EGYPTE

AMSTERDAM - De Egyptische hoofdstad Cairo lijdt, met zijn vijftien miljoen inwoners samengepropt op de oppervlakte van Amsterdam, onder talloze problemen. Maar met de misdaad valt het mee.

EILDERT MULDER

Het heeft te maken met de overbevolking, die twee gunstige effecten heeft voor de veiligheid op straat: de sociale controle is sterk en er is meer politie op straat. Voor dat laatste is het niet nodig om relatief meer agenten te hebben. Cairo heeft ongeveer 20 maal zoveel inwoners als Amsterdam, maar het oppervlak is gelijk. Dat betekent dat, als je ook 20 maal zoveel agenten hebt, je veel meer uniformen op straat ziet.

De vele agenten, en ook de mentaliteit van de mensen op straat, die eerder dan in Nederland bij een ruzie of een overval tussenbeide komen, waarborgen een redelijke veiligheid voor de toevallige voorbijganger. Voor Egyptenaren is het onvoorstelbaar dat mensen de andere kant opkijken als onverlaten iemand beroven. Bij een ruzie vechten soms buitenstaanders om de eer als eerste tussenbeide te mogen komen.

Zeker, de maatschappelijke betonrot heeft de afgelopen 20 jaar ook in Egypte toegeslagen. Het drugsgebruik is enorm toegenomen, en een aantal jaren geleden deed zich een drama voor dat alle codes schond: een verkrachting op een busstation, waarbij het publiek niet ingreep. Diepe indruk ook maakte de moord van een vrouw op haar man. Ze sneed hem in kleine stukjes en dumpte de resten op een vuilnisbelt. Vooral Egyptische mannen zijn ervan overtuigd dat die moordenares sindsdien school heeft gemaakt.

Toch is Cairo relatief veilig gebleven, zeker in vergelijking met Europese of Amerikaanse grote steden. Doden vallen in Egypte vooral bij bloedvetes tussen familieclans, of bij afrekeningen tussen mafiabendes, duizenden per jaar. Maar dat is, voor het gevoel van veel mensen, meer zoiets als oorlog vermengd met folklore, geen misdaad. En het gebeurt vooral in het zuiden van het land. Egyptenaren konden zich daarom wiegen in de troost dat hun land dan wel arm was, maar minder smeerlapperij kende dan de verdorven westerse wereld. Daarom komt het zo hard aan dat er nu ook in hun land een heuse seriemoordenaar is opgepakt. 's Lands wijs, 's lands eer. Egyptes bloedvergieter is niet, zoals veel van zijn Angelsaksische soortgenoten, een seksmaniak, en evenmin een wapenfetisjist. Het is een keurige boomkweker en groothandelaar in fruit, met, zoals veel Egyptenaren, nu en dan geldproblemen. Tijdens een persconferentie vertelde begin deze week Moestafa Abd Al-Rahim Osman hoe hij in 1989 voor het eerst een oplossing voor die financiële zorgen had gevonden. Die oplossing, die hem op één lijn heeft geplaatst met andere massamoordenaars, herhaalde hij sindsdien, voorzover bekend, zeven maal.

“Ik deed het om mijn acht kinderen en mijn vrouw in leven te houden”, legde Osman uit. Hij werkte op de reusachtige veiling in de wijk Rood Al-Farag, die grote en kleine handelaars uit het hele land voorziet van groente en fruit. In een dorp even buiten Cairo had hij een boomgaard. Als de geldzorgen hem boven het hoofd groeiden nodigde hij een klant uit voor een bezoek aan het platteland. Nadat hij hem of haar vorstelijk had onthaald bood hij een drankje aan met een verdovend middel, waarna hij het slachtoffer wurgde of verbrandde.

Vervolgens stal hij geld en sieraden. Eenmaal gebruikte hij de vingerafdruk van een van zijn slachtoffers, een vrouw van wie bekend was dat ze analfabeet was, als ondertekening voor een cheque. Daarmee haalde hij zo'n achtduizend gulden van haar rekening.

Osman vermoordde vier vrouwen en vier mannen. De ongelukkigen waren groothandelaars in fruit of rijke kennissen. Na de eerste maal, in 1989, zwoer hij dat hij nooit meer iemand om zou brengen, zo vertelde hij de journalisten. Hij deed die eed tot 1994 gestand, maar daarna was het hek van de dam. Zijn laatste slachtoffer was een vrouw. Zijn hebzucht werd hem noodlottig. Hij vermoordde een vrouw en stuurde vervolgens aan haar familie uit haar naam een telegram, dat ze een groot geldbedrag aan hem moesten geven. De familie waarschuwde de politie.

Tijdens de persconferentie benadrukte Osman dat hij na een moord altijd erg moest huilen. Pas wanneer hij zijn gevoelens weer in bedwang had begon hij zijn speurtocht naar geld en juwelen. Waarbij hij niet vergat zorgvuldig alle edelmetaal uit de gebitten te verwijderen, zoals een politie-officier het relaas van de moordenaar toelichtte.

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden