!’, zegt Sietje als de zwaan op tragische wijze sterft.

Er is een verschil in leeftijd, maar verder onderscheiden de vier dansers van Het Nationale Ballet (HNB) zich weinig van de veertien middelbare scholieren en vijf mbo-studenten uit de Bijlmermeer, grotendeels van Surinaamse of Antilliaanse afkomst. Zo samen in een studio van het Amsterdamse Muziektheater, is het één bonte parade van afhangende broeken, bandana’s, ’bling bling’, ontblote navels en hiphopmutsjes.

HNB-danser van Brits/Pakistaanse origine Iqbal Khawaja, („Ik ben zelf ook bruin”) stroopt zijn mouwen op als de eerste doorloop van ’Zwanenmeer Bijlmermeer’ gaat beginnen. Drie giechelende meisjes kijken schalks naar de stoere tattoo op zijn arm. Door regisseuse Nita Liem worden de ’ladies’ streng tot de orde geroepen.

Het Muziektheater, residentie van Het Nationale Ballet, „Groot bolwerk”, volgens Liem, en de Amsterdamse wijk Bijlmermeer: met de metro nog geen kwartiertje van elkaar verwijderd, maar als twee ’werelden’ hadden ze niet verder van elkaar af kunnen liggen. En inderdaad: nog nooit was Het Muziektheater zo ’gekleurd’ als de komende dagen ’Zwanenmeer Bijlmermeer’ in de Grote Operastudio wordt opgevoerd, terwijl Rudi van Dantzigs versie van de Petipa/Tsjaikovski-balletklassieker in de grote zaal onlangs is ’uitgedanst’. Het Amsterdamse balletgezelschap wilde met deze ’schaduwversie’ van ’Het Zwanenmeer’ een aansluiting genereren tussen de Amsterdamse jeugd die voor driekwart geen westerse oorsprong heeft, en de traditionele westerse kunstvorm ballet.

Als kennismaking met het ’Groot bolwerk’ bezochten de na audities verkozen Bijlmerscholieren van veertien tot zestien jaar, de première van het oorspronkelijke ’Zwanenmeer’. „Ontzettend saai”, oordeelde scholiere Chavella Overman (15), zoals bijna alle scholieren met haar over het ’ballet der balletten’. „Ik heb lekker liggen slapen.”

Voor Nita Liem, artistiek leidster van danstheatergroep Don’t Hit Mama, die door HNB werd gevraagd deze Bijlmerversie te maken, werd duidelijk dat het een hele toer zou worden beide werelden te verenigen, zoals de opdracht vanuit HNB luidde. „Ik dacht even: ’wat nu?’. Ik besloot dat deze versie letterlijk moest gaan over een ontmoeting tussen mensen uit zulke verschillende werelden. Hoe ze op elkaar reageren en zich tot elkaar verhouden.”

HNB-danser Iqbal Khawaja, woonachtig in de Amsterdamse grachtengordel, kende de Bijlmermeer uit verhalen, maar was er zelf nog nooit geweest. De Bijlmerscholieren namen de vier door HNB geselecteerde dansers onder leiding van Nita Liem daarom mee op een ’Bijlmer Puzzeltocht’. Khawaja: „We kregen de opdracht ergens de ’go-away-evil-spray’ te kopen, een middel om je huis van kwade geesten te ontdoen. Dat bracht ons bij die typische Bijlmerwinkeltjes waar je voodoospulletjes kunt krijgen. Als het was gelukt kregen we een Surinaamse Bara-snack. Grappig, maar het belangrijkste was dat op deze manier het ijs werd gebroken, er ontstond echt contact.”

Zo bleek danseres Wendy Paulusma helemaal niet ’bekakt’, zoals het Bijlmervooroordeel eerst over ballerina’s luidde en Iqbal Khawaja was ’cool’ in plaats van een nuffig balletmietje. Terwijl de dansers op hun beurt de Bijlmer als heel gemoedelijk ervoeren. „Bij een getto stel ik me toch heel iets anders voor”, zegt Khawaja.

Zo werd het project voor alle deelnemers een confrontatie met de eigen vooroordelen. In aanloop op de repetities praatte Liem en haar medewerkers uitgebreid met de scholieren en die gesprekken zijn in een geluidsband in de voorstelling gemonteerd. Chavella Overman: „De Bijlmer is heel rustig. Ga eens naar Arnhem op een zaterdagavond!” Danser Iqbal Khawaja toonde video’s van balletten waar hij in danste, maakte de scholieren deelgenoot van zijn leven als danser. Liem: „Er groeide respect voor ballet als discipline, het ontsteeg een oppervlakkig idee als ’wat zielig voor die balletmeisjes dat ze geen tieten hebben’.”

Prins Siegfried uit ’Het Zwanenmeer’ werd in ’Zwanenmeer Bijlmeer’ Sietje, die zegt ’Eh noh man, ik wil ook dood!’ als de zwaan Odette –- Otje in deze versie - op tragische wijze sterft. Liem: „Maar het verhaal wordt in sneltreinvaart op zeker moment door een scholier in Bijlmer-slang vertelt, van het oorspronkelijke verhaal is op een knipoog hier en daar, verder weinig overgebleven. De magische aspecten, een prins die verliefd wordt op een zwaan, staan veel te ver van de Bijlmerjeugd af. De universele thema’s resteerden: keuzes maken, idealen, dromen, uitbreken en vrijheid vinden.”

’Het Zwanenmeer’ (1895) kwam tot stand in de late Romantiek, waarin het gebruikelijk was verschillende werkelijkheden tegenover elkaar te stellen. Dood tegenover leven, alledaagsheid tegenover exotisme. Nita Liem: „In ’Zwanenmeer’ is er sprake van een feest waar verschillende werelden, die van de aristocratie en die van boeren, samenkomen. In die zin paste dat romantische gegeven perfect in de ontmoeting tussen de professionele klassieke balletdansers en de jongeren uit de Bijlmer die verschrikkelijk veel van streetdance houden. Met de ondergrondse, de metro, als verbinding die beide werelden samenbrengt, is ’Zwanenmeer Bijlmermeer’ dan ook één groot ’underground’ dansfeest geworden.”

„Chillen met die billen!”, klinkt luid door de studio. De muziek van Tsjaikovski zwelt aan en Iqbal Khawaja lift Wendy Paulusma door de ruimte. Als de muziek wordt ’gestoord’ door hiphop- en elektroklanken, roeren de twee aan de zijlijn opgestelde groepen scholieren zich als ’freestylend’ dansend door het tafereel. In een heuse ’hiphop battle’ ’dissen’ ze elkaar: „No time for bitches”, dagen ze elkaar uit. De bekende Tsjaikovski-deun is weer te horen, gaat over in de heftige percussie van kabula-muziek. Het speelvlak verandert in één groot eclectisch dansfestijn van streetdance-stijlen en klassiek ballet. Bubbling-billen versus uitgedraaide voeten, arabesk contra breakdance-’freeze’. Schoorvoetend ’proberen’ de kids de poses van de dansers uit, de dansers laten de sidderende bewegingen uit de popping streetdance-stijl – eerst aarzelend, dan trefzeker – door hun lichaam glijden.

Nita Liem: „In ’Zwanenmeer Bijlmermeer’ houden we ons verre van een moralistische strekking; we gaan de dialoog aan. Buiten Nederland bestaat de traditie van ’community art’. Daar gaan solisten van balletgezelschappen echt de wijken in. In Nederland zijn theatergezelschappen actief die in buurthuizen van de Bijlmer stukken over slavernij opvoeren, hoe erg het allemaal wel niet was. Dat is preken voor eigen parochie en houdt slachtofferschap in stand. Met het slaan van een brug tussen werelden verbreed je de horizon.”

Scholiere Chavella Overman kende klassiek ballet alleen van televisie en moest er aanvankelijk niets van weten. „Ik vond het lelijk. Hoe ze hun armen zetten!” Maar tijdens de voorbereidende workshops betrapte ze zich erop dat het begon te trekken. „Dan bewoog ik als vanzelf mee.”

Ze kan nu al treurig worden bij de gedachte dat het na de voorstellingen in Het Muziektheater voorbij is. „Ga het echt missen, man.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden